LIEFDE IS BLIND

Een partner zoeken via internet begint de gewoonste zaak van de wereld te worden. Datingbureaus stellen passende profielen op en dan gaat het soms snel. Maar het kan ook zwaar tegenvallen. Kan e-mailcontact geur, stem en uiterlijk vervangen? Een zoektocht naar de psychologische fundamenten van de liefde.

'U geeft de voorkeur aan een klassieke rolverdeling tussen man en vrouw: u houdt van het idee dat u in de relatie de kostwinner en beschermer bent - terwijl de vrouw achter u staat, voor warmte in de privésfeer zorgt en de contacten met familie en vrienden onderhoudt. Een nadrukkelijk zelfbewuste en zelfstandige vrouw is voor u minder geschikt als levensgezellin.'

Dat was schrikken. Terwijl ik thuis achter mijn bureau dit artikel voorbereidde en mijn vrouw 'nadrukkelijk zelfbewust en zelfstandig' buitenshuis als advocaat aan het werk was, hadden de psychologen achter Parship, een van de grootste websites voor internetdating in Nederland, onbekende en onvermoede lagen in mijn persoonlijkheid blootgelegd. Als pseudo-partnerzoekende had ik vierentachtig vragen beantwoord in de Parship-test om mijn persoonlijkheid te laten vaststellen, een profiel dat vervolgens door de computer werd gematched met de tweehonderdvijftigduizend overige zoekenden in de Nederlandse Parship-databank. 'Vind je grote liefde. Met zekerheid. Met (...) de psychologische Parship-test maakt u kennis met meer dan 1,5 miljoen serieuze singles en vindt u uw grote liefde gegarandeerd.'

Pogingen om de computer in te schakelen bij het koppelen van mensen, als hulpmiddel bij kennismaking zijn niet van vandaag of gisteren. In Harvard Magazine wees een ingezonden brievenschrijfster op Operation Match uit de jaren zestig, een door Harvard-studenten opgezette computer-dating service waarbij de deelnemers een papieren vragenlijst invulden met hun wensen en eigen kwaliteiten. Na verwerking in de toen nog zalenvullende mainframe computers van de firma kregen ze een papier terug met namen en telefoonnummers van kandidaten. Het programma woei begin jaren zeventig ook over naar Nederland. 'Ik groeide op', zo schreef ze, 'in een huis waar het Operation Match formulier ingelijst aan de muur hing met daarop de profetische woorden: ”Dear Mr. Horn: below are the names of six women with whom you have been found to be most compatible”. Mijn moeders naam is de vijfde.'

Het was nog in de tijd dat contactadvertenties in kranten en weekbladen als baanbrekend en wereldschokkend golden - weekblad Vrij Nederland verdiende er veel geld aan totdat ook de Volkskrant en NRC Handelsblad zich eraan gingen bezondigen. Maar net zoals het internet vijfendertig jaar later de huizenzoeker vanachter zijn bureau de gelegenheid geeft het complete makelaarsaanbod in den lande te doorzoeken, biedt het alleenstaanden in Nederland uitgebreide mogelijkheden om, desgewenst, 'via deze onconventionele weg', met honderdduizenden anderen in contact te komen. Je kunt een (nieuwe) partner natuurlijk opduikelen op een gewone manier, zoals het sinds lang gaat, bij vrienden, familie, op het werk, in de trein, op vakantie, in het café. Er bestaan ook nog steeds relatie-bemiddelingsbureau's die op basis van eigen professionele inschatting koppels formeren. Je kunt nog steeds een kleine advertentie opgeven voor een gedrukt dagblad. Maar internet biedt op dit terrein een eindeloos scala aan mogelijkheden, voor alle soorten van 'dating', variërend van de one-night-stand tot het crisisbestendig huwelijk, voor alle denkbare doelgroepen, variërend van liefhebbers van het buitenleven via Marokkanen, christenen, lesbische vrouwen, homo's tot hogeropgeleide singles. En in alle denkbare constructies: voor veel geld en voor niks, met of zonder foto, met of zonder zelf ingevuld 'persoonlijk profiel', met of zonder persoonlijkheidstest, en met of zonder sophisticated computerprogramma dat op basis van psychologische vooronderstellingen de deelnemers een longlist van voorgeselecteerde kandidaten biedt.

