Lastige taak voor Eufor in Kinshasa

Kinshasa, 14 nov. - Het verkiezingsgeweld in Congo dreigt in de hoofdstad te ontaarden in een burgeroorlog tussen bandeloze milities, regeringssoldaten en boze bewoners; de behoefte aan een betrouwbare vredesmacht om escalatie te voorkomen lijkt groot. Toch is de EU niet van plan om het mandaat van zijn vredesmissie Eufor in Congo te verlengen. De Duitse minister van Defensie Franz Josef Jung zei gisteren dat er „geen noodzaak” is langer te blijven. Dat laatste is nog maar de vraag.

„Het zijn spannende tijden in de Congolese hoofdstad”, beaamt Bernard Wulfse, hoofd van het Nederlandse infanterie peloton in Kinshasa. „Er is maar heel weinig nodig om onlusten te ontketenen waarbij veel geweld wordt gebruikt. Maar we zijn er klaar voor.” Van de 2.300 Europese soldaten voor Congo patrouilleren er 1.400 in de straten van Kinshasa, 39 van hen zijn Nederlanders, de overige soldaten van de Europese troepenmacht worden achter de hand gehouden in Gabon. De soldaten beschouwen zichzelf als brandweermacht: wanneer de militairen van de Verenigde Naties (MONUC) de situatie niet meer aankunnen, grijpen zij in. Dat gebeurde afgelopen zaterdag en in augustus, toen gewapende aanhangers van de twee presidentskandidaten Jean-Pierre Bemba en Joseph Kabila hevige vuurgevechten leverden in de straten van de hoofdstad.

„Het is een heel moeilijke opdracht,” vertelt Wulfse, „om op te treden in een stad met vele gewapende troepen”. De Europese soldaten werden niet met gejuich door de bevolking binnengehaald. „Toen we in juli arriveerden wantrouwden de inwoners ons, het heeft ons veel moeite gekost om uit te leggen wie we zijn.” In Kinshasa heeft oppositiekandidaat Bemba veel aanhang en de Kinois zijn er van overtuigd dat de VN en Eufor Kabila aan de macht willen brengen. Verder zouden ze alleen naar Congo zijn gekomen om landgenoten eventueel te evacueren. In werkelijkheid staat het mandaat van Eufor dat niet toe.

Een tijdelijke omslag in hun aanzien kwam in augustus toen na de eerste rond de Presidentiële Garde het huis van Bemba aanviel. „Wij moesten Bemba in zijn huis tegen de Garde beschermen en dat gaf ons aanzien.” Die populariteit duurde kort. „Tijdens onze rondes met gewapende voertuigen door de stad werden we de afgelopen dagen met stenen bekogeld door burgers, er bestaat toenemende agressie tegen ons”, zegt Wulfse.

Het gevaarlijkste moment is vermoedelijk deze week wanneer de overwinning van Kabila wordt bekendgemaakt. Maar het kritieke punt is daarmee niet gepasseerd, want de inhuldiging van de nieuwe president is pas op 10 december. Dan hebben de Europese troepen hun biezen al gepakt.