Toezicht door Nederlandsche Bank faalde

De Nederlandsche Bank (DNB) is tekortgeschoten in het toezicht op het sinds eind 2005 failliete Van der Hoop Bankiers. Zij had al in 2004 op basis van data van de Belastingdienst een onderzoek moeten openen.

Dit schrijven curatoren R. Schimmelpenninck en H. de Haan in hun gisteren verschenen rapport over de oorzaken van het faillissement. Ook het bestuur en de commissarissen van de failliete bank en accountant Deloitte hadden moeten handelen.

Een van de belangrijkste bezwaren van de curatoren is dat zij niet goed hebben gekeken naar de financieel riskante handel in zogenoemde winstvennootschappen: vennootschappen die een belastingschuld hebben, zodat bedrijven deze schuld van hun winst konden aftrekken om minder belasting te betalen. Handelaren in deze vennootschappen blijven jegens de fiscus aansprakelijk voor deze belastingschulden.

„De potentiële schade daaruit was al in augustus 2003 bekend”, staat in het rapport. Op dat moment al, maar in elk geval toen de fiscus Van der Hoop in september 2004 liet weten dat hij de bank voor deze schulden aansprakelijk ging stellen, hadden bestuur, commissarissen, de accountant en DNB onderzoek naar de risico’s moeten doen. „En naar de integriteit van de betrokken personen.”

De curatoren schrijven voorts dat de DNB „te mechanisch” te werk ging toen zij controleerde of de kleine bank aan de financiële verplichtingen jegens spaarders kon blijven voldoen. DNB paste modellen toe voor bedrijfseconomische rapportage die onvoldoende inzicht gaven in toekomstige ontwikkelingen. Daardoor „stond Van der Hoop er slechter voor dan DNB tot 9 december 2005 (een week voor het faillissement) inschatte.”

DNB zegt in een verklaring dat het feitelijke beeld dat curatoren schetsen „in grote lijnen overeenkomt” met haar eigen beeld. Maar DNB deelt „niet alle opvattingen die in het rapport zijn verwoord”. Ook advocaat J. Lemstra van de bestuurders van Van der Hoop zegt de conclusies ,,niet te delen”.

Het rapport is voor de advocaat van een grote groep spaarders, W. van Andel, aanleiding DNB en Deloitte aansprakelijk te stellen voor hun schade. „DNB heeft in ieder geval vanaf het najaar van 2003 gefaald in haar toezicht. Toen was duidelijk dat de bank langlopende hypotheekverplichtingen niet goed kon afdekken, en daar spaargelden tegenover zette.”

Om welk bedrag het gaat, is nog niet duidelijk. In totaal had de bank bij het faillissement zo’n 160 miljoen euro aan schulden, schat van Van Andel. Rekeninghouders hebben al een uitkering van 90 miljoen euro ontvangen, en er zullen nog enkele uitkeringen volgen. „Volgens een ruwe inschatting staat straks nog voor 30 miljoen euro aan vordering open.”

De curatoren, die ook als taak hebben voor de schuldeisers op te komen, beslissen na overleg met de crediteuren of zij procedures starten tegen bestuurders of toezichthouders.