‘50 procent van alle wetgeving kan weg’

Als DSB-topman Dirk Scheringa het voor het zeggen had, werden alle regels die geen effect hebben afgeschaft. Eerste deel in een serie in de aanloop naar de verkiezingen over ondernemers die een wetsvoorstel doen.

Dirk Scheringa is ondernemer. In dertig jaar bouwde de 56-jarige oud-politieman het financiële concern DSB (Dirk Scheringa Beheer) op, onder meer bekend van Frisia. Hij is voorzitter van voetbalclub AZ, bouwde het stadion voor de club, sponsort schaatsers en heeft zijn eigen museum, het Scheringa-museum voor magisch realisme. Als een echte ondernemer is hij fel gekant tegen wetten en regels die vaak tegenstrijdig zijn en het ondernemen belemmeren. Veel wetgeving kan volgens bankdirecteur Scheringa zo de prullenbak in. „Als dat zou gebeuren zou het extra economische groei betekenen.”

Een wet om wetgeving te laten verdwijnen of te herzien. Waar is die goed voor?

„Als je echt goed gaat kijken of wetten nog effectief zijn en daar vanaf laat hangen of ze moeten verdwijnen, herijkt moeten worden of moeten worden versimpeld, dan kan 50 procent van alle wetgeving weg of simpeler. Dat zou 5 procent economische groei extra betekenen. De overheid wordt effectiever, hekken verdwijnen, ondernemen wordt makkelijker. Het is een besparing waardoor de kwaliteit van de dienstverlening beter wordt.”

Is het niet naïef om te denken dat daadwerkelijk de helft van alle regels afgeschaft zal worden?

„Ik sluit niet uit dat het gaat gebeuren. Als de politieke leiders ervan overtuigd worden dat een dergelijke maatregel de economie zal laten groeien, kan het. Alle politieke partijen zouden er voordeel van hebben.”

Zijn er specifieke wetten of sectoren waaraan u denkt?

„Een bekende is de bouwsector. Nu wordt regelgeving over bezwaarprocedures vaak gebruikt door concurrenten om bouwprojecten tegen te houden of te vertragen. Je moet wel bezwaar kunnen maken, maar niet in jarenlange procedures. Op een gegeven moment moet er iets gebeuren, dat bespaart jarenlang gesteggel. Een ander voorbeeld is de regel die bestond dat kantoorgebouwen nabij treinstations gebouwd moesten worden. Ik wilde hier in Wognum een tweede kantoorpand neerzetten. De heipaal stond er al, maar heien mocht niet omdat plots bleek dat toenmalig minister Pronk had besloten dat kantoorpanden nabij NS-stations gebouwd moesten worden en dat het dus in Hoorn moest komen. Terwijl vrijwel al het personeel in de dorpjes rondom Wognum woont en er weinig openbaar vervoer in de regio is. Het is me na vier jaar wel gelukt, maar deze regel had een averechts effect.”

Wordt het erger met de regeldruk, denkt u?

„Er is een uitdijende stroom van wetten en regelgeving. Ik heb tegenwoordig een hele aparte afdeling nodig voor verzoeken en vragen van toezichthouders, iets wat overigens ook de kostenstructuur van een bedrijf aantast. Maar het gaat bijvoorbeeld ook om onze eigen crèche met veertig kinderen van nul tot drie jaar. Die hebben we omdat een groot deel van onze werknemers vrouw is en een groot aantal heeft kleine kindjes. Nu moeten we opeens een educatieplan voor die kinderen schrijven van tien kantjes. Wie heeft dat bedacht? We hebben hier acht gediplomeerde leidsters rondlopen. Laat die ambtenaren die al die regels bedenken iets anders gaan doen.”

Wat zouden ze moeten gaan doen? Als u al die wetten afschaft gaan er veel banen verloren.

„Ze kunnen worden omgeschoold. Een voorbeeld is de zorgsector. Daar zijn zoveel regels die worden bedacht en er zijn zoveel managers die ze uit moeten voeren. Laat de ambtenaren en managers omscholen zodat ze zelf zorg gaan verlenen. Zo krijg je minder chiefs en meer indians.”

Mogen er nog wel nieuwe wetten komen?

„Jawel. Soms moeten er juist meer wetten komen. Zoals met roetfilters voor auto’s. Maak die overal verplicht en wel binnen twee jaar, desnoods met veel subsidie. Het gaat erom dat we met zijn allen minder oeverloos ouwehoeren. Als er ergens een knelpunt is in het verkeer en er moet een rijstrook bijkomen, duurt het nu tien jaar eer die er ligt. Het moet slagvaardiger.”