Drup, drup, daar lekt de rente

Drie Nederlandse financiële reuzen kwamen deze week met resultaten. De lage rente voedt het pessimisme. „Woorden als ‘dalen’ en ‘lager’ stonden iets te vaak in het persbericht”.

De flirt met de grens van 500 punten begon deze week steeds serieuzere vormen aan te nemen, maar de grote Nederlandse financiële instellingen maakten hier donderdag voorlopig een eind aan: geen effectenverkeer over magische grenzen deze week. Cijferfetisjisten moeten nog even geduld hebben.

Fortis, Aegon en met name zwaargewicht ING kwamen met tussentijdse resultaten die tegenvielen. ING, met een beurswaarde van 78 miljard euro na Shell het grootste bedrijf op de Amsterdamse beurs, werd op één dag 4,8 procent minder waard en trok daarmee in zijn eentje de index 4 punten naar beneden.

Wat viel er zo tegen bij de cijfers?

Dat is niet zo makkelijk te beantwoorden bij een veelzijdig concern als ING. Het bedrijf bankiert, belegt, adviseert, verzekert en handelt in effecten. Mede door de nieuwe internationale boekhoudregels (IFRS) heeft ING besloten een eigen winstbegrip te hanteren: de ‘onderliggende winst’. Deze winst ging in de maanden juli, augustus en september met 3 procent omlaag naar 1,65 miljard euro, een daling die minder scherp is dan de wettelijk voorgeschreven nettowinst die met 16 procent kelderde.

Het verschil zit vooral in een belastingmeevaller die ING vorig jaar had, maar dit jaar niet. Die uitleg is helder, maar wordt iets minder grijpbaar voor de lezer die het persbericht van vorig jaar erbij pakt. Toen corrigeerde ING ook al voor buitengewone posten en rapporteerde het bedrijf ook al een onderliggende winst. Maar de belastingmeevaller waar nu zo expliciet voor gecorrigeerd wordt, werd een jaar geleden niet zo bijzonder gevonden. De fiscale hulp stond toen niet gerangschikt onder de special items.

Bij ING ging het verzekeren beter dan het bankieren. Dat kwam onder meer door de hevige concurrentiestrijd op de Nederlandse hypotheekmarkt en een lager bedrag aan boetes dat woningbezitters betaalden bij het oversluiten van een hypotheek.

De grootste tegenwind ervaart ING van de rente. Dat probleem heeft twee facetten. Ten eerste is er de daling van de marktrente. Hierdoor stijgt de waarde van toekomstige verplichtingen. Bij ING’s bankdivisie resulteert het onder meer in een papieren verlies op een derivatenpositie van 196 miljoen euro.

Nog veel belangrijker voor ING is waarschijnlijk dat andere probleem van de rente: het kleine verschil tussen het lange en het korte tarief. De bankier leeft van oudsher van deze marge. Of je nu voor 2 jaar of voor 10 jaar geld leent, op dit moment zijn de tarieven daarvoor in de markt vrijwel gelijk, in sommige gevallen zelfs negatief (!). ING zag de onderliggende winst in het derde kwartaal bij de bank met 9 procent dalen.

De analisten van SNS Reaal vatten de situatie bij ING gisteren als volgt samen: „Woorden als ‘dalen’ en ‘lager’ stonden iets te vaak in het persbericht over de kwartaalcijfers, dus een negatieve koersreactie is begrijpelijk. Maar een daling van 5 procent lijkt overdreven.”

Bank- en verzekeringsbedrijf Fortis had het afgelopen kwartaal net als ING last van het renteklimaat, maar de problemen kwamen minder pregnant in de cijfers terug. Fortis leed net als ING een eenmalig verlies op een derivatenpositie als gevolg van de dalende rente. Schade: 76 miljoen euro. Ook bij Fortis daalde de winst van de bank, ondanks een sterke groei van de kredieten die het Belgisch-Nederlandse concern verstrekte. Fortis profiteerde in tegenstelling tot ING juist dit kwartaal van fiscale meevallers. Het concern droeg 12 procent van de winst af, terwijl het vennootschappelijke tarief een stuk hoger ligt. Net als ABN Amro liet Fortis doorschemeren ambities te hebben in Italië. Dat past in het streven om meer winst buiten de Benelux te behalen. Het percentage ligt momenteel op circa 20 en topman J.P. Votron wil dat binnen afzienbare tijd naar de 30 brengen.

Aegon was donderdag de derde financiële partije die met cijfers kwam. De verzekeraar die het op de beurs de laatste tijd duidelijk slechter deed dan ING en Fortis (zie grafiek), kwam donderdag met de beste cijfers. De winst steeg met 10 procent. Enige kanttekening: dat kwam vooral op het conto van bovengemiddelde winsten in de beleggingsportefeuille. „De winstgroei komt door 56% hogere beleggingsinkomsten (...). Het operationele resultaat (exclusief bovengenoemde beleggingsinkomsten) nam 2 procent af tot EUR 586 miljoen”, reageerden de analisten van Iris, het onderzoeksbureau van Rabo en Robeco.

Banken en verzekeraars hebben het de afgelopen twaalf maanden een stuk beter gedaan dan het marktgemiddelde. ING en Fortis groeiden bijna tweemaal zo snel in waarde dan de belangrijkste Amsterdamse beursgraadmeter. Terwijl de AEX-index circa 20 procent in waarde steeg, klommen de koersen van Fortis en ING tussen de 35 en 40 procent in waarde. Aegon bleef wat achter met circa 15 procent.

Maar de laatste maanden, de periode dat het renteklimaat voor financiële partijen met name verslechtert, levert een duidelijk ander beeld op. Dan doet ING het met zijn rentegevoelige maar snelgroeiende kantoorloze ING Direct-formule het slechter dan de concurrentie. En slechter dan de markt.