Verdonk wil graag vice-premier worden

Minister Rita Verdonk (nummer twee op de kandidatenlijst van de VVD) wil na 22 november kandidaat voor het premierschap worden namens haar partij. Dat zei Verdonk gisteren op een VVD-bijeenkomst in Leiden.

Verdonk gaat er vanuit dat ze, als de VVD weer met het CDA gaat regeren, vice-premier zal worden, zei ze vanmorgen op Business Nieuws Radio. „Mark Rutte zal als partijleider in de Kamer blijven. Als we niet gaan meeregeren wordt ik vice-fractievoorzitter. Gaan we wel meeregeren, dan wordt ik vice-premier”, zei Verdonk.

Gisteren kreeg Verdonk de vraag voorgelegd of ze „alstublieft de eerste vrouwelijke premier van Nederland wil worden”. Verdonk: „Ik heb in de lijsttrekkerstrijd met Mark Rutte gezegd dat ik het wilde. De kans daarop is nu heel klein, gezien de peilingen. Maar je had vroeger een televisieprogramma, Meneer Kaktus. Daar liep een mevrouw rond die zei: ‘De tweede ronde’. Laten we het daar maar op houden.”

Oud-VVD-leider Frits Bolkestein zei dat Verdonk „zonder twijfel een goede liberale premier” zou zijn. Hij voegde eraan toe dat er meerdere goede kandidaten zijn in de VVD en dat de kwestie „nu weinig realiteitsgehalte” heeft.

Enkele VVD-leden willen dat de partij Verdonk nu al als kandidaat naar voren schuift. Zo zou de VVD toch de drie zetels kunnen winnen die zij volgens opiniepeiler Maurice de Hond had gekregen als Verdonk lijsttrekker was geweest. Rutte heeft aangekondigd hoe dan ook in de Kamer te zullen blijven na 22 november.

Rutte en Verdonk vinden het gezien de peilingen niet opportuun nu over een liberale kandidaat-premier te spreken. „Dat zouden de kiezers maar arrogant vinden”, zei Rutte al eerder. Een woordvoerder van Rutte zegt dat de premiersvraag niet aan de orde is nu. „En als we in 2010 opnieuw een strijd krijgen over wie de lijsttrekker wordt, dan zien we wel. Tot die tijd is Rutte de leider van de VVD.”

Bolkestein hield de liberalen voor dat zij rekening moeten houden met een paar jaar oppositie voeren na de verkiezingen. Hij sprak zijn afkeer uit van een grote coalitie (van CDA en PvdA), maar achtte de kans daarop aanwezig. „Als we in de oppositie komen, dan kunnen we de batterijen opladen.” Volgens hem moet de VVD „niet bang zijn voor de oppositie, zeker tegenover een kabinet dat fouten maakt is het prijsschieten”.