Verlamde president...

De mislukte oorlog in Irak is de belangrijkste factor voor de Democratische winst bij de Amerikaanse Congresverkiezingen gisteren. De afschuw van de oorlogsbeelden is een constante bij de uiteenlopende lokale kwesties die in talrijke Amerikaanse kiesdistricten spelen, zoals verhoging van het minimumloon of het afremmen van grondonteigening. Voor het eerst sinds twaalf jaar beschikken de Democraten over een ruime meerderheid in het Huis van Afgevaardigden en kunnen ze daar alle macht naar zich toe trekken. Een Amerikaanse president staat al zwak in de laatste twee jaar van zijn regeerperiode, maar een sterke oppositie kan hem verlammen. Dat gebeurde ook met de Democratische president Clinton die in zijn laatste twee jaar werd gekooid door de affaire-Lewinsky, een kleinigheidje vergeleken bij de oorlog in Irak.

Het is vrij gebruikelijk in Amerika dat de oppositiepartij bij tussentijdse verkiezingen wint. Het is een manier om de eerste fouten van de gekozen president bij te stellen. De winst van de Democraten op een impopulaire president had dus groter kunnen zijn. Deze verkiezingen hebben geen definitief einde gemaakt aan de conservatieve golf in Amerika. Omdat president Bush en het Republikeinse Congres niet alleen de belastingen verlaagden, maar ook veel overheidsgeld spendeerden, zijn de kiezers tot nu toe vrijgehouden van de harde kantjes van het conservatisme. Bovendien zijn in veel deelstaten de districten heringedeeld in het voordeel van de tot nu toe heersende Republikeinen. De nieuwe Democraten in het Congres moesten conservatieve ideeën propageren om de verkiezingen tegen hun Republikeinse opponent te kunnen winnen. De oorlog in Irak gaf hun een extra argument in handen.

In dit aanhoudend conservatieve klimaat is het opmerkelijk dat Nancy Pelosi waarschijnlijk de eerste vrouwelijke voorzitter wordt van het Huis van Afgevaardigden, terwijl zij links-liberaal is. Haar positie heeft zij te danken aan haar grote politieke organisatietalent, waarmee zij de intern verdeelde Democraten in het Huis wist te groeperen, ook in deze succesvolle campagne. Het wordt moeilijker voor haar om een conservatiever en verdeelder contingent Democraten op één lijn te krijgen. Zij gaat niet beginnen aan een afzettingsprocedure voor president Bush wegens vermeende politieke malversaties. Dan zouden de andere Republikeinse hoogwaardigheidsbekleders buiten schot blijven.

Wel kunnen de Democraten openbare hoorzittingen en onderzoeken houden over fouten en belangentegenstellingen bij de oorlog in Irak. Tot nu toe werden die onderzoeken geblokkeerd door Republikeinse meerderheden in het Congres. De vertrouwelingen van president Bush, minister van defensie Donald Rumsfeld, vice-president Dick Cheney en anderen, zijn niet langer veilig. Bush, die steeds minder steun krijgt van zijn eigen militairen, kan eindelijk worden gedwongen zijn fouten toe te geven en zijn Irak-beleid aan te passen. Dat is winst. Maar tot nu toe zijn de Democraten niet met een helder alternatief gekomen. Als verbrokkelde oppositiepartij kunnen zij beter hinderen dan meebesturen. Van Washington valt voorlopig weinig te verwachten.