Toch discriminatie van allochtonen bij sollicitatie

Allochtonen hebben bijna een kwart minder kans om te worden uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek, blijkt uit nog niet gepubliceerd onderzoek door de Erasmus Universiteit (zie ‘Jansen of Abdallah’). Minister Wijn van Economische Zaken (CDA) beweerde vorige week nog dat allochtonen bij sollicitaties niet worden gediscrimineerd.

Wijn deed die uitspraak op grond van onderzoek door de Stichting Economisch Onderzoek (SEO). De projectleider van dit onderzoek kwam vandaag in het VPRO-radioprogramma Noorderlicht op die conclusie terug.

In het SEO-onderzoek staat dat het vaak lijkt alsof werkgevers discrimineren. Allochtonen hebben vaker een lager opleidingsniveau, beheersen de Nederlandse taal minder goed en presenteren zich minder goed tijdens het gesprek. Werkgevers blijken allochtonen minder snel uit te nodigen voor een sollicitatiegesprek, maar „dit wordt veroorzaakt door hun bijkomende kenmerken, niet door hun etniciteit op zich”, staat in het rapport. Dit was de basis voor de conclusies van Wijn.

„Als je wilt weten of er gediscrimineerd wordt, kijk dan niet naar ons onderzoek”, zei projectleider Marloes de Graaf echter vandaag over het onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken.

„Er is ons juist expliciet gevraagd niet te veel op etniciteit te focussen”, zegt De Graaf. Als de SEO alleen discriminatie had moeten onderzoeken, was het onderzoek anders uitgevoerd.

Nu is het onderzoek gebaseerd op een enquête, waardoor niet kan worden uitgesloten dat werkgevers sociaal wenselijke antwoorden geven. „Anders hadden we sollicitatiebrieven verstuurd voor bestaande vacatures, met de ene keer een Nederlandse en de andere keer een allochtone naam.”

Die onderzoeksmethode is wel gebruikt door de Erasmus Universiteit Rotterdam. Daaruit komt dat allochtonen een veel kleinere kans hebben te worden uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek. De SEO vond een verwaarloosbaar kleinere kans. „Ze hebben een betrouwbaarder meetmethode gebruikt dan wij”, zegt De Graaf. „Dat betekent dat hun resultaten ook betrouwbaarder zijn.”