Meer alleenstaanden

Nu zijn er ook meer alleenstaanden dan ooit: in de leeftijdsgroep van 20 tot 70 jaar bijna 1,8 miljoen huishoudens volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. Een getal dat de laatste tien jaar met 15% gestegen is, in de leeftijdscategorieën 35 tot en met 60 jaar zelfs met 40%. Ook de belangstelling van singles voor nieuwe contacten is groot, ondanks pogingen tot verheerlijking van het bestaan van de vrijgezel. Mooi symbolisch voorbeeld: wie tegenwoordig de Volkskrant-website 'Lekker Single' bezoekt, wordt linea recta doorverwezen naar de Parship datingsite. Zo lekker is dat single blijkbaar niet meer. Onder psychologen is het begrip 'seriële monogamie' - het verschijnsel dat mensen in hun leven meerdere vaste relaties achter elkaar kunnen hebben - geheel ingeburgerd geraakt. De emotionele drempel om een partner te zoeken via internet lijkt lager dan ooit. Iedereen in mijn omgeving bleek mensen te kennen die 'het' doen.

Het aantal deelnemers aan websites die zich op kennismaken, relaties en huwelijken richten, geeft een aardige indicatie van de belangstelling. Zo claimt Relatieplanet 400.000 ingeschrevenen, Lexa eveneens 400.000, OneHello 730.000 en Parship 250.000. Kleinere en gespecialiseerde sites als e-Matching en match4me die zich vooral op de hogeropgeleiden richten, tellen tienduizenden deelnemers, maar zeggen mensen die nooit meer iets doen met de site actief te verwijderen. 'Wij vinden de kwaliteit van ons ledenbestand belangrijker dan het aantal', laat match4me directeur John Meuffels per mail weten.

Websites die zelf iets toevoegen aan de vraag 'met wie leg ik contact?', bijvoorbeeld via een psychologische test, zijn voor de geïnteresseerde buitenstaander het meest interessant. De andere websites bieden een meer of minder gefatsoeneerde, beschermde en gereguleerde markt van mensen binnen een bepaalde doelgroep, waarin je als deelnemer op basis van je eigen criteria kunt zoeken en kiezen, al dan niet anoniem en discreet. Opleiding, leeftijd, lengte, woonplaats, man of vrouw, uiterlijk, wandelen of zeilen, roken of niet roken. Kies je maatstaven, de computer zoekt. Simpel, handig en betrekkelijk pretentieloos. Websites zoals Parship in Nederland en Amerikaanse voorbeelden als Match.com of Chemistry.com voegen aan dat keuzeproces een eigengemaakte psychologische theorie toe waarmee ze deelnemers de volgens hen meest passende kandidaten proberen voor te schotelen. Je zoekt dus niet in je piere-eentje in de enorme kaartenbak van andere kandidaten, onzichtbare computersoftware helpt je daarbij door een voorselectie te maken (die overigens ook nog honderden deelnemers groot kan zijn).

Psychologische profielen

De vraag is natuurlijk: heeft dat zin? Voegt het bij elkaar zoeken van psychologische profielen iets toe wat deelnemers 'op het oog' niet zelf kunnen? Wat zijn de psychologische vooronderstellingen achter die vragenlijsten en hebben die enige basis in de werkelijkheid? Is er überhaupt wat bekend over factoren die op het succes van een relatie van invloed zijn?

