Hoop en vrees van de blonde Maradona

Eens was hij de beste voetballer van Engeland.

Nu is Paul Gascoigne (39) een getraumatiseerde ex-voetballer in verwarring.

Paul Gascoigne werd ‘de blonde Maradona’ genoemd, of Gazza, en was mogelijk de meest getalenteerde Engelse voetballer aller tijden. Tussen 1988 en 1998 schitterde hij voor Newcastle United, Tottenham Hotspur, Lazio Roma, Rangers en 57 maal voor het Engelse elftal.

Maar buiten het veld dronk hij en sloeg hij erop los. Nu is hij 39 jaar en leeft hij nog altijd tussen hoop en vrees. Deze week werd hij gearresteerd nadat hij in een nachtclub in Londen een man zou hebben mishandeld. Even later werd hij vrijgelaten.

Afgelopen zomer bekende Gascoigne in een interview met The Times dat hij twee dagen lang had gehuild nadat hij het manuscript van het boek Being Gazza: My Journey to Hell and Back non-stop in veertien uur had uitgelezen. Het boek is geschreven door zijn psychotherapeut John McKeown. Het is een gedetailleerd verslag van de therapiesessies die zij een jaar lang hadden. Toen hij deze blote feiten en herinneringen op papier zag, brak zijn weerstand. Was hij zo’n groot menselijk wrak (geweest)?

Gascoigne heeft vanaf zijn jeugd ook veel leed moeten doorstaan. Van het ene trauma in het andere, van de ene ziekelijke obsessie in de andere, van de ene verslaving in de andere vluchtend, van depressies naar zelfvernietiging. Zo vaak als hij de clown uithing, zo vaak was hij het onbegrepen kind. Schreeuwend van geluk, huilend van ongeluk. „Mensen denken dat ze me kennen, maar dat is niet zo. Dat is het probleem”, zei hij in The Times.

Acht jaar geleden speelde hij zijn laatste interland, vier jaar geleden zijn laatste wedstrijd in de Premiership. Vorig jaar, na twee jaar zonder alcohol, begon Gascoigne weer te drinken. In december werd hij gearresteerd na een vechtpartij met een fotograaf. Hij werd na 39 dagen ontslagen als speler/manager van Kettering Town. Kerstmis bracht hij door in een ontwenningskliniek, alweer.

In het huiveringwekkende verslag van McKeown worden we teruggevoerd naar Gazza’s jeugd in een arbeiderswijk in Gateshead. Daar begon de ellende. Om te beginnen met de dood van een broertje van een vriend. Paul was tien jaar, het jongetje op wie hij moest passen acht. Terwijl ze in een snoepwinkel waren, rende het jongetje naar buiten naar een ijscokar. Een auto greep het kind, dat meteen overleed. Als Gascoigne nu zijn ogen sluit, ziet en hoort hij weer de moeder van het jongetje schreeuwen, terwijl hij zich over het kind buigt.

Kort na de begrafenis ging Gascoigne stotteren en kreeg hij zenuwtrekken in het gezicht. Tijdens de therapiesessies werd duidelijk dat hij toen de eerste tekenen van dwangneurose vertoonde. Hij raakte geobsedeerd door het nummer 5, sloot elke deur en deed overal het licht uit. „Deed ik dat, dan zou alles goed gaan.”

Zijn vader had een hersentumor en kreeg vaak attaques, zijn moeder had drie baantjes om vier kinderen en een zieke man te onderhouden. Paul, de oudste, hield met clownesk gedrag de stemming erin. Hij kon goed voetballen. Daarin zag hij een vluchtroute en een manier om zijn gezin te steunen.

Hij was zeventien toen hij een contract als leerling-voetballer bij Newcastle United kreeg. Van manager Jack Charlton moest hij binnen twee weken afvallen. Gascoigne begon toen al een vinger in zijn keel te steken om te kunnen overgeven en af te vallen. Nog steeds lijdt hij aan boulimia. Alcoholisme kwam later, toen hij de druk van roem en prestaties niet aankon en zijn huwelijk zich slecht ontwikkelde. Hij slikte amfetaminen en slaappillen. De stemmingswisselingen, paniekaanvallen en depressies volgden. Hij ging zuipen, sloeg zijn vrouw en huilde nachtenlang na een nederlaag.

Wie herinnert zich niet de huilende Gascoigne in 1990 tijdens de halve finale van het WK in Italië tegen West-Duitsland? Hij had net een gele kaart gekregen die hem uit de eventuele eindstrijd zou houden. Heel Engeland sloot Gazza in de armen. Gascoigne kon het niet aan. Hij ging nog meer drinken en slikken en vrat zich dik aan alles, om vervolgens weer een vinger in de keel te steken. „Want als je dik bent, schelden toeschouwers je uit voor fat bastard.”

Een glorieus optreden tijdens het EK van 1996 bracht hem geen geluk. Hij huilde als enige nadat zijn ploeg in de halve finale was uitgeschakeld. In 1998 scheidde zijn vrouw zich van hem. Zijn zoon Regan is tien jaar en woont bij zijn ex-vrouw en haar dochters. Af en toe mag Gascoigne zijn zoon zien. Dan is hij even gelukkig.

Elke morgen als hij opstaat, vertelt Paul Gascoigne in het boek, tekent hij eerst op een papier een vraagteken. Zijn grote vraag is: Wat zal vandaag mij brengen?

Lees alles over Gascoigne op www.paulgascoigne.biz of code 97076 naar 7585