Het brein en de uitdrager

FC Twente is onder leiding van het trainersduo Fred Rutten en René Eijkelkamp terug in de subtop van de eredivisie. Hun kracht? „Of het elftal goed draait of niet, ze gedragen zich altijd hetzelfde”, stelt commercieel directeur Jan van Halst.

Fred Rutten (links) en René Eijkelkamp spreken de spelers van FC Twente toe op de training. Foto Eric Brinkhorst Hengelo 4-11-2006 fctwente trainersduo fred rutten . rene eykelkamp ©foto eric brinkhorst Brinkhorst, Eric

Als een morele overwinning. Zo voelt het 0-0 gelijkspel voor supporters en spelers van FC Twente, gisteren na afloop van het duel tegen FC Utrecht in Stadion Galgenwaard. Terwijl de fans van de thuisclub hun helden op een striemend fluitconcert trakteren, applaudisseren de voetballers en supporters van FC Twente voor elkaar. Even later analyseert Fred Rutten het optreden van zijn ploeg. René Eijkelkamp blijft zoals altijd op de achtergrond. „Het enige verwijt dat ik de ploeg kan maken is dat we niet gescoord hebben. Verder hebben we uitstekend uitgevoerd wat we vooraf hadden afgesproken.” Bij het vertrek uit de Domstad overheerst bij zowel Rutten als Eijkelkamp een gevoel van tevredenheid.

Onder leiding van de twee oud-voetballers staat FC Twente op de vierde plaats van de eredivisie. Kwam de club de afgelopen tien jaar nooit verder dan een zesde positie, dit seizoen blijven de Tukkers in het spoor van de topploegen Ajax, PSV en AZ. Rutten geldt als het brein achter FC Twente. Eijkelkamp als degene die de ideeën naar buiten draagt en zorgt voor een goede teamgeest. Volgens hun omgeving vormen zij – juist omdat zij elkaar zo goed aanvullen – een gouden duo.

Rutten en Eijkelkamp geven nu vier maanden leiding aan de ploeg uit Enschede. De eerste als trainer-coach en technisch manager, de tweede als zijn assistent, samen met Eric ten Hag. Het tweetal geniet een grote populariteit bij spelers, technische staf en supporters – en niet alleen wegens de goede prestaties. „Het grote voordeel van René en Fred is dat ze zo stabiel zijn”, zegt Jan van Halst, commercieel directeur van de club. „Of het elftal goed draait of niet, ze gedragen zich altijd hetzelfde. En dat terwijl de druk van pers en publiek toch groot was aan het begin van dit seizoen.”

Hij herinnert zich nog goed hoe Eijkelkamp na zijn eerste persconferentie met een biertje tussen de journalisten ging zitten. „We keken elkaar aan en zeiden: ‘Dit is goed’.”

René Eijkelkamp (1964) groeit op in Dalfsen in Overijssel. Na de mavo wordt hij toegelaten tot het voetbalinternaat van Go Ahead Eagles. Bij die club maakt hij op 8 november 1981 zijn debuut, onder leiding van trainer Bob Maaskant. Het is de periode van Wim Woudsma, Nico van Zoghel en Kees van Kooten – spelers die hem de finesses van het voetballen bijbrengen. De lange spits maakt vervolgens furore bij FC Groningen en KV Mechelen.

Na een tussenstop bij Club Brugge wordt Eijkelkamp in 1995 als pinchhitter aangetrokken door PSV. Bij die club beleeft hij zijn beste jaar; in het eerste seizoen is hij goed voor negen goals in dertig wedstrijden. Als PSV na twee seizoenen besluit om Eijkelkamp geen nieuw contract aan te bieden, stort hij zich in een buitenlands avontuur bij Schalke 04.

„Hij begon als mijn beoogde stand-in”, herinnert oud-voetballer Youri Mulder zich. „Maar hij deed het zó goed, dat hij uiteindelijk naast mij in de spits belandde.” Volgens de analyticus van Studio Sport groeide Eijkelkamp binnen korte tijd uit tot „een cultfiguur” in Gelsenkirchen. „René was een geniale speler. Hij deed dingen met de bal die andere voetballers niet snel doen. Niet gracieus misschien, wel balvaardig. Hij is een van de meest intelligente spelers met wie ik heb gespeeld.”

