‘Israël wil Beit Hanoun wegvagen’

Bij een Israëlische tankbeschieting op Beit Hanoun in de Gazastrook werden vanochtend 18 Palestijnse burgers gedood, in de strijd tegen Qassamraketten. „Wat hebben m’n zusters daarmee te maken?”

In een mortuarium rouwen Palestijnen om hun verwanten die vanochtend in Beit Hanoun in de Gazastrook zijn omgekomen bij een Israëlische tankaanval. Foto AP Family members mourn the dead at the hospital morgue in the Gaza strip town of Beit Lahiya Wednesday Nov. 8, 2006. Israeli tank shells landed in a residential neighborhood north of the neighboring village of Beit Hanoun early Wednesday, killing at least 18 people in their sleep, including eight children, according to witnesses and hospital officials..(AP Photo/Khalil Hamra) Associated Press

Er is maar één reden te verzinnen voor dit „bloedbad”, denkt Mohammed Hamad (24), en dat is dat het Israëlische leger de stad Beit Hanoun van „de kaart wil vegen”.

Daar lijkt het inderdaad op. Het stadje met 30.000 inwoners in de Gazastrook biedt uitzicht op Sderot, Kfar Azza en andere, zeer welvarende, inmiddels beursgenoteerde kibbutsen. Vanuit de kaalgeslagen omgeving van Beit Hanoun schieten militanten regelmatig Qassamraketten af op Israëlische doelen, die zelden worden geraakt.

„Maar wat hebben mijn zusters, tantes en ooms met de Qassams te maken? Helemaal niets”, zegt hij voor het vier etages tellende huis waar zijn familieleden bij zonsopgang zijn omgekomen. Tankgranaten hebben de muren doorboord. Ook aanpalende huizen zijn geraakt en gedeeltelijk ingestort nadat Israëlische tanks het vuur openden. „Boem, boem, boem, het ging maar door”, zegt Ibrahim Al-Kafarna, een journalist in dienst van de Palestijnse Autoriteit en woonachtig in Beit Hanoun. Nadat hij zeven dagen niet naar huis kon wegens de Israëlische belegering was hij net weer terug bij zijn familie. Hij zegt zeker 60 inslagen te hebben gehoord. „Ze gingen door met schieten ook toen er mensen op straat renden.”

De Hamads en de Al-Kafarna’s, clans die hier al sinds het Ottomaanse bestuur boeren, zijn van de vijf getroffen families het zwaarst geraakt door de tankaanvallen, die plaatshadden nadat het leger had aangekondigd uit Beit Hanoun te vertrekken. Onder de 18 doden zijn zeker zeven vrouwen en een nog niet vastgesteld aantal kinderen.

Het stadje, waar gistermiddag tienduizenden hun eerdere doden begroeven na de opheffing van het beleg, is een ravage. Alle met Amerikaans en Europees geld gebouwde bruggen zijn vernietigd, de moskee is een puinhoop, de school voor landbouwkundigen is onbruikbaar, tanks en bulldozers hebben wegen en huizen vernietigd en met geweld nieuwe stegen aangelegd. Bijna geen huis is onbeschadigd.

In de zeven huizen waar vanochtend de meeste slachtoffers vielen zijn de gangen besmeurd met bloed en op straat wijst Mohammed hulpverleners van de Rode Halve Maan naar een afgescheurde, eeltige hand. In het Kamal Adwan-ziekenhuis gaat hij later op zoek naar andere familieleden. Hij is niet de enige die door de gangen dwaalt en de gezichten onderzoekt. Op de vrouwenafdeling ligt een tienjarig meisje in haar pyjama met grote, betraande staarogen. Zij is de enige van haar familie die de beschietingen heeft overleefd maar weet dat nog niet.

In de straten van Jabaliya en Gazastad wordt gedemonstreerd. Op Al-Aqsa-radio, het station van Hamas, en in de moskeeën worden „alle strijders” opgeroepen de zelfmoordacties („de operaties”) in Israël te hervatten na de drie dagen van rouw. Maar zover gingen Hamasleiders als premier Haniyeh en Mahmoud Zahar niet. Zij zijn verwikkeld in besprekingen met president Abbas over een eenheidsregering van niet-partijgebonden technocraten. Op die manier willen ze de internationale boycot doorbreken.

Hamad: „En Abbas wil dat wij dit Israël erkennen, dat ons wil wegvagen en altijd wel een excuus heeft om massaslachtingen zoals vandaag te vergoelijken. Lees wat de nieuwe minister Lieberman zegt, dan weet de wereld wat er hier aan de hand is.”

Israëlische regerings- en legerwoordvoerders verklaren intussen het „incident te betreuren”, maar dat Israël het recht heeft zichzelf te verdedigen tegen de Qassambeschietingen. Daarom zal het offensief, het grootste sinds meer dan een jaar, op korte termijn worden hervat. Er zal een onderzoek volgen. Een onderzoek waar niemand meer iets van zal vernemen, zo leert de ervaring in wenend Gaza.