Duitse, Finse en Nederlandse soldaten in Europese ‘battlegroup’

De Europese Unie krijgt vanaf 1 januari de beschikking over snel inzetbare militaire eenheden. Nederland zal samen met Duitsland en Finland vanaf die datum voor een periode van zes maanden troepen leveren.

Tijdens een vergadering van de Europese ministers van Defensie in Brussel is gisteren geconstateerd dat niets de vorming van deze battlegroups nog in de weg staat. De bedoeling is dat de speciaal geselecteerde militairen bij calamiteiten snel over de hele wereld kunnen worden uitgezonden. Snel betekent in dit verband binnen twee weken.

In principe zullen de snelle eenheden worden ingezet voor operaties buiten de Europese Unie die worden uitgevoerd op verzoek van de Verenigde Naties. Voorbeeld van zo’n activiteit is het toezicht op verkiezingen, zoals dit momenteel gebeurt in Congo. De kosten komen voor rekening van de landen die de ‘battlegroup’ vormen.

Het gaat om acties die niet langer dan dertig dagen duren. Als dat nodig is, kan de uitzending verlengd worden tot 120 dagen. De EU-ministers moeten beslissen of er troepen worden uitgestuurd. Daarnaast zullen de regeringen van de troepenleverende landen met de missie moeten instemmen.

De militairen die ter beschikking worden gesteld blijven gewoon gelegerd op hun kazernes. Alleen als er daadwerkelijk sprake is van een operatie komen zij bij elkaar. Wel wordt er zo nu en dan samen geoefend. Nederland zal in de eerste helft van 2010 opnieuw aan een ‘battlegroup’ meedoen.

Voor de eenheid die op 1 januari begint heeft Nederland 800 militairen klaarstaan. De EU streeft ernaar telkens twee eenheden paraat te hebben. De andere groep wordt volgend jaar gevormd door Franse en Belgische militairen.