‘Handel roofkunst is big business’

De verkoop van Berliner Strassenszene van Kirchner deze week heeft onrust veroorzaakt bij de Duitse musea. „Doelgericht worden werken uit verzamelingen gepikt en geveild – een big business om de kunstmarkt te verlevendigen.”

Veilingmeester Christopher Burge van Christie’s bij de verkoop van Ernst Ludwig Kirchners ‘Berliner Strasserszene’ woensdag. Het doek bracht 34 miljoen dollar op. Foto Reuters Christie's auction house auctioneer Christopher Burge (R) takes bids on Ernst Ludwig Kirchner's painting 'Berliner Strasserszene' during a sale of Impressionist and Modern art at Christie's in New York, November 8, 2006. The painting sold for $34 million, a record auction price for a Kirchner work. REUTERS/Mike Segar (UNITED STATES) REUTERS

Woensdagavond werd bij Christie’s in New York een schilderij van de expressionist Ernst Ludwig Kirchner geveild. Het topstuk wisselde voor 38 miljoen dollar van eigenaar, bijna twee keer zo veel als verwacht.

De veiling van Berliner Strassenszene heeft in Duitsland een debat losgemaakt over de teruggave van kunst die ooit door de nazi’s werd gestolen en nu in Duitse musea hangt. Museumdirecteuren zien met stijgende ergernis dat kunstschatten geretourneerd worden aan destijds onteigende families om vervolgens als grondstof te fungeren voor de internationale kunstmarkt.

Het schilderij van Kirchner hing tot voor kort in het Brücke-Museum in Berlijn. Afgelopen zomer gaf de regering van Berlijn het terug aan de erfgenamen van de oorspronkelijke joodse eigenaar. De teruggave was van meet af aan omstreden. De advocaten van de familie probeerden aannemelijk te maken dat het schilderij in de jaren dertig onder dwang van de nazi’s was verkocht, het Brücke-Museum stelde dat het schilderij vrijwillig was verkocht.

Oorspronkelijk was het schilderij eigendom van de kunstverzamelaar en schoenenfabrikant Alfred Hess uit Erfurt. Volgens de Amerikaanse advocaten van de erven heeft Alfred’s weduwe Thekla het schilderij in 1931 in Zürich in veiligheid gebracht. Twee jaar later werd het bedrijf van de familie onteigend. Uit financiële nood en onder druk van de Gestapo moest de weduwe keer op keer schilderijen uit de privécollectie verkopen. Onder de marktwaarde. Voor Berliner Strassenszene zou Thekla Hess helemaal geen geld hebben gekregen.

Volgens het museum verkocht Thekla het schilderij aan de industrieel Carl Hagemann, die er ook voor zou hebben betaald. Tegenstanders van de teruggave van Berliner Strassenszene hebben deze week op het laatste moment nog een strafklacht ingediend tegen de burgemeester van Berlijn wegens verduistering om de veiling van het schilderij in New York tegen te gaan.

De regering van Berlijn koos met de teruggave van de Kirchner de zijde van de erfgenamen en achtte zich gebonden aan verplichtingen die Duitsland in 1998 is aangegaan: door de nazi’s geroofde kunst gaat terug naar de nabestaanden van de slachtoffers. De verplichting tot teruggave werd bij verdrag geregeld tijdens de zogeheten Conferentie van Washington.

Het weekblad Der Spiegel schreef deze week dat Ron Lauder, zoon van Estee Lauder en erfgenaam van haar cosmeticafortuin, een belangrijke initiatiefnemer van de conferentie over geroofde kunst was. Nu koopt Lauder de schilderijen op, aldus Der Spiegel, die dankzij die verdragen op de markt komen. In juni kocht Lauder het schilderij van Klimt Adele Bloch Bauer I, dat eerder dit jaar door Oostenrijk werd teruggeven aan een nichtje van Adele en Ferdinand Bloch Bauer. Woensdagavond, kocht hij het omstreden Berliner Strassenszene. De veiling heeft daarom, aldus Spiegel Online een „bittere bijsmaak”. De schilderijen zijn straks overigens te zien in de ‘Neue Galerie’ aan Fifth Avenue, waar Lauder een collectie Oostenrijkse en Duitse kunst uit de jaren twintig van de vorige eeuw toont.

De discussie over Berliner Strassenszene heeft grote onrust veroorzaakt in de Duitse museumwereld. Michael Eissenhauer, voorzitter van de Duitse Bond voor Musea, vermoedt dat kunsthandelaren een complot hebben gesmeed. Voor hem is de veiling van Christie’s een ramp. „Waar iedereen bang voor wordt nu bevestigd”, zei hij deze week tegen persbureau ddp. „Doelgericht worden werken uit publieke verzamelingen gepikt en in een consortium van geïnteresseerde kringen bewust op de markt gebracht – een big business om de kunstmarkt te verlevendigen. Het is verbijsterend hoe goed deze markt georganiseerd is.”

Voor Eissenhauer staat niet ter discussie dat door de nazi’s onteigende kunstwerken teruggegeven moeten worden. Wel wijst hij er op dat musea niet voldoende middelen hebben om eigendomswisselingen zelf te onderzoeken. Ook wil hij bereiken dat het land van herkomst, of het museum van herkomst,het eerste recht krijgt bij het weer terugkopen van kunstwerken die men moet afstaan.

De teruggave van Berliner Strasenszene is geen incident. Eerder moest Dresden werk van Adolph Menzel teruggeven. En ook in andere steden zien musea zich geconfronteerde met advocaten die restitutie eisen. De kwestie is zo hoog opgelopen dat de Duitse minister voor cultuur de museumdirecteuren heeft uitgenodigd voor spoedberaad.