Bloed, geweld en gespuis

Welkom in het inktzwarte ironische universum van Cave en co.

Hoofdthema is de broederstrijd tussen Arthur en Charlie Burns.

Kogels schieten als vliegen heen en weer. Bzzjjt. Fjieuw. Tak. Tak. Tak. En daarna zoemen de vliegen zelf boven de lijken. Locatie: een Chinese hoerenkast in de Australische outback. Datum: ergens rond 1880. Rocksinger Nick Cave en regisseurJohn Hillcoat, twee Australische expats die elkaar alweer vele jaren geleden in Londen leerden kennen en sindsdien vaker filmisch samenwerkten (zie kader), lieten deze kogels suizen in hun antiwestern The Proposition (2005). Ze keerden daarin terug naar de extreem gewelddadige founding years van hun geboorteland: toen een stelletje gevangenen en het gespuis dat zichzelf aan de goede kant van de wet zag staan aan de andere kant van de aardbol het beloofde land ging bebouwen. Dat moeten we wel opmaken uit het stichtelijke liedje waarmee de film begint. Maar het trapharmonium is vals en de zwart-witfoto’s van dode Aboriginals en Engelsen vertellen een ander verhaal. Welkom in het inktzwarte ironische universum van Cave en co. Waarin elke levensgeschiedenis in een murder ballad bezongen kan worden.

The Proposition zit vol met Cave’s gebruikelijke Oud Testamentische verwijzingen, geschreven in het bloed dat het Christendom zo gretig heeft laten vloeien. Hoofdthema van de film is de broederstrijd tussen Arthur en Charlie (Guy Pierce) Burns om hun jongere broertje Mike. Mike is ter dood veroordeeld, maar kan gered worden als Charlie Arthur verraadt. Het is een en al oog om oog, tand om tand. Een en al oncompromisloze pathos omtrent personages die allemaal moreel gecompromitteerd zijn. Bij wijze van extra dramatische ironie wordt Arthur gespeeld door Danny Huston, de zoon van westernregisseur optima forma John Huston. In een van de vele extra’s op de dvd vertelt hij, zijn vader personifiërend, hoe die op de laatste dag van de opnamen van de film The Treasure of the Sierra Madre (1948) tegen hoofdrolspeler Humphrey Bogart gezegd zou hebben: „Bogey, volgens mij hebben we iets heel bijzonders gemaakt.” Waarop Bogart antwoordde: „In hemelsnaam John, het is maar een western.”

Cave en Hillcoat peuren en prikken in deze personages, verse slachtoffers van een meedogenloos leven en een al even meedogenloze natuur, overweldigend wreed in beeld gebracht door cameraman Benoît Delhomme. Hij liet de hemel bloeddruppels huilen, de lucht de aarde vermorzelen en de horizon spoken en fantomen baren.

The Proposition

Regie:John Hillcoat, A-Film. Met Guy Pearce, Ray Winstone .

Film

Extra’s

The Proposition is met andere re-

cent uitgebrachte en hier niet vertoonde Australische films, in december in het Filmmuseum te zien. Zie; www.filmmuseum.nl