Taboe voor politici, niet voor de kiezers

Eindelijk leek een jarenlange discussie binnen de PvdA beslecht. In januari 1998 besloot het congres van de PvdA dat in het verkiezingsprogramma een beperking van de hypotheekrenteaftrek zou worden bepleit. Totdat toenmalig premier en PvdA-leider Kok hoogstpersoonlijk ingreep. Daar komt niets van in, deelde hij het congres mee. Het ter discussie stellen van de hypotheekrenteaftrek staat gelijk aan politieke zelfmoord, vond Kok.

De huidige PvdA-leider, Wouter Bos, heeft de gevoelige beperking van de hypotheekrenteaftrek weer op de agenda gezet. Volgens Bos heeft de rijkere huiseigenaar het niet nodig om de hypotheekrente van de belasting af te kunnen trekken. Het CDA en de VVD roken hun kans, en zetten Bos op zijn nummer. De PvdA haalt met dit standpunt het „paard van Troje binnen”, sprak CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen vorige week nog.

Een ander onderwerp waar Wouter Bos zijn vingers aan brandde, is de AOW. De PvdA-leider stelde dit voorjaar voor om het ouderenpensioen te ‘fiscaliseren’, wat inhoudt dat kapitaalkrachtige ouderen aan hun eigen pensioen gaan meebetalen, om de vergrijzing het hoofd te bieden. Onmiddellijk schoten andere partijen weer in hun vertrouwde reflex. „Bos pakt de oudjes hun pensioen af”, wist CDA’er Verhagen te melden. De ‘Bosbelasting’ is sindsdien een vertrouwd begrip in Den Haag.

De hypotheekrenteaftrek en de AOW-problematiek zijn allebei gevoelige onderwerpen die ze met veel schroom behandelen. Maar het lijkt erop dat de politiek vooral zichzelf in een wurggreep houdt. Uit de enquête van 21minuten.nl blijkt dat kiezers op beide terreinen minder moeite zouden hebben met impopulaire maatregelen dan politici lijken te denken.

Ook de kiezers snappen dat deze onderwerpen gevoelig liggen in Den Haag. Gevraagd naar de reden dat de politiek tot nu toe niet aan de hypotheekrenteaftrek heeft willen tornen, zeggen ze dat dat waarschijnlijk kiezers kost. Toch zeggen zes op de tien deelnemers aan de enquête op 21minuten.nl dat ze voorstander zijn van beperking of afschaffing.

De voorstanders van beperking zijn niet allemaal links georiënteerd of huurder. Ook zes op de tien CDA-stemmers en de helft van alle huiseigenaren vinden dat er iets moet veranderen aan de aftrek. Daarmee lijkt de koudwatervrees bij politici om huiseigenaren van zich te vervreemden grotendeels ongegrond.

Kiezers van GroenLinks zijn de grootste voorstanders van beperking of aftrek (75 procent). Maar zelfs van de minst enthousiaste kiezers, die van de VVD en Groep Wilders, vindt 53 procent dat de hypotheekrenteaftrek moet worden beperkt of afgeschaft. Alleen van de huiseigenaren met een hypotheekbedrag van boven de 400.000 euro vindt slechts een kwart zo’n beperking een goed idee.

Wat de verwachting van de bevolking over de toekomst van de hypotheekrenteaftrek betreft, lijkt het dat CDA en VVD hun verzet tegen beperking of afschaffing maar beter kunnen staken. Slechts 14 procent van de mensen gelooft dat de aftrek nooit zal worden aangepast. De meeste mensen wensen én verwachten dat de aftrek zal worden beperkt tot hypotheken onder de 300.000 à 400.000 euro.

Ook het bepleiten van maatregelen om de AOW betaalbaar te houden, is al jarenlang goed voor hevig verzet. Momenteel stellen de drie grootste partijen voor om hogere belastingen te heffen (PvdA) en harder te werken (CDA en VVD). Eerder dit jaar overwoog de VVD nog een verhoging van de pensioensgerechtigde leeftijd van 65 naar 67 voor te stellen, maar de liberalen zagen daarvan af. Het plan werd als te omstreden beschouwd.

En ook hier geven de partijen blijk van een niet geheel terechte angst om kiezers van zich te vervreemden. Verhoging van de leeftijd waarop mensen AOW ontvangen blijkt onder de bevolking minder omstreden dan gedacht. De Nederlander verwacht op zijn 63ste te kunnen stoppen met werken, maar verwacht pas enkele jaren daarna een AOW-uitkering te ontvangen. Jongeren onder de 25 denken zelfs dat ze pas op hun 68ste recht zullen hebben op een pensioen.

De optie van langer doorwerken heeft niet de grootste voorkeur van de bevolking. Gevraagd naar de beste maatregel om de AOW betaalbaar te houden, gesteld dat er in ieder geval maatregelen moeten worden genomen, geniet bij meeste mensen een langere werkweek de voorkeur. De 36-urige werkweek moet op de helling, als het aan de bevolking ligt.

Hoewel mensen snappen dat het voor een politicus veel weerstand oplevert als hij impopulaire maatregelen bepleit, hebben ze geen waardering voor ‘draaiende’ politici. Het feit dat Wouter Bos onder druk van andere politici en ongunstige peilingen de scherpe randjes van zijn AOW-plannen afhaalde, maakt hem nog minder populair dan de maatregelen die hij bepleitte. Als je dan toch zo’n scherp standpunt inneemt, aldus de kiezer, wees dan ook zo dapper om daaraan vast te houden.

De enquête van 21minuten.nl toont wel vaker aan dat er een kloof bestaat tussen wat burgers willen en wat politici denken dat burgers willen. Dat geldt ook voor de bestrijding van de fileproblematiek. Na jarenlang soebatten heeft de ministerraad vorige maand ingestemd met de invoering van rekeningrijden in 2012. Deze maatregel kan nauwelijks op steun van de bevolking rekenen. Slechts twaalf procent van de mensen beschouwt rekeningrijden als een heilzaam middel tegen files. Opvallend is dat autorijders en niet-autorijders het rekeningrijden eensgezind afwijzen.

Wat dan wel? Ondanks talloze vruchteloze pogingen van opeenvolgende kabinetten om de burger ‘de auto uit’ – en het openbaar vervoer in – te krijgen, vinden zes van de tien mensen dat investeringen in trein en bus een zinvolle maatregel is. Andere veelgenoemde opties zijn flexibelere werktijden (door 47 procent van de mensen zinvol gevonden) en thuiswerken (44 procent). De Nederlander verwacht dus dat niet alleen de overheid, maar ook de werkgever een steentje bijdraagt aan het oplossen van de fileproblematiek.

Maatregelen tegen files verschillen in één opzicht duidelijk van de andere taboe-onderwerpen. Wat er ook gebeurt, denkt de Nederlander, over tien jaar staan we nog steeds in de file. Maar ja, niets doen is ook geen optie, aldus de kiezer.