Gezinnen hebben het voor het kiezen

Voor Balkenende is een debat met christelijke partijleiders lastig. Zij verdedigen principieel christelijke standpunten. Hij het compromis.

De lijsttrekkers van de drie confessionele partijen CDA, ChristenUnie en SGP gingen gisteren met elkaar in debat in theater De Flint in Amersfoort. Foto Roger Cremers Nederland, Amersfoort, 08-11-2006 Lijsttrekkersdebat tussen de Christelijke Lijsttrekkers in Theater & Congrescentrum De Flint Amersfoort met B.J. van der Vlies (SGP), AndrŽ Rouvoet (Christen Unie) en Jan Peter Balkenende (CDA) PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Waar de lijsttrekkers van de drie christelijke partijen met elkaar in debat gaan, ten overstaan van ruim achthonderd Nederlands Dagblad-lezers, gaat gebed vooraf. In theater De Flint in Amersfoort waren gisteren de immateriële thema’s (gezinsbeleid, abortus, godslastering) het belangrijkst. Premier en CDA-lijsttrekker Jan Peter Balkenende, SGP-voorman Bas van der Vlies en ChristenUnie-lijsttrekker André Rouvoet, onder luid applaus verwelkomd, streden onder leiding van hoofdredacteur Bergwerff van het ND om de gunst van de christelijke kiezer.

ChristenUnie en SGP staan beide onder druk van grote broer CDA. Toch staat de ChristenUnie in de peilingen nog op flinke winst. Rouvoet wordt door veel niet christelijke kiezers gezien als een redelijk alternatief. Het CDA heeft de afgelopen jaren concessies moeten doen in de coalitie met de VVD. Van der Vlies en Rouvoet konden dan ook met gemak principieel-christelijke standpunten innemen gisteren, terwijl Balkenende zich moest verantwoorden voor het gevoerde beleid.

Rouvoet, mogelijk een sleutelspeler in een nieuwe coalitie, liet zich niet verleiden tot het „opstellen van een lijstje breekpunten.” Een lezer wilde de toezegging dat Rouvoet niet voornemens is „een coalitie te steunen die het huidige asociale beleid voort wil zetten.” Rouvoet sloot geen enkele coalitie uit „zolang er ruimte is voor christelijk-sociale correcties.” Alles hangt af van de onderhandelingen, aldus Rouvoet.

Balkenende had even daarvoor de wind van voren gekregen toen hij het migratie- en asielbeleid van dit kabinet verdedigde. Rouvoet achtte het onverantwoord om tot het christendom bekeerde Iraniërs terug te zenden „met de mededeling dat er niets zal gebeuren ‘als je er maar niet voor uitkomt’.” Balkenende wilde niet weten van een generiek pardon voor bekeerlingen, zoals dat inmiddels wel voor Iraanse homo’s geldt, zolang daar volgens rapporten van ambassades geen aanleiding voor is. „In individuele gevallen kan gekeken worden of uitzetting onwenselijk is.”

Balkenende verdedigde wel de vrijheid van onderwijs. De CDA-leider, die zei zo langzamerhand „bunzig” te worden van vragen over mogelijke breekpunten, vindt vrijheid van onderwijs „zo ontzettend belangrijk” dat daar niet aan getornd kan worden. „Daar stonden we voor, daar staan we voor en daar blijven we voor staan. Helder?”

Echt spannend werd het toen het gezinsbeleid ter sprake kwam. Op de vraag of de vertegenwoordiger van de échte gezinspartij een stap naar voren wilde doen, traden de drie heren eensgezind naar voren. Maar, vonden Rouvoet en Van der Vlies, gezinspartij CDA geeft een verkeerd signaal door jonge moeders, die bewust kiezen voor het opvoeden, de fiscale subsidie op thuisblijven te ontnemen. Het CDA wil die belastingkorting van jaarlijks 2.043 euro in 20 jaar afschaffen voor mensen die na 1972 zijn geboren. Volgens Van der Vlies is dat „funest voor vrijwilligers en mantelzorgers, het cement van de samenleving.” Balkenende gaf niet toe. Hij zei dat het CDA de vergrijzingskosten liever financiert door participatie op de arbeidsmarkt dan de „draconische maatregelen” als „de ouderenbelasting” van PvdA en ChristenUnie.

Toen het even later ging over een voorstel van het CDA om kinderen een speelplicht te geven zodat achterstanden in de ontwikkeling van kinderen weggewerkt kunnen worden voordat ze naar school gaan, werd het Rouvoet teveel. „Mijn complimenten, uw verhaal loopt helemaal rond. U kiest niet voor de ouderenbelasting, maar voor de moederbelasting. En omdat je dan ook nog wat met de kinderen moet, komt er een speelplicht.”