Het concern Ahold

Het kan de onzichtbare hand van de markt zijn geweest, maar achteraf bezien is het tekenend dat het aandeel Ahold op 8 maart 2000 met 6 procent daalde, daags nadat het concern de overname van US Foodservice voor 8 miljard gulden bekendmaakte. Gisteren deelde het Ahold-concern mee het Amerikaanse bedrijf van de hand te willen doen, voor een beoogde opbrengst van rond 4 miljard euro.

De Amerikaanse dochter staat symbool voor de twee tekortkomingen die Ahold in de tussentijd hebben geplaagd. Allereerst bleek US Foodservice begin 2003 de lont in het kruitvat van het boekhoudschandaal bij Ahold. Na een lange martelgang, waarbij de top sneuvelde en er een compensatie van bijna een miljard werd betaald aan gedupeerde beleggers, hoopt Ahold onder topman Anders Moberg dat verleden nu achter zich te hebben gelaten.

US Foodservice staat ook symbool voor de begrenzing van een bedrijfsimperium. Ahold nam zo noest over, dat het uiteindelijk supermarktketens begon te kopen in landen die minder voor de hand lagen, of zich richtte op andersoortige bedrijven op markten waar dat wél zinvol was, maar waar weinig meer over te nemen was. Met Tops was al destijds een winkelketen gekocht, die eigenlijk niet meer aan de kwaliteitseisen voldeed. US Foodservice moest de nieuwste parel worden in het snoer van Amerikaanse supermarkten die het concern al had geregen, maar het was een distributiebedrijf van kant-en-klaarmaaltijden, géén supermarkt. De verkoop die Ahold gisteren aankondigde, onderstreept dat er te weinig samenhang is tussen deze twee activiteiten.

In Aholds desinvesteringsstrategie, die gisteren gepresenteerd werd, liggen alle fouten uit het verleden besloten. Niet alleen US Foodservice gaat weg, ook worden kopers gezocht voor Tops, voor winkelketens in Polen en Slowakije en voor een minderheidsdeelneming in Portugal. Dat voornemen is toe te juichen, al is er het nodige aan te merken op het ontbreken van details, en het wél handhaven van de activiteiten in bijvoorbeeld Tsjechië.

De opbrengst van US Foodservice gaat voor de helft, 2 miljard euro, naar schuldreductie. De andere helft gaat naar de aandeelhouders, die gunstig moeten worden gestemd. Dat laatste is hard nodig. Ahold voelt de adem van kritische aandeelhouders, waaronder de hedgefondsen Centaurus en Paulson, in de nek. Het is erg modern deze twee af te doen als ‘sprinkhanen’, maar zij hebben wel een punt. Het aandeel Ahold mag dan in de maanden na het aantreden van Moberg, in 2003, een koerssprongetje hebben gemaakt, in de drie jaar sindsdien is er bitter weinig gebeurd. Het noteert nu zo'n tien procent hoger dan destijds, terwijl de beursindex in diezelfde periode met tweederde steeg.

Ahold heeft al veel tijd gekregen om het noodlottige boekhoudschandaal achter zich te laten. Het zal nu snel moeten laten zien dat het als samenhangend concern meer te bieden heeft dan de afzonderlijke onderdelen.