Kleur nieuw kabinet niet van invloed

Voor de financiële wereld maakt het weinig uit welke coalitie er in Nederland zal worden gevormd na de aanstaande parlementsverkiezingen van 22 november.

Dat blijkt uit de periodieke beoordeling van Nederland door het kredietagentschap Moody’s, die vanmorgen is gepubliceerd. Moody’s verwacht dat de structurele hervormingen van de Nederlandse economie, die de afgelopen jaren zijn ingezet, worden voortgezet „ongeacht de samenstelling van de volgende regering”.

Het rapport bevat geen verandering van het kredietoordeel. Dat staat sinds jaar en dag op het hoogste peil (AAA). Moody’s is een van de twee belangrijkste agentschappen, naast Standard & Poor’s. Een zeer kritisch oordeel van dat laatstgenoemde bureau, samen met beoordelaar Fitch, over Italië veroorzaakte twee weken geleden grote opschudding. Internationale beleggers in staatsobligaties hechten sterk aan dergelijke oordelen, en zijn er ook vaak statutair aan gebonden. Zo is het sommige van hen verboden te investeren in obligaties van bedrijven of overheden die volgens de kredietbeoordelaars een te hoog risico hebben.

Moody’s toont zich in het vanmorgen gepubliceerde rapport zeer gunstig over Nederland en de vooruitzichten voor de economie. De prognoses voor 2006 en 2007, met een economische groei van respectievelijk 3,3 en 3 procent, zijn in lijn met de verwachtingen van het Centraal Planbureau.

Vergeleken met het gemiddelde van de eurolanden is de productiviteitsgroei in Nederland hoger en verbetert de concurrentiepositie, die Moody’s afmeet aan de stijging van de loonkosten per eenheid product.

De kredietbeoordelaar gaat ervan uit dat de staatsschuld volgend jaar daalt naar 47,9 procent van het bruto binnenlands product. Dat is veel lager dan het gemiddelde in de andere eurolanden van 70 procent.

Moody’s tekent wel aan dat de gemiddelde schuld, met name de hypotheekschuld, van Nederlandse huishoudens zeer hoog is. Daar staat weliswaar een groeiend bezit tegenover, maar het maakt de economie gevoeliger voor schokken, zoals een plotselinge stijging van de rente of een daling van de woningprijzen.