De beursgoeroe zit er soms ook naast

De beursgoeroe spreekt en de belegger volgt. Ten minste, dat hopen de goeroes. Of het slim is om dat te doen valt te bezien. „Tegenwoordig is iedereen met een mening al een goeroe.”

Het geluid van trompetterende olifanten vult de zaal als Rienk Kamer opkomt. De olifanten staan symbool voor zijn symposium dit jaar: de intocht van de nieuwe giganten.

De beursgoeroe spreekt het gehoor van circa 1.700 vooral mannen, gisteren in het Haagse Congrescentrum, toe vanaf het grote podium waarop alleen een antiek bureau met lamp en glazen bol staat. Ruim 4,5 uur geeft Kamer zijn gehoor les in de gevaren en kansen in de financiële wereld. De westerse beurzen bieden weinig mogelijkheden, de Amerikaanse economie staat aan de vooravond van een recessie dankzij de enorme schuldenpositie van haar burgers en overheid. „Het is een tijdbom die op ontploffen staat.”

Kansen op de financiële markten ziet Kamer desondanks wel. In de „zenuwachtige kleuterklas” zoals hij de markten omschrijft moet de belegger die winst wil maken zich richten op landen als China, India en Vietnam, de onroerend goedsector in Azië en de grondstoffenmarkt.

Zoals ieder jaar is de zaal in het Haagse Congrescentrum afgeladen. De aanwezigen zijn abonnee van zijn publicatie Financiële Strategie (340 euro per jaar) of zijn als gast meegenomen door een abonnee. De kosten van een toegangskaartje voor de gast: 100 euro.

In de financiële wereld is Kamer een buitenstaander. In de jaren tachtig werd deze inwoner van Marbella vrijgesproken van fraude en verduistering in verband met een Amerikaans beleggingsproject, maar kreeg wel een boete. Al jaren verkondigt hij een tegendraadse mening. Voor zijn volgelingen is hij echter een ware beursgoeroe.

Een invloedrijke positie zo lijkt het. Overal ter wereld zoeken beleggers naar nieuwe inkijken in de financiële markten, naar prognoses en natuurlijk naar koop- en verkooptips. Ze volgen een goeroe in zijn investeringen, in het geloof dat hij winsten zal brengen. In de Verenigde Staten is Warren Buffett de bekendste, een faam die inmiddels wereldwijd is gevestigd.

En in Nederland? Volgens veel experts kan iemand pas een beursgoeroe zijn als hij onafhankelijk is en dus niet in dienst van een bank. Dan zijn er maar weinig echte goeroes in Nederland. Naast Rienk Kamer is Royce Tostrams de bekendste, de technisch analist die zijn eigen bedrijf heeft en tienduizenden abonnees via weekblad en website van analyses voorziet. Een technisch analist kijkt puur naar de (historische) koersontwikkelingen van bedrijven en indices en trekt lijnen langs de pieken en dalen van de koersgrafiek. Ook Jaap van Duijn, oud-topbelegger van vermogensbeheerder Robeco, wordt vaak als goeroe geduid, zeker sinds hij weg is bij Robeco nu ruim twee jaar geleden.

Volgens Van Duijn, die iedere zaterdag een column schrijft op de financiële pagina’s van de Telegraaf, is de term beursgoeroe aan inflatie onderhevig. „Op al die gratis websites is tegenwoordig iedereen met een mening al een goeroe”, zegt Van Duijn verwijzend naar de grote hoeveelheid sites die nieuws, columns en tips publiceren zoals IEX.nl en belegger.nl. Van Duijn vindt dat een goeroe iemand is die vanuit wijsheid iets zegt. „Een onafhankelijke geest die zich baseert op feiten en op de geschiedenis, want veel herhaalt zich.”

De ontwaarding van de term goeroe wordt over twee weken mogelijk erger. De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) publiceert dan een boekje met beleggingstips voor 2007 van twaalf beursgoeroes. „De term heeft iets mythisch en klinkt een beetje alsof er een toverdrank bestaat die naar de beleggingstips zal leiden”, zegt VEB-voorzitter Peter Paul de Vries. „De enige die het goeroe-effect echt ondersteunt is Rienk Kamer. Hij doet veel aan presentatie, maar is wel een beetje als het orakel dat spreekt.”

Met die laatste omschrijving is het ‘orakel’ het niet eens. Hij ziet goeroe als een geuzennaam. „Toen ik hiermee begon had ik een baard en rookte ik pijp, toen is het begonnen.” Kamer heeft circa 4.000 abonnees op zijn nieuwsbrief. Geen echt grote groep volgers, maar hij zegt er niet meer te willen. „In een klein land als Nederland verwateren anders je adviezen. Ik probeer een rots in de branding te zijn voor mijn abonnees. Ik vertel ze dat ze niet te veel moeten doen, niet overal op moeten reageren. Als ikzelf meer dan zes mutaties ik mijn portefeuille per jaar doe vind ik het al onrustig.” Volgens Kamer is een goeroe iemand die onafhankelijk is, niet te snel reageert, zich mede baseert op de geschiedenis en lessen trekt uit het verleden.

