‘Dit zijn onze verkiezingen niet’

De uitslag van de verkiezingen in Congo laat niet lang op zich wachten. Ondertussen neemt de spanning toe in de hoofdstad. De troepen van Kabila en Bemba zijn zaterdag slaags geraakt. „Kabila is ons opgedrongen.”

Kinshasa, 13 nov. - Na een tweede ronde van hevige gevechten in korte tijd in het centrum van Kinshasa groeit de vrees voor een burgeroorlog in de Congolese hoofdstad. „Dit is de stilte voor de storm”, zei politicus en arts Kabamba Mbwebwe gisteren toen de inwoners angstvallig binnenshuis bleven en zwaarbewapende buitenlandse troepen in de straten patrouilleerden.

Met mortiergranaten en ander zwaar geschut beschoten troepen van de twee presidentskandidaten Joseph Kabila en Jean-Pierre Bemba elkaar zaterdag op de centrale boulevard van de hoofdstad. De gevechten begonnen nadat ongewapende aanhangers van Bemba barricades oprichtten vlak bij de residentie van hun leider. Toen de politie ingreep bleken zich achter de betogers gewapende militieleden van Bemba op te houden. Troepen van Kabila’s presidentiële garde waren onmiddellijk ter plaatse. De soldaten van Bemba trokken zich terug op een begraafplaats en begonnen vandaar te vuren op Kabila’s troepen en de politie. Pas toen het geweervuur het gehele centrum overspoelde kwamen MONUC-soldaten van de Verenigde Naties in actie. Zij omsingelden de woning van Bemba en stelden zich op achter de zandzakken om hem te beschermen. Bij een gelijksoortig incident na de eerste verkiezingsronde in augustus schoten soldaten van Kabila’s presidentiële garde op Bemba’s woning en vernietigden zijn helikopter. Bij het geweld van zaterdag kwamen vier mensen om.

Gisteren handhaafden soldaten van de VN en van een speciale Europese troepenmacht Eufor de orde in de hoofdstad. Bill Swing, hoofd van de VN-operatie MONUC in Congo, voerde druk overleg met Congolese politici en buitenlandse diplomaten om een nieuwe geweldsexplosie te voorkomen. De kans op een vergelijk tussen de twee kemphanen Bemba en Kabila is echter in de ogen van vele inwoners van de hoofdstad vervlogen. „Zij of hun afgezanten hebben regelmatig onderhandeld en beloofd de uitslag te accepteren”, zei een handelaar, „en toch beginnen ze op een drukke zaterdagochtend in het hartje van de stad op elkaar te schieten. Beide zijden maken zich op voor een gevecht.”

De uitslag van de eind vorige maand gehouden tweede ronde is goeddeels bekend. Een zege van de zittende president Kabila lijkt vrijwel zeker. Het verlies van Bemba valt de meerderheid van de acht miljoen inwoners van Kinshasa zwaar. Bij de eerste ronde kreeg Kabila bijna 14 procent in de hoofdstad, dit keer het dubbele, maar nog steeds is de overgrote meerderheid tegen hem gekant. De antipathie tegen de oosterling Kabila vertaalt zich in het in het westen gelegen Kinshasa in winst voor Bemba, die overigens verder nooit grote aanhang had in de hoofdstad.

„De internationale gemeenschap heeft ons Kabila opgedrongen, want de Europeanen en Amerikanen denken onder hem beter te kunnen profiteren van Congo’s bodemschatten”, vertelde een boze winkelier. Hij drukt daarmee een algemeen gevoelen uit: dat de VN en andere buitenlanders Kabila steunen. Het anti-buitenlanders-sentiment in Kinshasa is groter dan de afgelopen jaren; een blanke in een menigte werkt als een rode lap op een stier en menig buitenlandse correspondent heeft moeten rennen voor zijn leven in de voorbije weken. De angst heeft vele rijke Congolezen en Libanezen naar het Grand Hotel gedreven vanwaar ze gemakkelijk de rivier kunnen overvaren naar buurland Congo-Brazzaville. Bankier Michel Losembe: „Ik heb contacten in beide kampen en weet wat ze van plan zijn, daarom heb ik mijn familie het land uitgestuurd.”

Dokter Kabamba Mbwebwe werkt in de armste wijken van Kinshasa en spreekt over inwoners die woedend zijn over „de manipulatie van de verkiezingen”. „Dit zijn onze verkiezingen niet”, zegt hij, „dit zijn de verkiezingen van de internationale gemeenschap.” De overgangsperiode duurde vier jaar. „Steeds als we in die periode corruptie of andere tekortkomingen van het democratiseringsproces wilden aankaarten, kregen we te horen: ‘na de verkiezingen, wacht tot na de verkiezingen’. De verkiezingen zijn nu bijna voorbij en we zitten nog steeds met incompetente politici die het spel niet volgens democratische regels willen spelen. De politieke crisis van Congo is nog even onopgelost als vier jaar geleden.”