De grote Amerikaanse websites op dit terrein werken allemaal met de vooronderstelling dat 'de kans op romantiek op lange termijn voorspeld kan worden op basis van wetenschappelijke principes' (Atlantic Monthly, maart 2006). Daar werken hele batterijen academici aan. Volgens het Compatibility Matching System van eHarmony verhoog je de kans op succes in een relatie als partijen in zoveel mogelijk karaktertrekken op elkaar te lijken. 'Overeenkomstige eigenschappen', zo zei directeur Neil Clark Warren tegen de Atlantic, 'zijn als geld dat je op de bank hebt staan. Verschillen in eigenschappen zijn als schulden die je uit hebt staan. Het is prima om wat verschillen te hebben, zolang je maar genoeg vermogen hebt om die te betalen.' Concurrenten Chemistry.com en PerfectMatch.com leggen weer andere psychologische accenten en nuanceren bijvoorbeeld tussen eigenschappen die overeen moeten komen en eigenschappen die elkaar beter kunnen aanvullen.

De enige internetdatingsite in Nederland die op een vergelijkbare manier werkt, is, als gezegd, Parship. De firma is onderdeel van de Stuttgartse uitgeversgroep Holtzbrinck en richt zich in Nederland vooral op de beteropgeleiden, zoals die te vinden zijn bij de kranten en tijdschriften waarmee Parship commercieel samenwerkt (NRC Handelsblad, de Volkskrant, Trouw, Psychologie Magazine e.a.). 'De wetenschappelijk onderbouwde en gratis Parship-test', zo vermeldt de website, '(...) werd in samenwerking met gerenommeerde psychologen conform de laatste inzichten uit onderzoek over menselijke relaties ontwikkeld. De test analyseert precies die facetten van uw persoonlijkheid die voor een harmonische relatie zo beslissend zijn. (...) Resultaat: het Parship-principe zoekt met ongeëvenaarde precisie de geschikte partner voor u.'

De psychologische onderbouwing van Parship is gemaakt door de Duitse arbeidspsycholoog prof. dr. Hugo Schmale. Schmale had ervaring met testjes voor tijdschriften als Marie Claire, Freundin en Playboy toen hij door Holtzbrinck in 1999 werd gevraagd het psychologische fundament te leggen onder een internetdatingsite. 'We draaien het klassieke ritueel bij het leren kennen gewoon om', vertelde Schmale in 2004 aan de Neue Zürcher Zeitung in een artikel onder de kop 'Der Liebesmachinist'. 'We slaan de small talk en al het overige baltsgedrag gewoon over. Daar worden voor de ander alleen maar volledig verkeerde signalen overgebracht: men presenteert zich altijd zoals men het beste gelooft over te komen. Omdat niemand dat toneelspel op den duur volhoudt, eindigen zoveel verhoudingen in scherven.' De Zürcher parafraseert Schmale over de voordelen van zijn Parship-methode: 'Bij Parship gaat het anders: daar krijg je de potentiële partner meteen gepresenteerd, inclusief psychologisch gestoeld persoonlijkheidsprofiel, voorkeuren en gebreken. Harde feiten in plaats van romantiek, kortom. Die komt later. Misschien.'

Parship-test

De Parship-test bestaat uit vierentachtig vragen, verdeeld over de rubrieken Relatie, Vrije Tijd, Gewoontes, Impulsen en Leven. Onder het kopje Relatie vallen vooral vragen over wat je belangrijk vindt in een partner - uiteenlopend van 'met z'n tweeën kunnen we het leven beter aan' tot 'een relatie biedt voor mij financiële zekerheid' - en wat je ideeën zijn over 'de huwelijksvoltrekking'. Vrije Tijd vraagt naar hobbies, muziek, sport, vakantiebesteding. Bij Gewoontes komen vragen als: hoe reageer je als je over een bananenschil bent gevallen of als er iemand 's nachts dronken bij je aanbelt, of je je lekkerder voelt bij een kamertemperatuur van 21 en meer? Of geef je juist de voorkeur aan maximaal 20? Of je met het raam open slaapt en welke betekenis eten in je leven heeft. Het hierdoor opgeroepen, licht unheimliche gevoel wordt versterkt door de vragen onder het kopje Impulsen. Hier wordt gevraagd uit tien duootjes non-figuratieve tekeningetjes te kiezen welke je het meest aanspreekt, en uit drie filmtitels te kiezen welke het best past bij een plaatje. Bijvoorbeeld: Clark Gable-achtige man geeft kushand aan Vivian Leigh-achtige vrouw, kies uit Bal in het Operagebouw / De passie voor het spel / De overwinnares. In de rubriek Leven staan vragen over burgerlijke staat, huisdieren, kledingvoorkeur, opleiding, beroep en inkomen. En verrassend: aan welke bloemen of planten geeft u de voorkeur op uw tafel: orchideeën / exotische cactussen / rozen?

