‘Een erkenning voor cabaret’

Gistermiddag reikte Prinses Margriet de Prins Bernhard Cultuurfondsprijzen uit aan cabaretier Theo Maassen, wetenschapster Nicoline van der Sijsen en vertaler Arthur Langeveld.

Zwarte limousines, politie en een vrachtwagen van cateringbedrijf Maison van den Boer voor de deur. Prinses Margriet reikte gisteren in het Amsterdamse Muziekgebouw aan het IJ de Prins Bernhard Cultuurfondsprijzen uit. Eens in de drie jaar reikt het Fonds prijzen uit op het gebied van cultuur en natuur. Dit jaar waren theater, natuurbehoud en geesteswetenschappen aan de beurt. Ook werd de jaarlijkse Martinus Nijhoffprijs voor vertalingen uitgereikt. Deze prijs, 35.000 euro groot, werd toegekend aan slavist Arthur Langeveld, die de laatste jaren onder meer Gontsjarovs Oblomov en Dostojevski’s De Broers Karamazov opnieuw in het Nederlands vertaalde. De jury prees zijn vertalingen om hun „voorbeeldige weergave van de brontekst”. Langeveld bedankte zijn woordenboeken en naslagwerken. „Ik word altijd gekweld door twijfel omtrent mijn kennis van het Nederlands en Russisch. Zij staan mij bij.”

De driejaarlijkse oeuvreprijzen van het Prins Bernhard Fonds zijn 50.000 euro groot, en komen tot de winnaars in de vorm van een hardplastic hoes met daarin een oorkonde. Tijdens de stijve ceremonie reikte Prinses Margriet de prijzen uit. Tussen de bedrijven door zaten zij en fondsdirecteur Adriana Esmeijer in woest vormgegeven stoelen die hun hoofden voor de zaal aan het zicht onttrokken. De prijs voor Natuurbehoud ging naar de Stichting Nationale Boomfeestdag, die het contact tussen kinderen en de natuur bevordert door basisschoolleerlingen bomen te laten planten.

Wetenschapster Nicoline van der Sijs won de prijs voor haar werk op het terrein van de etymologie en de geschiedenis van het Nederlands. De jury prees Van der Sijs’ vermogen met de originele opzet van haar werk een breed publiek te bereiken. Van der Sijs wil het prijzengeld besteden, zei ze, aan onderzoek naar woord-leden, „zoals ‘ont’ in ontvangst, ‘uit’ in uitreiking en ‘lijk’ in koninklijk.’

De laatste laureaat,Theo Maassen, was de eerste cabaretier die de theaterprijs van het Fonds in ontvangst nam. Volgens de jury is Maassen grof en vrouwonvriendelijk, maar geeft hij met ‘zijn trouwe hondenogen’ een tegenkleur aan zijn soms gruwelijke uitspraken. Maassen begon zijn dankwoord met „Landgenoten!” en zei zijn prijs te zien als erkenning voor het genre cabaret, waarop volgens hem wordt neergekeken. Waaraan hij de prijs ging besteden wist hij nog niet, zei hij na afloop: „Cabaret kost niks, geen idee hoe ik dat geld kwijt moet raken.”