Scorsese is als de chefkok die een omelet bakt

In zijn nieuwe film maakt Martin Scorsese zich los van zijn achtergrond.

Matt Damon, Leonardo DiCaprio en Jack Nicholson waren nooit beter.

De films van Martin Scorsese laten vaak een vieze smaak achter. Tijdens het kijken raak je dronken, geil, op van de zenuwen, op de toppen van je kijken. Na afloop van zo’n film voel je je altijd alsof je iets gedaan hebt dat eigenlijk verboden zou moeten worden.

Het lukt de regisseur niet altijd om dat effect met zijn films te bewerkstelligen. Scorseses talent komt het meest tot zijn recht wanneer hij het werk kan presenteren als een exces. Een chef-kok die een omeletje bakt, dat idee. In pretentieuze projecten als Gangs of New York uit 2002 of The Aviator uit 2004 slaan onderwerp en aanpak elkaar dood. Als Scorsese zijn talent in dienst stelt van een onderwerp, valt er voor hem niets meer te winnen. De regisseur bewijst zo het omgekeerde van de auteurstheorie, die zei dat je de echte kunstenaars zelfs in de meest pretentieloze waar kunt herkennen. Scorsese is een regisseur die juist in genrefilms kan excelleren.

Deze kijk op zijn oeuvre wordt ingegeven door The Departed, waarin de regisseur zijn talent ook nog eens heeft weten los te zingen van zijn eigen achtergrond, Italiaans New York. De nieuwe film speelt zich af onder Ieren in Boston, maar het hadden ook Georgiërs in Moskou kunnen zijn – het origineel speelt zich af in Hongkong. The Departed is een remake van Infernal Affairs, een ook al niet misse thriller van Andrew Lau met Tony Leung en Anthony Wong, als een politieagent die infiltreert in de maffia en een gangster die infiltreert in de politie. De spiegelbeelden worden bij Scorsese gespeeld door Matt Damon en Leonardo DiCaprio, die nooit beter waren.

En dan heeft Scorsese in The Departed nóg een troef in handen. Jack Nicholson speelt op magnifieke wijze de maffiabaas Frank Costello, een boef zo oud, gemeen, idioot en charmant als geen enkele boef eerder was. Van scenarioschrijver William Monahan krijgt hij tussen alle ‘Fuck You’s’ door de beste oneliners uit te spreken. Als hij hoort dat er iemand dood gaat, zegt hij laconiek, en met die fantastische grijns: „We all are! Act accordingly.”

„Ze valt raar”, zegt Frank Costello in een van de eerste scènes van The Departed, en er is waarschijnlijk een acteur van het kaliber van Jack Nicholson voor nodig om in die scène niet alle sympathie voor de maffiabaas te verspelen. Want de vrouw valt zo raar doordat Frank Costello haar net van heel dichtbij heeft neergeschoten. Misschien geldt de sympathie eerder de acteur dan het personage dat hij speelt. Want Nicholson blijft in The Departed altijd ook zichzelf: een acteur die excelleert in het zijn van Jack Nicholson.

Hetzelfde geldt voor Martin Scorsese: een meester die boven zijn materiaal uitstijgt – dat hij filmt als een film noir die net in kleur is, dat hij monteert als een stoere dans, dat hij laat bewegen als een kat. Scorsese kan zijn film sexy maken zonder er seks in te stoppen, spannend zonder een spannend verhaal. De gangsters in deze film zijn voor hem wat Madonna’s voor middeleeuwse schilders moeten zijn geweest.

Er is een scène, niet eens zo’n heel bijzondere, die door Scorsese en zijn vaste cameraman Michael Ballhaus zo belicht is, dat alleen dát er nog toe doet. Matt Damon en Vera Farmiga zitten in een sjiek restaurant te eten en Scorsese filmt Damon over de schouder van de actrice. Je kunt niet meer zeggen dat de acteur in dit shot fraai belicht is, het licht zwiept door hem heen. Nee, het is alsof hij licht uitstraalt, licht is. Een engel. En dan is film de hemel.

The Departed.

Regie: Martin Scorsese. Met: Jack Nicholson, Leonardo DiCaprio, Matt Damon, Alec Baldwin, Martin Sheen, Mark Wahlberg, Vera Farmiga, Ray Winstone. In: 62 bioscopen.