De wereld draait door, zonder Holland

Redacteur NRC Handelsblad

Jan Peter Balkenende groeit in zijn rol. Hij lacht steeds echter als hij zich in weer een tv-programma laat aaien door een vlerk met een petje op,’s morgens op 3FM uit zijn verband laat knippen in een nepgesprek met de koningin, een liter Duits tv-bier hijst, of een kaalgeschoren acteurshoofd in zijn nek laat leggen in De Wereld Draait Door.

Het enige bezwaar is dat de minister-president groeit in een rol die we kunnen missen als kiespijn. Ook in verkiezingstijd. Jeugdcultuur omhelzen en ‘de politiek’ laten wegzetten als volstrekt onbelangrijk, mag leuk en slim lijken. Het accentueert het contrast met Wouter Bos die zich niet op zijn gemak voelt in deze mallemolen van verplicht vlot doen. Maar het is een belediging van de bereidheid tot burgerschap van miljoenen Nederlanders. Het is een uiting van minachting voor de democratie.

Het groeiend succes van de minister-president, die dit voorjaar nog werd afgeschreven als een stuntel, krijgt steeds meer iets van een zoete wraak. Het is niet alleen de laatste lach van een Zeeuwse antirevolutionair en studeerkamerideoloog, het is de revolte van de provincie, Zutphen tegen Amsterdam, met een verkeerde streepjesdas winnen van alle dasloze paarse intellectuelen én de trendkids uit het mediaproletariaat.

De tv-makers die deze kijkcijferrace naar het laagste punt op hun geweten hebben, spannen ongegeneerd samen met de huiskamerconservatief die bereid is de essentie te offeren voor verlengde bewoning van het Torentje. Hebben we daar een publieke omroep voor nodig? De premier is niet kieskeurig. Volgende week zit Balkenende als gastredacteur in RTL Boulevard. Het is allemaal porno met kleren aan voor iedere kijker die een donder geeft om de publieke zaak.

En dat alles om De Macht. Maar wat voor macht is dat? Presideren over 350 kilometer file, over een land dat alle gordijnen heeft dichtgetrokken? Waar we het debat over de toetreding van Turkije overlaten aan Wilders en Eerdmans, en een nat rotje van Rutte. Waar het kabinet als een verwend enigst kind heeft gereageerd op het Nee bij het referendum over de Europese Grondwet: bokkig zwijgen, gevolgd door verbaal watertrappen. In plaats van de uitspraak te vertalen in nieuw realisme en er tegenaan te gaan.

Iedere week dat deze verkiezingsmaskerade langer duurt wordt het zwijgen over de echte wereld schrijnender. Nu zelfs de vijf jaar patriottisch verdoofde Amerikanen deze week het Irak-beleid van de regering-Bush een dreunende stem van afkeuring hebben bezorgd, terwijl Tony Blair door Irak al langer in de touwen hangt, wordt het bijna uniek hoe Balkenende en Bot zich wat Nederlands deelname aan die oorlog betreft doodleuk blijven verstoppen achter de resoluties van de Veiligheidsraad. En er mee wegkomen.

De hernieuwde oproep tot bipartisanship van president Bush en de Democratische suggestie dat nu het normale overleg met bondgenoten wordt hervat, worden als vanouds te letterlijk genomen. De rol van de neoconservatieven in het machtscentrum wordt overgenomen door ‘conservatieve realisten’ uit de school van papa Bush, maar de geest van de neoconservatieven heeft het denken van vrijwel de hele buitenlands beleidelite in de Verenigde Staten zodanig doordrenkt dat het voorlopig alleen gaat om beperken van de schade, afhechten van de oorlogswonden.

Wie in Europa denkt dat we nu weer het oude, aardige Amerika terugkrijgen dat ons raadpleegt en in onze waarde laat, heeft niet goed opgelet. De minachting voor een willoos continent met minimale economische groei en negatieve bevolkingsgroei wordt in brede kring gedeeld. Republikeinen en Democraten verschillen niet sterk van mening over het idee dat de Verenigde Staten als enige overgebleven supermogendheid de toon moeten zetten op ieder gebied, zelfs in het milieubeleid waar het land zo veel steken heeft laten vallen.

Het vereist geen diep historisch inzicht om te zien dat alleen een samenwerkend Europa op de kaart blijft staan. Of het een federatie of een volkerenbond wordt, is een gepasseerde discussie. Goed voor een scriptie. De Britten hebben hun zin gekregen, het wordt op z’n best een nauw samenwerkingsverband. Voor het zo ver is moet er nog heel veel gebeuren. Op allerlei gebieden is de interne regulering te ver gegaan, één stem in de wereld is er nog lang niet.

Europeanen zijn intussen hun oriëntatie op hun eigen continent kwijt. Er is geen gemeenschappelijk Europa-beeld. De uitbreiding met allerlei landen in zeer verschillende staat van democratische ontwikkeling heeft veel burgers overvallen. De euro was er opeens, handig op vakantie, maar duur de rest van het jaar. Het afdwingen van een vrije interne markt leidt tot zulke bizarre uitspraken als die van eurocommissaris Neelie Kroes die Nederland verbiedt toegang tot de kabel af te dwingen voor concurrenten van de kabelmaatschappijen, net zoals KPN concurrenten op zijn lijnen moet dulden. Dat laatste heeft de consument keus gegeven. Waarom mag het op de kabel niet? Een gril, Brussels betweten, betere kabellobby? Eurodictatuur.

Zo mogelijk ingrijpender is de beslissing die de Eerst Kamer dinsdag moet nemen over wel of niet opsplitsen van de elektriciteitsmaatschappijen. Het lijkt technisch en saai. Maar wie ziet hoe Poetin dreigt Europese landen uit elkaar te spelen, weet dat onze energievoorziening alleen kan worden zekergesteld als Europa met één stem spreekt. Kunnen de stroombedrijven beter in hun geheel in overheidshanden blijven, of alleen de netwerken, terwijl de handel wordt geprivatiseerd en weldra in buitenlandse handen komt?

Het zijn allemaal zaken die er toe doen. Het absurde van de Nederlandse behoefte de luiken te sluiten is dat politici die daar het best stem aan geven de kiezer suggereren dat zij zo weer greep op hun bestaan krijgen. Terwijl we in werkelijkheid alleen greep op de hoofdzaken van veiligheid en voorspoed en warmte in de winter krijgen als onderdeel van een slagvaardig Europa. De rest is illusiepolitiek, zo niet bedrog.

Zelfs in Frankrijk, waar de neiging in eigen universaliteit te geloven veel groter is, werd deze week in het afsluitende debat tussen drie kandidaat-presidenten van de Socialistische Partij, uitvoerig gesproken over de wereld, Europa en hoe het verder moet. Daar valt iets te kiezen, drie mensen, drie reflexen in buitenlandse politiek.

In Berlijn, waar volgend jaar de leiding over Europa zetelt, heeft men geen idee wat Nederland überhaupt wil. Den Haag kan wel gewichtig zwijgen, zich door Ali B. bij Pauw & Witteman laten uitkafferen, zich op Blind Dates laten lokken, en niks bijdragen aan de vormgeving van de nog zo gebrekkige Europese democratie, maar de wereld draait door. Zonder Holland.

opklaringen@nrc.nl