Vechten voor de vrijheid

Onze vrijheid moest worden bevochten, vonden Korea-strijders uit Nederland.

De voorste linie gaat over dilemma’s en overtuigingen ten tijde van de Koude Oorlog.

Hij vocht in de Tweede Wereldoorlog aan Duitse zijde en verjoeg begin jaren vijftig in VN-verband de communisten uit Zuid-Korea. Hij redde tal van levens maar na terugkomst was ‘die vuile SS’er’ niet welkom op reünies van oud-Korea-strijders.

Dat is in een notendop het pijnlijke relaas van Jan Folmer, een van de zes militairen die in de film De voorste linie terugkijken op hun strijd in Korea.

De documentaire van Paul Cohen en Martijn van Haalen, die vanavond wordt uitgezonden, legt een verband tussen de Korea-oorlog en de Nederlandse militaire bijdrage aan de strijd in Afghanistan. Zo waarschuwt Korea-veteraan kolonel b.d. Schreuders de militairen bij hun vertrek naar Uruzgan om niet meteen naar een gewonde kameraad te snellen, want dan riskeer je je eigen leven. Deze ijzervreter ervoer de gruwel en ontbering van het front niet aan den lijve.

Dat geldt wel voor de overige geïnterviewden. Een hunner, een voormalige commandant, schiet vol als hij terugdenkt aan zijn bezoeken aan de moeders van gesneuvelde strijdmakkers. Allen blijken particuliere motieven te hebben gehad zich in deze verre oorlog te mengen. Zo was een half Indonesische, half Nederlandse geportretteerde na de machtsgreep van Soekarno in beide landen niet meer welkom; hij kreeg door deelname aan de strijd de mogelijkheid een Nederlands paspoort te verwerven.

Maar alle zes geïnterviewden waren ervan overtuigd te strijden voor een goede zaak: de opmars van de communisten stuiten betekende voor hen in feite het voorkomen van een Derde Wereldoorlog. Aan hun motivatie had de Tweede Wereldoorlog in belangrijke mate bijgedragen. Voor deze generatie was het een realiteit dat de wereldpolitiek op het slagveld wordt beslecht. Zij vonden dat ‘wij’ destijds even grootmoedig moesten zijn als de Canadezen die ‘ons’ vijf jaar eerder hadden bevrijd.

In dit mozaïek over de drijfveren van en het verwerken door deze veteranen fungeert het tragische verhaal van Jan Folmer als scharnierpunt. Hij had het ongeluk in een NSB-gezin op te groeien en kreeg ondanks zijn heldenmoed in Korea nooit genoegdoening. Op Folmer is aan het front een moordaanslag gepleegd door een joodse medestrijder, die daarmee persoonlijk de jodenvervolging wilde vergelden. Overigens werden ze later gezworen kameraden.

De voorste linie is een prachtige film over dilemma’s en overtuigingen ten tijde van de Koude Oorlog, verteld door mensen die ervan overtuigd waren dat onze vrijheid bevochten moest worden. Een mooi element in de film is ook, hoe de betrokkenen nu, elk op hun eigen manier, van die vrijheid genieten: de een met zijn hypermoderne tv-meubel, de ander met een Koreaanse auto vol snufjes en de derde, een voormalige legerarts, door het spelen van Chopin en het reciteren van het Wilhelmus.

De voorste linie, VPRO, Ned. 2, 23.10-00.01u.