Kunsten `92

Enerzijds wordt de kunstsector gebrek aan elan verweten, anderzijds verwijten vertegenwoordigers uit de kunstsector de politiek zich schuldig te maken aan oppervlakkigheid en clichés. Stef Blok van de VVD vond in het cultuurverkiezingsdebat dat overheidssubsidie voor kunst `voor volwassen mensen` niet nodig zou moeten zijn en haalde een boek aan van de Amerikaanse econoom Richard Florida waarin economische argumenten worden aangevoerd ter rechtvaardiging van de culturele sector.

De gedachte dat kunst alleen economisch te rechtvaardigen zou zijn, is primitief en een beschaafde samenleving onwaardig. In principe heeft de kunst een intrinsieke waarde en deze valt niet in geld uit te drukken. De kunsten creëren een mentale ruimte voor reflectie en beleving, om een aantal belangrijke menselijke eigenschappen: creativiteit, innovatie, betekenisgeving en experimenteerdrift, vorm te geven en te presenteren. Deze eigenschappen zijn van het grootste belang om een tegenwicht te bieden aan een eenzijdig gebureaucratiseerde, gemechaniseerde, op praktisch nut en materiële zaken geconcentreerde samenleving: zonder een creatieve geest en de ruimte om deze stem te geven, zou de samenleving verstenen in een dode, immorele machine en zou alle materiële vooruitgang zinloos worden bij gebrek aan inzicht in de menselijke natuur, een inzicht dat nodig is om de materiële welstand zinnig te gebruiken.

Politici die hiervan geen flauw idee hebben, zouden zich moeten onthouden van uitspraken op dit gebied, die alleen maar laten zien hoe vijandig zij staan ten opzichte van een beschaafde samenleving. Als kunst een positief economisch effect heeft, is dat een bonus, een extraatje, en geen rechtvaardiging.