VS moeten nu praten met Syrië en Iran

Snel en rechtstreeks overleg met Syrië en Iran is nodig, zonder voorwaarden vooraf, vindt Anatol Lieven. Ook Turkije en Saoedi-Arabië moeten daarbij worden betrokken.

Nu de Democraten de macht hebben in het Congres, zullen zij meer moeten doen dan, zoals tot nu toe, alleen maar de regering haar incompetente en onbesuisde optreden in Irak verwijten. Zij zullen met eigen serieuze, overtuigende strategieën moeten komen. Tot dusverre hebben ze daar niets van terechtgebracht.

Nu de laatste hoop op een democratische of zelfs maar functionerende centrale regering in Irak vervlogen is, weet de regering-Bush helemaal niet meer wat ze in dat land te zoeken heeft. Anderzijds: als de Verenigde Staten de benen nemen en Irak laten wegzinken in een burgeroorlog en volslagen chaos, zou dat moreel schandalig zijn en bovendien het aanzien van Amerika in de hele wereld een vreselijke slag toebrengen.

De enige manier waarop Amerika zich nog enigszins met ere uit Irak kan losmaken, en daarbij tevens het conflict kan beperken, is een beroep te doen op Iraks buurlanden. Dat zijn de enige landen die enerzijds in staat zijn de vechtende partijen in te tomen en die er anderzijds het grootste belang bij hebben dat Irak niet helemaal in stukken breekt.

Er moet dus iets gebeuren waarvoor enkele Amerikaanse politici van beide partijen al hebben gepleit, maar dat zowel de regering-Bush als de Democratische partijleiding tot dusverre heeft afgewezen: rechtstreeks overleg, zonder voorwaarden vooraf, met de Iraniërs en de Syriërs.

Zij zijn, samen met de Saoediërs en de Turken, de essentiële bouwstenen voor een regionaal samenwerkingsverband dat na het vertrek van de Amerikanen althans enige zeggenschap kan uitoefenen over de toestand in Irak. Dat betekent dat wij ons moeten neerleggen bij een federatief Irak, verdeeld in regio’s op basis van de drie voornaamste etno-religieuze groepen van het land – die kant gaat het sowieso al op.

Maar alle buurstaten van Irak zijn ertegen dat het land uiteenvalt en dat de afzonderlijke delen volkomen zelfstandig worden. De buurlanden zullen daarom misschien bereid en in staat zijn om troepen te leveren om althans een burgeroorlog op grote schaal te voorkomen en Bagdad te handhaven als neutrale hoofdstad van het land.

Al Iraks buren zullen afkerig zijn van een burgeroorlog waarbij zij mogelijk tegen elkaar partij zouden moeten kiezen, waardoor de hele regio aan instabiliteit ten prooi zou kunnen vallen. Ook de Verenigde Staten hebben er het grootste belang bij om dat te voorkomen, vooral gezien de implicaties van een dergelijk conflict voor de olieprijs en de verbreiding van het islamistisch extremisme.

Als Amerika Iran en Syrië bij regionaal overleg betrekt, zou dat bovendien een eerste steen zijn voor de opbouw van onderling vertrouwen, dat ook op andere netelige punten tot vooruitgang zou kunnen leiden, zoals het Iraanse nucleaire programma, de betrekkingen tussen Hezbollah en Israël, de vrede tussen Israël en Palestina, en de toekomst van Afghanistan. Iedere toekomstige Amerikaanse strategie zal erop geënt moeten zijn deze kwesties niet los van elkaar op te lossen.

Er is vooral, zoals de koning van Jordanië heeft benadrukt, geen hoop op blijvend succes tegen de instabiliteit en het islamistisch extremisme als er niet een oprechte nieuwe poging wordt gedaan tot een rechtvaardige Israëlisch-Palestijnse vredesovereenkomst.

Dit betekent niet dat wij moeten streven naar een snel ‘breed akkoord’ met Iran – dat lijkt nauwelijks mogelijk zolang Mahmoud Ahmadinejad daar president is. Het betekent wel dat Republikeinen en Democraten de morele moed dienen op te brengen om onder ogen te zien dat de positie van Iran in de regio veel sterker is geworden, dat het onmogelijk is om de invloed van Iran in Irak en Afghanistan nog beperkt te houden, en dat, hoe betreurenswaardig dat ook moge zijn, de steun van Iran aan de strijd van Hezbollah tegen Israël thans de instemming van de meeste moslims heeft.

Overleg met Iran en Syrië zal voor de Verenigde Staten een zeker gezichtsverlies meebrengen. Een uiteindelijke algehele regeling met die landen zal nooit aan alle Amerikaanse en Israëlische wensen kunnen voldoen.

Gekozen leden van de Amerikaanse regering moeten de moed opbrengen om zich de volgende onaangename vragen te stellen, en de antwoorden tot richtsnoer te nemen: heeft Amerika, gezien wat er in Irak is gebeurd, enige kans om zijn huidige doelstellingen met betrekking tot Iran en Syrië te realiseren?

En zo niet, wat is dan het beste moment om op zoek te gaan naar een compromis: vandaag, of over twee jaar, wanneer er nog eens duizenden Amerikaanse militairen zullen zijn gedood of verminkt?

Anatol Lieven is senior onderzoeker aan de New America Foundation in Washington, en co-auteur met John Hulsman van ‘Ethical realism: a vision for America’s role in the world’.