Eenzelfde mening heeft Tostrams. De analist was eens in dienst bij Robeco en ING, maar begon zeven jaar geleden voor zichzelf en heeft inmiddels 15 mensen in dienst.

In zijn werkkamer in Abcoude staat een enorme cup met grote oren. Die kreeg hij nadat hij voor de derde keer de Bulls & Bears prijs won van internetbeleggersbank Binck. Het is de prijs voor diegene die de stand van de AEX-index een jaar van tevoren zo correct mogelijk voorspelt. „Maar ik ben bang dat ik hem moet gaan teruggeven, want dit jaar win ik niet.” Tostrams zei vorig jaar dat de index eind 2006 op 300 punten zou staan. Helaas voor hem: de index noteerde gisteren rond de 492 punten.

„Een goeroe is iemand die rustig wacht en aan de kant zit in de chaotische beurswereld. De grootste fout die je als belegger kan maken, is meegaan in de hectiek.” Tostrams baseert zijn voorspellingen niet op visie, maar op technische analyse. Toch staat ook hij bekend als een van de weinige echte onafhankelijke beursgoeroes, een term die hij overigens niet op zichzelf betrekt.

Dat Kamer, Tostrams en Van Duijn als goeroe worden geduid heeft vooral te maken met hun onafhankelijkheid. Ze werken niet voor een grote financiële instelling. Werknemers van banken moeten zich doorgaans houden aan de visies en voorspellingen van de bank, vaak een consensus van vele meningen. En belangrijker: een bank verdient geld aan de transacties die beleggers doen op de financiële markten. „Bij banken sta je de hele dag onder druk om wat te zeggen, over alle ontwikkelingen moet je een opinie hebben”, zegt Kamer, „en de volgende dag moet je die dan weer corrigeren omdat er weer iets anders is voorgevallen.” Volgens Kamer moet de analist bij een bank ook koopadviezen blijven geven omdat zijn werkgever verdient aan de transacties. „Je kan nooit adviseren helemaal uit aandelen te gaan, al denk je dat als analist misschien wel.”

In de ‘officiële’ financiële wereld wordt Kamer soms met dedain behandeld en weggezet als iemand die al jaren negatief is over de beurs terwijl de koersen stijgen. „Ach, ik weet wie er op mijn symposium komen. En daar zitten ook vertegenwoordigers van banken tussen. Ze mogen laatdunkend doen. Als ze zouden zeggen dat ik gelijk heb kunnen ze net zo goed hun hele researchafdelingen naar huis sturen.”

Ook Tostrams vindt dat een goeroe onafhankelijk moet zijn. „Als je naar een bank gaat met de vraag of je aandelen moet kopen krijg je hetzelfde antwoord als je bij de slager vraagt of je niet beter vegetariër kan worden.”

Niet iedereen is het hiermee eens. In het ‘goeroe-boek’ van de VEB hebben Tostrams en Van Duijn een stuk geschreven, maar ook SNS-analist Corné van Zeijl, RTL-Z presentator Willem Middelkoop en Rolf Stout, beheerder van het succesvolle beleggingsfonds Fortis Obam. „Het gaat erom dat iemand een duidelijk afwijkende mening heeft”, stelt De Vries van de VEB.

Volgens Van Duijn kan de goeroe wel in dienst zijn maar moet hij wel de kans krijgen om meer te doen dan alleen de huisvisie uitdragen. „Ik vind Stout impliciet een goeroe, want hij heeft een mooie lange termijn visie.”

Een goeroe valt of staat bij zijn volgers. Geloven zij in hem en volgen zij de visie en beleggingstips. Kamer zegt dat zijn abonnees hem vaak volgen, alhoewel hij stelt dat ongeveer de helft van zijn abonnees zijn informatie gebruikt als ‘second opinion’, naast de adviezen die ze van hun bank krijgen.

Volgens De Vries hebben beursgoeroes hun nut, hebben ze het oor van beleggers, maar is hun invloed beperkt. „Ze hebben een originele geest. Ze worden serieus genomen door beleggers, maar hebben geen groot uitstralingseffect. Als Kamer of Tostrams zeggen dat je het aandeel Akzo Nobel niet moet hebben, gaat dat aandeel niet meteen naar beneden. Ik denk dat de belegger nuchter en slim genoeg is om zelf te bepalen wat hij moet doen.”