AEX-fondsen in gevarenzone

Ahold houdt uitverkoop. De pressie van zwerfkapitalisten om dat te doen was er al. Nu is de koers ook al 6 procent lager. Tijd voor het ‘nieuwe kapitaal’. Maar Ahold loopt niet als enige gevaar.

Eén onderneming, twee zwerfkapitalisten en drie kansen (of bedreigingen, zo u wilt).

De pressie van de zwerfkapitalisten (hedgefondsen) Paulson en Centaurus op de top van supermarkt- en voedingsbedrijf Ahold om een grote Amerikaanse uitverkoop te houden, is half geslaagd. Voedingsgroothandel US Foodservice gaat wel in de verkoop, zei Ahold maandagmiddag, maar het merendeel van de Amerikaanse supermarkten van Ahold niet. De Ahold-beurskoers is sindsdien met 6 procent gedaald.

Nu hebben investeringsmaatschappijen (private equity) het voor het uitkiezen. „De activistische technieken van zwerfkapitalisten op de financiële markten kunnen sommige bedrijven ‘overnamerijp’ maken voor biedingen van private-equityfinanciers, door strategisch falen te belichten en te ageren ten gunste van een wisseling van de leiding”, schrijft de Britse financiële toezichthouder FSA in een rapport dat deze week is verschenen. Zwerfkapitalisten schuimen de wereld af op zoek naar het hoogste rendement. Private-equityfinanciers kopen complete bedrijven of divisies van concerns die daarvan af willen.

De investeerders uit de private-equitywereld hebben nu drie opties. De eerste: in de rij staan voor US Foodservice. Of een haakse bocht nemen en mikken op de Amerikaanse supermarkten, die Ahold niet wil verkopen, maar de zwerfkapitalisten willen dat wel. Of gaan zij voor een Europees record en bekijken zij meteen een miljardenbod op heel Ahold?

Op de eerste actie kun je de klok gelijk zetten. De tweede optie is wat lastiger, maar financiers zijn traditioneel hongerig naar supermarkten en vergelijkbare bedrijven, die een fraaie kasstroom opleveren. Diverse bedrijven die Ahold tot aan het boekhoudschandaal in 2003 in de Verenigde Staten kocht, kwamen uit de stal van private-equityinvesteerders: groothandel Alliant en de supermarktketens Pathmark, Bruno’s en Stop & Shop. Ahold heeft Bruno’s samen met een andere Amerikaanse keten in 2004 in een eerdere sanering al weer doorverkocht. Aan een private-equityfinancier.

De derde kans is de meest gewaagde. Maar het onbereikbare is op dit moment niet meer ver weg. De opkopers zijn gretig. Hun overnamekassen zijn vol. Banken staan bovendien in de rij om hen te helpen met kredieten. Geld hoeft geen belemmering te zijn.

Afgelopen week bevestigde Vivendi, het Franse mediabedrijf (Canal Plus, platenmaatschappij Universal), de avances van KKR, de Amerikaanse private-equityfinancier, die bereid was 50 miljard dollar (40 miljard euro) te betalen voor een overname.

De grootste transactie tot nu toe in Europa is de overname van de Deense telefoonmaatschappij Tele Danmark. Prijskaartje: bijna 13 miljard euro. De grootste in de VS is die van ziekenhuizenexploitant HCA: 33 miljard dollar (ruim 26 miljard euro).

Het bod op Vivendi ging niet door, maar de bedragen geven aan wie binnen het bereik van het ‘nieuwe kapitaal’ ligt. In Nederland vrijwel iedereen. Royal Dutch Shell (officieel Brits) is te groot. Voedings- en zeepfabrikant Unilever is 60 miljard euro waard, ruim de helft via de AEX.

Nederland staat overnames door private equity dit jaar van VNU en de halfgeleiderdivisie van Philips sowieso al op de kaart. Het rapport van de Britse financiële toezichthouder FSA noemt als drie grootste markten op het Europese continent: Frankrijk, Duitsland en Nederland.

In het FSA-rapport wordt ook duidelijk waarom de bomen tot in de hemel groeien. Het kapitaal van de private-equityfinanciers laat een ware vermenigvuldiging zien. In de eerste zes maanden verwierven vijftien private-equityfinanciers nieuwe beleggingsfondsen met elk meer dan 1 miljard dollar, schrijft de FSA. Daarmee stijgt hun koopkracht rap, doordat zij bij grote transacties graag samenwerken (zie inzet: ‘Lid van de club?’)

Maar zeker zo belangrijk is de tomeloze inzet van het bankwezen. Bij grote aankopen leggen de private-equitybeleggers maar 21 procent van het overnamebedrag op tafel, becijfert de FSA op basis van zijn onderzoek naar de grootste transacties. De rest van de financiering bestaat uit rentedragende schulden, zoals bankkredieten. Een peiling van de FSA onder grote banken in Londen geeft cijfers over de omvang van leningen voor de financiering van aankopen door private equity: 68 miljard euro, een stijging van 17 procent in twaalf maanden. En daarvan verkopen de banken in de eerste 120 dagen na een grote transactie maar liefst 81 procent door aan anderen. Dat reduceert hun risico’s terwijl zij wel aantrekkelijke provisies incasseren.

En daarover maken de toezichthouders, in Londen, Frankfurt en Amsterdam zich zorgen. Zij doen samen onderzoek naar het ‘nieuwe kapitaal’ en de gevolgen voor de financiële wereld en de economie. Wie is de nieuwe eigenaar van al die schulden? Kent de nieuwe eigenaar van de schuld wel alle risico’s? Want dat het een keer fout gaat met één of meer van zulke met schuld overladen overnames is voor de toezichthouders alleen nog maar een kwestie van tijd.