Afrekenen met een gevaarlijke God

Vanuit de evolutie is de taaiheid van het geloof niet te verklaren, toont evolutiebioloog Richard Dawkins in The God Delusion (Bantam Press, € 35,-). De afrekening met de religie is volgens Rob van den Berg overtuigend: Dawkins begint ‘redelijk voorzichtig en traditioneel, met het onderuit halen van een aantal vermeende bewijzen van Gods bestaan. Hij laat ook zien dat uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat bidden niet helpt en dat goddelijke visioenen berusten op een al te grote hersenactiviteit. Er is ook geen God nodig om de complexiteit van het leven op aarde te verklaren. Als bioloog weet Dawkins feilloos hoe hij de voorbeelden onderuit moet halen, die Intelligent Design-theoretici steeds naar voren brengen, zoals de zweepstaart van de bacterie. Wat Dawkins het meest stoort, is dat Intelligent Design een fundamenteel onwetenschappelijke manier van denken weerspiegelt. Aanhangers ervan zoeken gaten in de kennis en nemen aan dat alleen God die kan vullen. Maar naarmate de wetenschap voortschrijdt, worden gaten kleiner, en blijft er voor de Schepper geen plek meer over om zich te verbergen. Terwijl er zo’n schitterende verklaring is voor het ontstaan van al die complexiteit: natuurlijke selectie en overerving van eigenschappen.’