Berg van vlees zonder kop of kont op danspodium

CaDance Den Haag. 1.Tangent. 2. Protocol of Desire. 3. trans.form. Cadance: t/m 11/11. Inl.: 070-3637540 of www.cadance.nl. Protocol: t/m 3/3. Inl.: www.liminalinstitute.nl

Intuïtie, emotie en sensualiteit zijn dit jaar de trefwoorden van het Cadance festival voor moderne dans. Onder de noemer ‘Double Intuition’ gaf Cadance vier opdrachten voor duetten. Afgelopen week gingen in het Haage Korzo Theater twee daarvan in première.

Het duet Tangent van Kenzo Kusuda en Amos Ben-Tal kent wel een zekere sensualiteit. De twee cirkelen als nieuwsgierige honden om elkaar heen, en koesteren elkaar in diffuus en warm rood licht dat uit de lampen omhoog schijnt. Mooi is als ze in dat licht baden. Maar veel meer dan de aan butoh-dans ontleende golfbewegingen bij Kusuda en de op zich expressieve, grote bewegingen bij Ben-Tal biedt dit korte duet niet. Alleen de afwisseling van diepe stilte met snoeiharde rockmuziek gaf dit al te wollige duet iets van theatrale spanning.

Intrigerend was Protocol of Desire van Martin Butler en Renée Copraij. Butler beweegt zich als maker/performer op de grens van dans en mime, Copraij werd vooral bekend als danseres bij de Vlaming Jan Fabre.

Hun duet is vooral zo spannend omdat het op de millimeter nauwkeurig gezet is. Of het nu gaat om hun tergend langgerekte spel of juist om kort afgemeten pasjes waarmee ze elkaar benaderen. Ze presenteren zich aanvankelijk gedistingeerd als dansende pendant van het kunstenaarsduo Gilbert & George. Gaandeweg wordt hun spel dat van een bizar ritueel. Ze ontkleden zich bijna tot op het blote lijf en plooien hun kledij akelig minutieus elk over een stoeltje. Hun beeldende bewegingen hebben de heldere schoonheid en verstilde poëzie van de Vlaamse surrealist Magritte. Het onderkoeld gehouden spel van verlangen komt tot uitbarsting in een woest schimmenspel, onder swingende begeleiding van elektronisch versterkte klanken van harp en draailier. Protocol of Desire is curieus maar verkwikkend.

Buiten dit duettenkader presenteerde André Gingras trans.form. Dat heeft als thema het fenomeen van transformatie zoals de maker dat meemaakte op Bali bij een tranceritueel. Bij de openingsscène zijn de vier dansers met lijf en leden samengeklonterd tot een berg van vlees zonder kop of kont. Deze anonieme vleespartij verandert voortdurend van vorm. Elders op het podium is dat beeld mooi geëchood door een hoge stapel kussens.

Een volgende scène is geënt op Indonesisch maskerspel, wat boeit, net als de muziek van Rahayu Supanggah boeit. Maar verder is trans.form weinig coherent en staat de lengte in geen verhouding tot de inhoud.