‘Rel rond Mondriaan generatieconflict’

De boze brief van de museumdirecteuren aan de Mondriaan Stichting is fout, vindt Charles Esche van het Van Abbe Museum. „Musea kunnen mensen een verse blik verschaffen.”.

Afgelopen week stuurden zeven boze directeuren van grote musea, verenigd in het zogenaamde miniconvent, een brief vol klachten naar de Mondriaan Stichting. De Stichting zou niet transparant zijn, de musea werden niet betrokken in de besluitvorming en aankoopoverleg. Aanleiding was de benoeming van Maria Hlavaljova, directeur van het Utrechtse Centrum van de Kunsten Bak, tot curator voor de Biënnale van Venetië.

Eén lid van het miniconvent tekende de brief niet: Charles Esche (1962), de Schot die twee jaar geleden aantrad als directeur van het Van Abbe Museum in Eindhoven. Esche heeft als buitenstaander een frisse, internationale blik op de structuur van het Nederlandse museumlandschap. Behalve in Schotland en Duitsland werkte Esche in zulke uiteenlopende landen als Zuid-Korea en Turkije.

Waarom heeft u de brief niet getekend?

„Omdat ik het principieel oneens ben met de strekking. Uiteindelijk draait het erom dat de museumdirecteuren vinden dat de Mondriaan Stichting alleen het geld moet doorsluizen. De Stichting heeft volgens hen geen recht op een visie op de toekomst van musea. Ik ben het daar niet mee eens, ik verwacht juist een mening. De Mondriaan Stichting werkt voor de regering en ik verwacht dat mijn regering met visie regeert. Natuurlijk kun je het met zo’n visie oneens zijn. Maar ga dan in een open discussie en begin niet over allerlei futiliteiten. Daarbij vind ik de aanleiding voor de brief fout. Het is niet alleen onhandig, maar ook moreel onjuist om over de benoemingenprocedure voor de Biënnale te beginnen op het moment dat er na tien jaar voor het eerst iemand van buiten het miniconvent wordt benoemd. En helemaal als die iemand dan toevallig ook nog een vrouw en een buitenlandse is.”

Wat is dan die omstreden visie van de Mondriaan Stichting?

„Ik zie deze hele rel als een generatiekwestie. De oude generatie kan niet leven met de visie van de Mondriaan Stichting, dat musea zich zullen moeten verhouden tot globalisering en tot de bevolkingsveranderingen in eigen land. Ik ben het met de visie van de Mondriaan Stichting eens. Ik vind dat musea een belangrijke taak hebben als het gaat om het samenleven van verschillende culturen. Musea kunnen een verse blik verschaffen. Ze kunnen mensen inzicht geven in andere culturen. Ze kunnen door vooroordelen heenbreken. Opmerkingen als die Wim van Krimpen van het Haags Gemeente Museum in de Volkskrant, dat hij geen zin had in multiculturele tentoonstellingen waar geen hond voor komt, dat hij geen belangstelling heeft voor kunst uit Sjanghai of Madagascar, zijn voor mij onaanvaardbaar. Het is terecht dat de Mondriaan Stichting die manier van denken wil veranderen. Instituten moeten uitgedaagd worden zichzelf kritisch te bekijken. Moet het Van Abbe er over vijftig jaar nog zijn? Ik hoop van harte dat het er dan nog is, maar als het zijn functie niet meer vervult, moet het weg.”

Bent u niet bevooroordeeld? U won onlangs de prijsvraag van de Mondriaan Stichting voor een goed idee om meer allochtoon publiek te trekken.

„Ik had dit ook gezegd als wij de wedstrijd niet gewonnen hadden. Ik zag die als een open competitie om geld, zoals elke subsidieaanvraag dat is. Ik ben het eens met de strategie van de stichting om al het geld voor zo'n project aan één museum te geven en niet te verdelen. Ik zeg absoluut niet dat de Mondriaan Stichting boven kritiek verheven is. Dat is zeker niet het geval. De Mondriaan Stichting heeft zijn structuren en natuurlijk, die structuren kunnen transparanter. Ik zal de Stichting zeker kritisch blijven volgen in de toekomst.”

Loopt de geldstroom in andere landen beter?

„Er zijn niet zo heel veel verschillende manieren om geld te verdelen, en de ideale manier bestaat niet. Grofweg kun je kiezen voor het democratische en het autoritaire model. In het democratische model is er vrijwel altijd sprake van experts die in opdracht van de regering het geld verdelen. De Mondriaan Stichting doet dat niet beter of slechter dan vergelijkbare instellingen in andere landen.”

Hoe bevalt u de Nederlandse overlegcultuur?

„O, Nederland is een exotische cultuur! Het poldermodel is zeer exotisch. Het poldermodel is: hiërarchie vermomd als consensus. Alle neuzen moeten dezelfde kant op, maar wel om een bevel van hogerhand te kunnen uitvoeren. Ergens heeft deze brief daarmee te maken. In Nederland kan men het daarom moeilijk met een besluit oneens zijn, maar zo’n besluit toch steunen in het belang van iets groters. Ja, Nederlanders kunnen het wat mij betreft best constructiever met elkaar oneens zijn.”