Kabinet wil Grondwet EU bijstellen

Het kabinet wil belangrijke wijzigingen in het Europees Grondwettelijk Verdrag, dat vorig jaar bij referendum is verworpen. Europese symboliek, zoals grondwet, vlag en volkslied, moet worden geschrapt.

Het Handvest van Grondrechten van de Unie dat politieke rechten van de burger omschrijft, kan uit het tweede deel verdwijnen. Daarentegen moeten de ‘Kopenhaagse criteria’ (voor bijvoorbeeld democratie en de rechtsstaat) waaraan kandidaat-lidstaten dienen te voldoen, juist in het Grondwettelijk Verdrag worden opgenomen.

Minister Bot (CDA, Buitenlandse Zaken) heeft dat gisteravond gezegd tijdens een bijeenkomst van de alumnivereniging Harvard Club of the Netherlands in Amsterdam. Hij gaf daar een ruwe schets van de eisen waaraan een herschreven Europees Verdrag moet voldoen.

De uitspraken van Bot wijken op sommige punten af van de positie die Nederland tot nu toe heeft ingenomen. Zo verdedigde het kabinet vorig jaar nog het handvest met politieke rechten voor de burger als versterking van de Europese democratie. Critici vreesden echter dat het Europees Hof van Justitie het handvest zou gebruiken om z’n invloed uit te breiden door nationale wetgeving te gaan toetsen aan de rechten op bijvoorbeeld veiligheid, gezondheid en sociale zekerheid van de Europese burgers.

Het schrappen van het handvest uit de Europese Grondwet kan volgens Bot overigens alleen als de Europese Unie toetreedt tot het Europees Verdrag inzake de Rechten van de Mens (EVRM). „Op die manier zouden we Deel II niet langer nodig hebben”, zei Bot gisteravond.

De minister zette zich gisteravond af tegen het voorstel voor een zogeheten mini-Grondwet van de Franse presidentskandidaat Nicolas Sarkozy. Die wil een afgeslankt verdrag dat uitsluitend de bestuurlijke architectuur regelt. „Het zwakke punt daarvan is dat het uitsluitend op de instellingen is gericht. Ik ben het daar niet mee eens”, zei Bot. „In een nieuw verdrag moet aandacht worden besteed aan zorgen en vragen die bij de burgers leven. We moeten de EU een rechtsgrondslag verschaffen op gebieden als energiezekerheid, de bestrijding van de georganiseerde misdaad, bevordering van vrede en democratie in de wereld, milieubescherming en een beter geleid uitbreidingsproces van de Unie.”