Ortega versie 4.0 voor Nicaragua

Volgens de eerste uitslagen wordt Daniel Ortega na zestien jaar opnieuw de president van Nicaragua.

Bij zijn vierde gooi naar het leiderschap zat alles mee.

Sandinistenleider Daniel Ortega Saavedra (61) is terug. Maar, hij is veranderd. Zestien jaar nadat ze hem het presidentschap ontnamen, kozen de Nicaraguanen gisteren een nieuwe Daniel. De man die tijdens de Koude Oorlog een links-revolutionair bewind leidde in Amerika’s achtertuin heeft de felle taal tegen de Verenigde Staten en het kapitalisme afgezworen. Hij is nu een vroom christen. Kritiek op het neoliberalisme uit hij door paus Johannes Paulus II te citeren, die in 1996 in Nicaragua sprak over ‘wildwest-kapitalisme’.

In de drie voorgaande verkiezingen, riepen Ortega’s tegenstanders nog met succes doembeelden op van nieuwe oorlog en crises. De rechtse tv-zender Canal2 liet gisteren talloze oudere bellers huilend vertellen hoe ze vrezen voor een terugkeer naar de jaren tachtig. Maar een groot deel van Nicaragua’s piepjonge bevolking gunt Ortega wél haar vertrouwen.

Na telling van 40 procent van de stemmen staat Ortega op 40 procent. Zijn directe rivaal, de liberaal Montealegre, blijft steken op 32 procent. Ook een onafhankelijke waarnemersgroep wees Ortega aan als winnaar. Om te winnen in de eerste ronde volstaat 35 procent met een voorsprong van 5 procent op de nummer 2. De andere kandidaten, de rechtse Rizo en de linkse Jarquín, haalden respectievelijk 20 en 7 procent.

Het zaaien van angst was de geijkte rechtse strategie sinds 1990. Toen werd Ortega verslagen door Violeta Chamorro, de kandidate van een door de VS gesteund oppositieblok. Het verjagen van de dictatoriale Somoza-dynastie, de verbetering van de gezondheidszorg, de alfabetiseringscampagnes, het uitdelen van grond aan kleine boeren: al deze verworvenheden van de sandinistische revolutie (1979) wogen niet meer op tegen de economische crisis die werd veroorzaakt door de handelsblokkade van de VS en het sandinistisch wanbeleid.

Bovenal hoopten Chamorro’s kiezers ook dat met haar een einde kwam aan de Contra-oorlog. Het land was door de terreur van de door de VS gesteunde Contra-strijders in een bloedige burgeroorlog gestort. De Contra’s saboteerden met grof geweld de sociale projecten van de sandinisten en moordden hele dorpen uit.

Er kwam inderdaad vrede, maar drie opeenvolgende neoliberale regeringen hebben het land amper uit zijn diepe armoede kunnen halen. Dat sandinist Ortega het van de kiezers nu eens in vredestijd mag proberen, lijkt dan ook geen verrassing. Ware het niet dat Ortega sinds 1990 flink naar rechts is opgeschoven en tegenwoordig innige banden onderhoudt met het bedrijfsleven.

Volgens zijn critici was dit de reden dat hij het afgelopen half jaar geen interviews gaf en tv-debatten meed. „Hij wist dat alleen de echte Daniel de fictieve Daniel kan ontmaskeren”, stelde de linkse schrijfster Gioconda Belli. „Hij claimt de verworvenheden van onze revolutie. Maar de sandinisten waren succesvol als collectief, nooit door Daniel alleen.”

Ortega mat zich tijdens de campagne zorgvuldig een verzoenend en vredelievend imago aan. De oud-Contra Jaime Morales werd zijn kandidaat voor het vice-presidentschap. Hun slogan: ‘Geef ons een kans in vrede’.

Naar verwachting krijgen ze een kans in vrede. De VS zullen anno 2006 niet opnieuw tot militaire inmenging overgaan, hoewel Ortega’s kandidatuur de laatste weken veel Amerikaans verzet opriep. Het ‘rode gevaar’ was in deze retoriek vervangen voor terreurdreiging. Rechtse Amerikanen legden via de Venezolaanse steun aan Ortega een link tussen hem, Iran en ‘dus’ moslimterroristen. De presidenten van Iran en Venezuela gaan immers wel eens bij elkaar op visite.

Bepalender dan alle Amerikaanse bemoeienis zijn wellicht de tv-beelden geweest van een tanker met goedkope Venezolaanse stookolie die een Nicaraguaanse haven binnenvoer. Ortega belooft dat meer schepen zullen volgen en hij zo de nijpende energie- en transportcrises oplost.

Ortega’s uitdagingen zullen dan ook vooral economisch zijn. Een grote rol is weggelegd voor vice-president Morales. Hij is van neoliberale snit en zal het kabinet samenstellen.