Door de eeuwen bladeren

De Koninklijke Bibliotheek toont het beste van 150 jaar Nederlandse tijdschriften.

‘Magazine!’ is bedoeld om met de tijdschriftencollectie van de KB kennis te maken.

Het is een bekende smoes: ‘die roddel heb ik toevállig gelezen bij de kapper’. Een mooi cliché, vonden de samenstellers van de tentoonstelling Magazine! 150 jaar Nederlandse publiekstijdschriften, die vanaf vandaag in de Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag te bezichtigen is. Daarom is de ruimte waar de bezoeker binnenkomt een kapperszaak. Je kunt je er gratis laten coifferen, alvorens de tentoonstelling te bezoeken.

Elke seconde doorgebracht in die kapperstoel is echter verspilde tijd, want wie alle objecten van Magazine! wil bekijken is daar vele uren zoet mee. Duizend tijdschriften zijn in papieren vorm aanwezig, tweeduizend kunnen op computerzuilen worden doorgekeken. Marieke van Delft, een van de samenstellers van de tentoonstelling, verwacht niet dat iedereen alles even nauwkeurig zal bestuderen. „We hebben de ruimtes zo ingericht dat je er ook bladerend doorheen kunt lopen, net zoals je door een tijdschrift kan bladeren.”

De tentoonstelling is verspreid over vijf zalen met elk een eigen thema: ‘Panorama van de wereld’ (actualiteiten), ‘Toute Royale’ (het koningshuis), ‘Leve het Leven!’ (relaties, gezondheidszorg, sociale thema’s), ‘Eigen Huis en vrije tijd’ (lifestyle, hobby’s) en ‘Boulevard van passie en paparazzi’ (seks, muziek, roddel, jongeren).

In de eerste ruimte na de kapsalon, Panorama van de wereld, wordt kort ingegaan op de geschiedenis van het tijdschrift in Nederland. Nouvelles de la République des Lettres uit 1684 was het eerste Nederlandse tijdschrift, Boekenzaal van Europa uit 1692 het eerste Nederlandstalige. Van Delft: „We hebben er bewust voor gekozen niet te veel aandacht te besteden aan deze periodieken, omdat ze voor een kleine doelgroep bestemd waren. Deze tentoonstelling gaat over publiekstijdschriften. Die verschenen vanaf het midden van de 19e eeuw.”

Door 150 jaar tijdschriften thematisch te rangschikken, wordt goed duidelijk hoe de journalistiek zich in de afgelopen anderhalve eeuw heeft ontwikkeld. Op één zuil hangen bijvoorbeeld omslagen naast elkaar waarop het nieuws van een bekende moord wordt gebracht: van de aanslag op aartshertog Franz Ferdinand in Sarajevo (1914), via de moord op president Kennedy (1963), tot de gewelddadige dood van Pim Fortuyn in 2002. Wat opvalt is dat de verslaggeving in woord en beeld veel meer confronterend is geworden. Van Franz Ferdinand staat een foto afgedrukt waarop hij nog blaakt van gezondheid; Pim Fortuyn ligt met een gat in zijn schedel op de parkeerplaats van het Mediapark.

Volgens Van Delft weerspiegelen tijdschriften niet alleen de veranderingen in de Nederlandse maatschappij, ze waren zelf ook actor in het bewerkstelligen van sommige omwentelingen. „Na lang wikken en wegen besloot Libelle in de jaren zeventig bijvoorbeeld een katern in het blad te laten vullen door de feministische beweging Dolle Mina. In een begeleidend schrijven distantieerde de hoofdredactie zich van een gedeelte van het gedachtegoed van Dolle Mina, maar het feit dat ‘nette bladen’ als Libelle en Margriet aandacht besteedden aan het feminisme was belangrijk voor de vrouwenemancipatie.”

Wie na het bezichtigen van Magazine! zin heeft nog meer te lezen, kan daarvoor terecht in de KB. De tentoonstelling is bedoeld om het grote publiek kennis te laten maken met dit onderdeel van de collectie van de bibliotheek. Van Delft: „In het magazijn liggen op achttien kilometer planken ruim zes miljoen tijdschriften. Dat is een prachtige bron voor historisch onderzoek die nog veel te weinig gebruikt wordt. We hopen dat mensen na het zien van de tentoonstelling zin hebben met dit materiaal aan de slag te gaan.”

Kijk voor de tentoonstelling in de KB in Den Haag op www.kb.nl op of 88657 naar 7585