Pamperen heeft keerzijdes

In Nederlandse belonen we ouderen voor een leven lang werken - al vóór het pensioen.

Dat ‘gepamper’ maakt hen geen aantrekkelijk personeel. Verkeerd! – aldus Grijs Werkt.

Nederlandse werkgevers houden niet van oudere werknemers. Ouderen zorgen ervoor dat in een bedrijf de productiviteit omlaag gaat en de loonkosten omhoog, zo redeneren ze. Een vijftigplusser is in Groot-Brittannië beter af. Daar denken de werkgevers dat ouderen juist zorgen voor een verhoging van de productiviteit, omdat zij over veel kennis en ervaring beschikken. En over loonkosten klagen de Engelse bazen nauwelijks.

Dat blijkt uit een Fair Play-onderzoek onder 1.800 Europese werkgevers, dat morgen gepresenteerd wordt op een conferentie van Grijs Werkt. Fair Play for Older Workers is een samenwerkingsverband van Nederland, Engeland, Spanje en Griekenland, dat gefinancierd wordt door de EU. Onderzoekscoördinator Joop Schippers, hoogleraar economie aan de Universiteit van Utrecht, zegt: „Dat Nederlandse werkgevers op die manier naar ouderen kijken, is wel verklaarbaar. In Nederland denken we: als iemand dertig jaar lang zijn beste krachten aan een bedrijf heeft gegeven, mag hij het best wat rustiger aan doen. Niet na zijn pensioen, maar lang daarvoor al. Daarom hebben we allerlei maatregelen bedacht om ouderen te beschermen. Ze hoeven niet over te werken, geen nachtdiensten te draaien en ze krijgen extra vrije dagen. Daardoor zijn ze duurder. In andere landen is dat niet gebeurd.”

De keerzijde van dat gepamper is dat ouderen steeds onaantrekkelijker worden voor werkgevers. Bovendien leeft het idee dat iemand van vijftig zo’n beetje aan het einde van zijn loopbaan zit. „We zien te veel ouderen vertrekken, dus dat is het beeld dat we hebben”, zegt Schippers. Hij vertelt hoe hij zelf vorig jaar de ene na de andere afscheidsreceptie bezocht van collega’s in het onderwijs en bij de overheid, die gebruikmaakten van de Remkes-regeling. „Dat was een massale uittocht. Ik ben vijftig en die collega’s waren een paar jaar ouder. Wij achterblijvers zeiden tegen elkaar: wij zijn de volgende lichting. Ook al is de pensioenleeftijd nu 65, die beelden beïnvloeden de manier van omgaan met ouderen.”

Het gevolg is dat er nauwelijks wordt geïnvesteerd in scholing. Volgens Schippers heeft 82 procent van de Nederlandse bedrijven geen opleidingsfaciliteiten voor ouderen. Dat beperkte opleidingsaanbod begint vaak al op het moment dat mensen 40 of 45 jaar zijn. „Dat zie je dus ook bij de overheid. Dan leer je dus twintig jaar niks meer bij.”

De vergrijzing zorgt hoe dan ook voor krapte op de arbeidsmarkt. Als het zo ver is, worden ouderen toch vanzelf wel aangenomen en zal men noodgedwongen toch ook in hun opleidingen moeten investeren?

„Werkgevers moeten het gevoel krijgen dat het urgent is”, zegt Schippers. „Dat begint nu een beetje te komen. Maar dat betekent nog niet dat ze aan ouderen denken. Als werkgevers zich zorgen maken over de vergrijzing, willen ze eerst vrouwen, dan allochtonen en dan pas ouderen.”

De arbeidsparticipatie stijgt geleidelijk. Voor een deel heeft dat te maken met de nieuwe pensioenwetgeving, maar het komt vooral door de emancipatie van vrouwen. „De eerste generatie vrouwen die in groten getale de arbeidsmarkt op ging, is nu rond de 50”, zegt Schippers. „De verwachting is dat deze groep lang blijft doorwerken, al was het maar omdat ze vaak zo’n slecht pensioen hebben dat ze het zich niet kunnen permitteren om er eerder mee op te houden.”

Iemands financiële situatie is een belangrijke drijfveer om langer door te werken, maar het plezier dat mensen aan hun werk beleven, speelt ten minste zo’n grote rol. „Uit onderzoek blijkt dat ouderen langer doorwerken als ze hun werk leuk vinden”, zegt Schippers. „Als je zoals Wim Kok een belangrijk Europees project mag trekken, dan werk je natuurlijk graag door. Belangrijk is dat je vrij gelaten wordt in je werk. Werknemers willen geen chef die vertelt wat ze over drie minuten moeten doen. Werkgevers zouden wat meer vertrouwen in de ervaring en deskundigheid van hun medewerkers moeten hebben.”

Meer vrijheid is effectiever dan demotie – in functieniveau en in salaris een stapje terugdoen. „Politici en beleidsmakers beginnen altijd maar over demotie. Dan kun je het rustiger aan doen, zodat je langer aan het werk kunt blijven, zeggen ze. Uit onderzoek blijkt dat daar helemaal geen belangstelling voor is. Als je een directeur-generaal die oud wordt terugzet in een schaal 14-functie, is dat voor hem en zijn collega’s alleen maar ongemakkelijk en ingewikkeld.”

Meer weten over ouderen en arbeid? www.ouderenenarbeid.nl of 15706 naar 7585 en www.wwijzer.nl of 68008 naar 7585.