Geen democratie maar goed bestuur

Twee maanden na de coup maken weinig Thai zich nog druk over de politieke situatie. De belofte volstaat dat het militaire bewind tijdelijk is en dat het land goed wordt bestuurd.

Bijna twee maanden zijn nu verstreken sinds de ‘vriendelijke staatsgreep’ in Thailand. De tijd dat passanten gele anjers in de loop van een geweer staken om de soldaten welkom te heten is weliswaar voorbij, maar de soldaten zijn ook uit het straatbeeld verdwenen. Weinig mensen kunnen zich er over opwinden. Alleen in het noorden op het platteland, waar de afgezette premier Thaksin razend populair was, houdt het leger nog een extra oogje in het zeil. Maar verwacht wordt dat de komende maanden de noodtoestand successievelijk per provincie wordt opgeheven.

De tijdelijke premier Surayud Chulanont beweegt zich door het land als een democraat. Betogers zijn er soms in kleine aantallen en die worden ongemoeid gelaten. Zo ook deze week toen de premier ging praten met de leden van de buitenlandse persclub. Hij sprak er zelfs vermanend over de tijd van Thaksin toen deze op een Berlusconi-achtige manier alle televisiezenders onder zijn invloed had gebracht en hoezeer dat de vrije meningsvorming had geschaad – een curieuze tekst eigenlijk voor een man die na een staatsgreep door zijn oud-collega’s, de generaals, in het zadel is geholpen.

Maar Thailand heeft nu eenmaal het begrip staatsgreep een nieuwe betekenis gegeven. Het establishment heeft er met instemming van de koning een democratisch gekozen populist afgezet om de rustiger omgangsvormen en gewoontes van dit establishment weer tot hun recht te laten komen. Met straks opnieuw democratie. Beloofd was onmiddellijk na de coup een nieuwe grondwet, vrije verkiezingen en terugkeer naar de democratie binnen één jaar. En volgens de premier zit hij wat dit betreft op schema.

Belangrijkste legitimatie voor de coup blijft het wangedrag van de miljardair Thaksin. In zijn toespraak voor de buitenlandse persclub had premier Chulanont het dan ook over „de nationale ziekte van de corruptie” die hij met „verstrekkende en drastische hervormingen” te lijf zou gaan. Tegen Thaksin loopt gerechtelijk vooronderzoek maar een stevige beschuldiging lijkt minder gemakkelijk te formuleren. Zijn twee zonen hebben een belastingaanslag van miljoenenhoogte ontvangen nadat ze het telecombedrijf van de familie begin dit jaar aan een Singaporese firma hadden verkocht. Toen mochten ze nog anderhalf miljard euro belastingvrij incasseren. De fiscus is inmiddels van mening veranderd wat betreft die belastingvrijstelling, maar dat is iets anders dan een strafrechtelijke stap tegen de oud-premier.

Thaksin Sinhawatra maakt inmiddels omtrekkende bewegingen. Hij was in Londen, waar hij een huis heeft, en nu is hij in China. Zijn vrouw keerde terug naar Bangkok en sprak er met de 86-jarige Prem, de eminence grise achter de troon van koning Bhumibol. Prem was vroeger generaal, in de jaren tachtig premier en sindsdien chef-adviseur en vertrouweling van de in Thailand alom geliefde koning. Prem is een man van weinig woorden, maar hij fronste al jaren de wenkbrauwen over het democratisch populisme van de ‘nieuwe rijke’ Thaksin.

Mevrouw Thaksin deed er net als adviseur Prem na hun gesprek van vorige week het zwijgen toe. Maar zij spraken ongetwijfeld over de mogelijkheden van terugkeer voor haar man. Daar zitten de huidige machthebbers weliswaar niet op te wachten, maar ze voelen er ook weinig voor om de man die drie keer met zo’n grote meerderheid is gekozen, eenvoudigweg de toegang tot zijn eigen land te ontzeggen. Vooralsnog wordt hij buiten de deur gehouden met de vriendelijke mededeling dat hij hoogst welkom is, maar uiteraard wel serieus met een proces rekening moet houden in verband met corruptie en malversatie.

Een tweede legitimatie voor de coupplegers zou gelegen kunnen zijn in het herstellen van de vrede in het onrustige zuiden. Daar woedt al enkele jaren een raadselachtige terreur die sinds 2004 meer dan 2.000 levens heeft gekost. Het gaat om drie provincies met een islamitische bevolkingsmeerderheid in het voor 90 procent boeddhistische Thailand. Betrekkelijk willekeurig worden daar onderwijzers, boeddhistische monniken, maar ook gewoon bromfietsmonteurs langs de weg doodgeschoten – meestal door een schutter achter op een bromfiets. Nooit wordt de verantwoordelijkheid opgeëist. Deze week nog vielen bij een aanslag vijf doden.

De vroegere premier Thaksin had ter bestrijding van het geweld altijd maar één recept: het leger. Onderwijzers konden tegen gereduceerde prijs een Steyr-pistool kopen bij het leger om zich te verdedigen – schietlessen gratis.

De coupplegers daarentegen zoeken een uitweg aan de onderhandelingstafel. De nieuwe premier Chulanont bood onlangs zijn excuses aan voor het optreden van de Thaise regering in het zuiden en reisde naar het aangrenzende Maleisië om te kijken of men daar via bemiddeling kon helpen. Ook wordt er nagedacht over enige autonomie voor de drie provincies Pattani, Yala en Narathiwat.

Zo kan de regering van generaal Chulanont betrekkelijk ongestoord haar gang gaan. De democratie is Thailand kwijt maar voorlopig is de belofte voldoende dat dit maar tijdelijk is en dat het volk er een goed bestuur voor in de plaats heeft gekregen.

En dit alles natuurlijk in de wetenschap dat de koning het nog steeds goed vindt.