Haitink aangedaan op de avond van de verzoening

Gisteravond was het exact vijftig jaar geleden dat Bernard Haitink (77) debuteerde voor het Koninklijk Concertgebouworkest. Het orkest vierde dat met een ‘Gouden Gala’.

Het jaar 1956 was het. Een herdenkingsconcert voor de inval van het Rode Leger in Hongarije. Carlo Maria Giulini zou ermee debuteren voor het Concertgebouworkest, maar hij werd ziek. De 27-jarige Bernard Haitink sprong na aarzeling in als vervanger, maar betoonde zich vooral blij dat het een stemmig herdenkingsconcert betrof. „Het lauwe applaus dat ik zal oproepen (…) ontgaat me dan.”

Die uitspraak staat in het boek De klank als handschrift over Haitink en het Concertgebouworkest, dat gisteravond – precies vijftig jaar na dato – aan Haitink zou worden overhandigd. Omdat hij zich van de inhoud distantieerde, bleef zijn jubileumavond gisteren in het Concertgebouw vooral een gewoon concert. Een Gouden Gala op zijn Hollands; mét gratis drankjes, een algemeen liberaal opgevatte kledingcode en de aanwezigheid van burgemeester Cohen, maar zonder uitbundige feestelijkheden.

Applaus was er nu, zowel na de door Haitink geleide uitvoeringen van Mahlers Das Lied von der Erde als Vierde symfonie, wel in overvloed. Dat maakte de avond toch tot een historische gebeurtenis: een definitieve verzoening met Amsterdam, dat hem – de oud-chefdirigent die destijds met geharrewar vertrok en een tijdlang niet voor het orkest stond – inhaalde als een stadsheld in de arena. Het concert besloot met minutenlange ovaties en gejoel. Maar het roerend hoogtepunt lag in Haitinks korte, maar onmiskenbaar aangedane blik voor de pauze en na afloop van het lied Der Abschied, waarmee de cyclus Das Lied von der Erde besluit.

Haitinks aanpak in Das Lied von der Erde, dat hij 26 jaar geleden voor het laatst bij het Concertgebouworkest dirigeerde, sloot aan op die van de Vierde symfonie vorige week. Bij een goed aandeel van de ouderwetse alt Anna Larsson en een weinig markante invulling van tenor Robert Dean Smith prevaleerden orkestraal de helderheid en balans boven zwaar aangezet drama. De mooiste orkestrale sleutelmomenten onderstreepten inhoudelijke keerpunten in de tekst, zoals Ich suche ruhe für mein einsam Herz (Der Abschied).

Tegen deze krant zei Haitink vorige week te willen besluiten met de Vierde symfonie en de ode aan de vreugde en muziek zoals die daar klinkt in Wir geniessen die himmlisschen Freuden. De uitvoering van gisteren miste iets van de scherpte van vorige week, maar in het slotdeel bereikte sopraan Christina Schäfer het gewenste effect. Ook hier lag het emotionele hoogtepunt echter juist waar de sfeer verstilde; Kein Musik ist ja nicht auf Erden, die unsrer verglichen kan werden.