Mini & Maxi zijn gedroomde Sunshine Boys

Voorstelling: The Sunshine Boys, van Neil Simon, door Interpresario. Regie: Jos Thie. Gezien 11/11 Schouwburg Leiden. Tournee t/m 26/5. Inl. 070-3557265, www.interpresario.nl

„Ik heb hem elf jaar niet gezien en twaalf jaar niet gesproken”, roept de oude revuekomiek over de man die veertig jaar lang zijn vroegere aangever is geweest. Zo zeer hebben die twee mannen elkaar gehaat dat ze het laatste jaar geen woord meer hebben gewisseld - behalve als ze op het toneel stonden, natuurlijk. Maar opeens is er een lucratief verzoek van een tv-show: of ze nog één keer zo’n kluchtige sketch van vroeger willen spelen. Dat is een dilemma; de komiek wil dolgraag een comeback maken, maar alles liever dan met zijn compagnon. Er zal heel wat moeten gebeuren voor die twee weer naast elkaar staan.

The Sunshine Boys, het komische meesterwerk van de Amerikaanse scenarist Neil Simon, werd in 1976 onvergetelijk verfilmd met de ruziënde Walter Matthau en George Burns. De laatste Nederlandse opvoering is van 1993, toen John Kraaykamp en Eric van der Donk de hoofdrollen speelden. En nu zijn Karel de Rooij en Peter de Jong ermee op tournee - als vanzelfsprekend, want zij vormden ruim dertig jaar lang het duo Mini & Maxi. Het grote verschil is alleen dat Mini & Maxi al die tijd excelleerden in visueel variété en zelden een woord zeiden. Pas toen ze twee jaar geleden vertederden met Wachten op Godot, hadden ze voor het eerst veel tekst.

Iets van hun mimische verleden is in deze voorstelling nog wel te zien. De kribbige loopjes van De Rooij, de manier waarop De Jong het onderste uit een bijna leeg koffiemelkkannetje tracht te halen, en een stilzwijgend gevecht over de plek waar de stoelen voor hun sketch moeten staan, herinneren aan de beste scènes uit hun vroegere shows. Maar ook verbaal maken ze een fenomenaal nummer van deze rancuneuze mannen, wier onderlinge ergernissen door Simon met zo veel raffinement werden geschreven. Ze zijn kribbig, wedijverig en onzeker, terwijl ze met hun geroutineerde komedianten-intuïtie heel goed weten dat ze goud in handen hebben. Al die facetten laten De Rooij en De Jong tot in de kleinste finesses zien.

En als ze ten slotte toch een stukje van de sketch spelen, is onmiddellijk geloofwaardig dat ze ooit een echt groot revueduo waren. De Rooij geeft zijn stem net zulke hoge uithalen als Willy Walden in de Snip & Snap-revues, terwijl De Jong dezelfde zotte wanhoop vertoont als Piet Muyselaar. Die associatie wordt nog verder versterkt door de kleurrijke vernederlandsing van Ger Apeldoorn en Harm Edens, die ook in 1993 al goede diensten bewees. Mirjam Grote Gansey liet een perspectivisch vertekend fotodecor bouwen, dat mooi meewerkt om de voorstelling een absurdistisch extraatje te geven.

In zijn zorgvuldig gedoseerde regie zorgt Jos Thie dat de spanning nooit helemaal wordt weggelachen, wat ook blijkt uit het scherpe oog voor details in de kleinere rollen. Zo is Sander Commandeur, als de neef die de reünie in gang zet, de straight man die De Rooij en De Jong de ruimte geeft om de Sunshine Boys te zijn. Het kan niet anders of zij staan daarmee, na 30 jaar Mini & Maxi, aan het begin van een nieuwe carrière.