‘Je weet, je beslist over levens’

Er wordt te veel naar militaire oplossingen gekeken voor Afghanistan, vindt GroenLinks-Kamerlid Farah Karimi. Ze wil de missie ‘heroverwegen’.

Op de wc in de Utrechtse bovenwoning van scheidend Kamerlid Farah Karimi (GroenLinks) hangt aan de toiletrol een trekpop van de eergisteren ontslagen Amerikaanse conservatieve minister van Defensie Donald Rumsfeld. „Grapje”, lacht Karimi beminnelijk. Anders dan een flink deel van haar linkse achterban heeft Karimi geen last van anti-Amerikaanse sentimenten. ‘Ik heb de VS aanvankelijk het voordeel van de twijfel gegeven’, schrijft ze in haar boek, Slagveld Afghanistan, dat vandaag verschijnt. Op deze dag is het vijf jaar geleden dat de strijders van de Noordelijke Alliantie de Afghaanse hoofdstad Kabul heroverden op de Talibaan. In de vijf jaar die volgden, heeft Karimi (zelf van Iraanse komaf) zich intensief met Afghanistan bezig gehouden. Ze bezocht het land vaak en sprak veel Afghanen persoonlijk – in het Dari, dat op het Perzisch lijkt. ‘Afghanistan houdt me dag en nacht bezig’ schrijft ze in haar boek. Maar de balans na vijf jaar is wat Karimi betreft niet positief: ‘Buitenlandse militairen zijn een deel van het probleem geworden, niet de oplossing’.

U schrijft over uw ontmoetingen met Afghaanse vrouwen en hoe u persoonlijk bent geraakt door hun trieste lot. Dat sentiment deelt u met minister van Defensie Henk Kamp. Die heeft het ook over ‘Afghaanse meisjes die weer naar school moeten’.

„Ik denk dat hij dat echt meent. Maar hij gebruikt het ook om tegenstanders argumenten uit handen te slaan. Het is een truc: wilt u dan níet dat meisjes naar school kunnen gaan? Dat willen we natuurlijk allemaal wèl. Het gaat er om hoe we dat voor elkaar krijgen.”

Waarom dit boek?

„De afgelopen jaren hebben we in een steeds hoger tempo troepen uitgezonden. Ik vond dat altijd de zwaarste debatten. Je beslist over de levens van de mensen die je uitzendt, maar vooral ook over de levens van de mensen dáár. Ik vind dat je als politicus verantwoording moet afleggen over hoe je die beslissingen neemt. Maar wat ik ook in beeld wilde brengen was in hoeverre je als Nederlandse parlementariër geïnformeerd bent om dit soort besluiten te nemen.”

En?

„Er is de werkelijkheid van Den Haag. En er is de reality on the ground. Ik wilde inzichtelijk maken waar we nu staan, wat er is waargemaakt.”

Als ik uw boek daar over lees, is dat niet veel.

„In de strijd tegen het terrorisme zijn we verder van huis dan in 2001. Méér mensen zijn nu gemotiveerd om een jihad tegen het westen te voeren. In het noorden en westen van Afghanistan kán het de goede kant op gaan. Maar in het grensgebied met Pakistan is het toekomstperspectief angstaanjagend.”

Samen met de SP heeft u een motie ingediend: Nederland moet de missie in Uruzgan heroverwegen.

„Héroverwegen.”

U vindt dat we daar weg moeten?

„Ik vind dat we een heilloze weg zijn opgegaan. Dat probeer ik in mijn boek uit te leggen.”

Hoe moet het anders?

„Er wordt veel te snel naar een militaire oplossing gekeken. Toen ik het boek schreef, was het budget voor de missie 400 miljoen. Nu gaan we richting een half miljard. Maar dat geld wordt bijna uitsluitend uitgegeven aan militairen. Ik zou graag aan de regering-Karzai willen vragen: hoe zou jij dat geld uitgeven?”

Misschien zegt Karzai: over twee jaar gaan de meisjes gaan weer naar school.

„Daar maakt niemand zich illusies over: ook Kamp en Bot niet. Zo moet de missie in Uruzgan niet worden verkocht.”

U zat sinds 1998 in de Tweede Kamer. Wat gaat u nu doen?

„Ik wil iets op internationaal gebied gaan doen, vooral op het vlak mensenrechten en democratisering in het Midden-Oosten.”