Twee jaar na zijn afscheid als prof, in 1999, slaagt Eijkelkamp voor de KNVB-cursus trainer-coach. Via FC Twente en Go Ahead Eagles komt hij in 2004 als assistent-trainer bij PSV terecht. Samen met Guus Hiddink en Fred Rutten vormt Eijkelkamp het trio ‘wijzen uit het oosten’.

Fred Rutten (1962) voetbalt als jongetje bij amateurclub Alverna Wijchen in Gelderland. Op vijftienjarige leeftijd verhuist hij naar FC Twente, waar hij zich ontwikkelt tot een vrije verdediger met behoorlijk spelinzicht en een mooie pass. „Rutten was als aanvoerder de nestor van het elftal”, zegt Van Halst, die begin jaren negentig twee seizoenen met hem bij FC Twente speelde. „Hij hielp, stuurde en gaf je op je donder als het moest. In feite doet hij nu precies hetzelfde als toen, alleen buiten het veld.”

Mulder, in dezelfde periode actief in Enschede, is het met Van Halst eens. Volgens de oud-spits is Rutten een man van weinig woorden. Maar áls hij zijn mond opendoet, dan kun je niet om hem heen. „Bij Twente had ik een paar maanden een mindere periode. Fred voelde dat goed aan. Op een dag stapte hij op me af en zei: ‘Jij denkt dat je het helemaal voor elkaar hebt hè?’ Op een bijzonder indringende manier. Dat heeft mij wakker geschud.”

Rutten speelt ruim driehonderd wedstrijden voor de Overijsselse club. In 1991 beëindigt hij zijn spelerscarrière als gevolg van een chronische heupblessure. Twee jaar later gaat hij als assistent-trainer bij zijn oude club aan de slag. Via het tweede elftal klimt hij op naar het eerste. En met succes: in 2001 bezorgt hij FC Twente voor het eerst sinds 24 jaar de beker, als PSV na strafschoppen in De Kuip wordt verslagen. Volgens Van Halst wordt die prestatie van Rutten vaak over het hoofd gezien. „Ze doen alsof hij nu voor het eerst succes boekt.”

Vlak na de bekerwinst stapt Rutten over naar PSV – aanvankelijk als hoofd opleidingen, later als assistent-trainer. Op papier is hij Hiddinks assistent, maar dat verandert als de hoofdtrainer in 2005 ook bondscoach wordt van Australië. Veel van het veldwerk besteedt Hiddink uit aan Rutten en Eijkelkamp. „Die drie vulden elkaar goed aan. Misschien wel omdat ze uit dezelfde streek komen”, zegt voormalig PSV-voorzitter Rob Westerhof. „Hiddink had als bondscoach van Rusland bij PSV op dezelfde voet verder willen gaan, maar dat vonden we een stap te ver gaan.”

De landskampioen komt met een lijst van dertig trainers die Hiddink op kunnen volgen. Daarop staat ook de naam van Rutten. „Uiteindelijk wilden we toch een trainer met een internationale uitstraling die goed Spaans sprak. Daaraan voldeed hij niet”, legt Westerhof uit. De voormalige Philips-topman is niet verbaasd dat Rutten en Eijkelkamp het nu bij FC Twente zo goed doen. „Het is een sterk duo. De één is verdediger geweest en de ander aanvaller. Ze zijn bezeten van voetbal. Het zijn echte vakmannen.”

Volgens Van Halst mag de invloed van Hiddink in Enschede niet worden onderschat. „Eijkelkamp en Rutten kunnen dankzij hun goede contacten met Guus putten uit zijn omvangrijke netwerk. Als er een speler op de internationale spelersmarkt vrijkomt, weten zíj het als eerste.”

Afgaande op ervaringen uit het verleden zal het tweetal FC Twente niet snel de rug toekeren. Rutten heeft 22 dienstjaren bij de club – dertien als speler, acht als (assistent-)trainer. Eijkelkamp staat bekend als iemand met een loyale inborst. „Van René kun je altijd op aan”, stelt zijn beste vriend, Michel Boerebach. Toen de oud-voetballer in juli 2003 zijn beide zoontjes verloor bij een auto-ongeluk, was het Eijkelkamp die hem er weer bovenop hielp. „Twee jaar lang belde hij me iedere ochtend om acht uur om me moed in te spreken. Soms werd ik er doodziek van en liet ik de telefoon gewoon rinkelen. Maar hij was de spreekwoordelijke stok achter de deur. René heeft een hart van goud.”