Rechter: open graf in Deventer moordzaak

Justitie moet in aanwezigheid van een onafhankelijke deskundige het graf openen van een in 1999 vermoorde weduwe uit Deventer.

Dat heeft de Haagse kortgedingrechter vanmorgen bepaald. Het geding was aangespannen door de fiscaal jurist Ernest Louwes, die voor de moord is veroordeeld maar beweert onschuldig te zijn. Zijn lot is de inzet van een eigen onderzoek van opiniepeiler Maurice de Hond, die meent dat een ander schuldig is in de Deventer moordzaak.

Aanleiding voor het onderzoek is een verklaring van een voormalige werknemer van de begraafplaats in Deventer waar het graf zich bevindt. Deze zou kort na de begrafenis in 1999 de ‘klusjesman’ van het slachtoffer bij het graf hebben gezien. De klusjesman is er door De Hond openlijk van beschuldigd de werkelijke dader te zijn.

De opiniepeiler liet het graf met een metaaldetector onderzoeken door een Duits bedrijf. Daaruit bleek dat vlak onder de grafsteen een metalen voorwerp ligt. Dit zou volgens De Hond het moordwapen, een mes, kunnen zijn.

De Haagse rechter noemt deze aanwijzingen „zeer summier”, maar acht het toch van belang dat het graf wordt geopend, om een einde te maken aan de „maatschappelijke onrust” die de „speculaties” teweegbrengen. Ook de door de nabestaanden gewenste grafrust kan dan terugkeren. De kist zelf kan bij het onderzoek gesloten blijven.

Volgens het OM kan het graf „vandaag nog” geopend worden als een deskundige is gevonden. Volgende week dient voor de Hoge Raad een verzoek van Louwes om zijn zaak te heropenen.