Een Stalin aan de muur

Een schilderij van Stalin op de Stalintentoonstelling in Moskou foto Oleg Klimov Stalin's exhibition in Moscow. 'Morning of our Native Land', the artist Mr. F.Shurpin (1904-1972) 5.03.2003 Photocopy by Oleg Klimov. Klimov, Oleg

In de etalage van de kleine kunsthandel annex uitdragerij stond een geschilderd portret van Leon Trotzki. Sinds ik de driedelige biografie van deze revolutionair gelezen had, The Prophet Armed, The Prophet Unarmed en The Prophet Outcast van Isaac Deutscher, had ik een zwak voor hem. Dus het winkeltje in. Het was afgeladen met memorabilia, ridderorden, snuisterijen uit de intussen opgeheven Sovjet-Unie. Deze chaotische handel werd beheerd door een hoffelijke, dikke Rus. Hij had ook nog een portret van Stalin in de aanbieding. Hoeveel kostte Trotzki? Tweehonderd dollar en als ik Stalin erbij zou nemen, samen driehonderd. Verleidelijk aanbod, maar waar zou ik de wreedaard moeten ophangen? De aanblik van Stalin aan de muur ging me te ver. Ik heb alleen de oprichter van het Rode Leger meegenomen. Het winkeltje, op de zevende Avenue bij de twaalfde Straat, is jaren geleden failliet gegaan.

Nu las ik in het decembernummer van Vanity Fair een bijdrage van A.A. Gill, getiteld ‘What Christie’s Won’t Sell’. De schrijver had op een kleine veiling in de provincie voor een paar honderd dollar een portret van Stalin op de kop getikt. Waarschijnlijk geschilderd na de oorlog, maar, neem ik aan, vóór hij op 25 februari 1956 door Chroesjtsjov werd afgezworen. Gill hing het portret boven zijn bureau. Veel mensen hebben zo’n beschermengel die toezicht houdt op hun werk. Hij raakte gewend aan de goedaardige, vaderlijke, ook wat ondeugende ogen van de staatsman. Toen verhuisde hij. Van zijn vrouw mocht Stalin niet mee. Hij gaf hem aan een goede vriend in bruikleen, maar die kreeg er na een paar jaar ook genoeg van. Zo kwam hij bij Christie’s terecht.

„Wij verkopen geen Stalins, en Hitlers ook niet”, zei een mevrouw.

„Aha”, zei Gill. „En ook geen Napoleons, Idi Amins, Nero’s? Hanteert Christie’s een body count? Mag een portret van Mao, geschilderd door Andy Warhol?”

Ze zou het aan de directie vragen. Of Gill de volgende dag wilde terugbellen. Voldoende tijd om een nieuwe strategie te bedenken. Nu werd Gill doorverbonden met het hoofd Naoorlogse en Eigentijdse Kunst. „Nee. Geen Stalins.”

„Maar als ik u nu zeg dat Damien Hirst de neus van Stalin rood wil schilderen en dan het doek signeren, wat zegt u dan?”

„Dé Damien Hirst? Zelf?”

„Absoluut.”

„Als u dan bewijzen voor de authenticiteit hebt, zouden we dat bijzonder op prijs stellen, en dan is ons antwoord: ja. Dan zullen we uw Damien Hirst graag in de verkoop nemen.”

Ik beschouw Hirst als een van de grootste non-talenten van deze tijd, ik heb veel van zijn werk met eigen ogen gezien: de haai op sterk water, de Insectocutor, zijn verzameling chirurgisch operatiegereedschap in vitrines, allemaal uit de duim gezogen slechte flauwekul. Bovendien is dit idee van A.A. Gill niet origineel. In 1917 is Marcel Duchamp wereldberoemd geworden – terecht vind ik – door een snor op een kopie van de Mona Lisa te schilderen. Maar dat is bijna negentig jaar geleden, en zaken zijn zaken.

Met de portretten van historische schurken is het anders, gaat het meer in de richting van de achterkant van het gelijk. Een portret van de jonge Stalin, of Hitler, gemaakt door Picasso bijvoorbeeld? Het had gekund, ze waren min of meer tijdgenoten. Zou iemand zo’n echte Picasso boven het dressoir willen hebben? Zou Christie’s zo’n schilderij willen verkopen?

Waar wordt de liefde voor kunst, of de wil tot bezit, of de gespecialiseerde hebzucht machtiger dan de ethische overwegingen? Hitler wilde eerst architect worden. Er is werk van hem bewaard gebleven, een paar stukken zijn niet zo lang geleden geveild. Niet door Christie’s, maar er was voldoende belangstelling en er zijn goede prijzen gemaakt.

Je komt bij iemand op bezoek, die lacht geheimzinnig, doet een mapje open en je ziet een tekening, een schets van een geweldig gebouw. Raad eens wie dit gemaakt heeft. Geen idee. Hitler! Hier komen we op het gebied van de sensationele curiositeiten die weer verwant zijn aan de souvenirs. Een portret van een historische misdadiger is iets anders dan een voorwerp dat zijn DNA draagt. Het eerste heeft, hoe dan ook, een sfeer van respect; het tweede kun je met een beetje goede wil tot de geschiedenis rekenen. Deze tijd is rijk aan schurken. Materiaal genoeg om het dilemma op te lossen.