Uit dit alles wordt een psychologisch Parship-profiel op zo'n dertig dimensies afgeleid. Verhouding tussen intuïtie, gevoel en verstand, positieve en pragmatische instelling, introvert & extravert, behoefte aan een geregeld leven, huiselijkheid en conventionaliteit, inschikkelijkheid, asserviteit en aanpassingsbereidheid, innerlijke energie en controle, 'mijn vrouwelijke kant' (anima) en 'haar mannelijke kant' (animus), inclusief Transactionele Analyse (hoe communiceert u). Voorzover aan de lijst van passende kandidaten te zien is, lijkt de Parship-methode er in hoofdzaak vanuit te gaan dat mensen het beste veel op elkaar kunnen lijken. Een deel- neemster met wie ik 76 van de 100 MatchingPoints gemeen heb - wat doorgaat voor een hoge score - vertoont een opvallend gelijkvormig profiel. Complementair zijn we alleen in 'mijn vrouwelijke kant' en 'haar mannelijke kant' die hetzelfde scoren, wat een fraaie match is binnen de Parship-test.

De vraag is wat die Parship-methode nu eigenlijk gemeten heeft. Allereerst valt op dat in de profielen die ik gezien heb het verband tussen persoonlijkheidstest en werkelijkheid met regelmaat ver te zoeken was. Tot twee maal toe slaagde ik er met eerlijke antwoorden in om uit de Parship-methode naar voren te komen als dominante, ouderwetse, conventionele macho die blij mocht zijn als hij nog een dumb blonde zou treffen die dit gedrag anno 2006 allemaal wilde pikken. Mijn omgeving verzekert me dat dit beeld onjuist is. Een geïnterviewde Parship-deelnemer - ter wille van de privacy zal ik hem Karel Rodenhuis (56) noemen - die samen met zijn nieuwe vriendin zo in Parship-Succesverhalen zou kunnen staan, kent zichzelf en staat in wijde kring bekend als een man met het hart op de tong die snel ontvlambaar is. Hij verschijnt uit dr. Schmales testen als een introvert verstandsmens. Ook Rosalie van der Laan (36), eveneens een pseudoniem, via Parship op zoek naar een vriendin, vertelde bij lezing van het testrapport weinig te herkennen: 'Ben ik dat?'

Parship-psychologe Linda Balk die twee keer per week een telefonisch spreekuur heeft voor deelnemers: 'Mensen zeggen tegen mij zelden dat het niet klopt.'

Kanttekeningen

Deelnemers zetten daarnaast kanttekeningen bij de vergaande conclusies die worden getrokken uit de testresultaten. Dat ik zelf met de verkeerde vrouw getrouwd ben, zal ik na twintig jaar voor lief moeten nemen. Troost is dat voor Karel Rodenhuis hetzelfde geldt: Parship vindt dat hij ook eerder in de smaak valt 'bij zeer vrouwelijke vrouwen die net als u de voorkeur geven aan een klassieke rolverdeling', hoewel zijn nieuwe Parship-vriendin ook zo'n 'nadrukkelijk zelfbewuste en zelfstandige vrouw' is die als journalist buiten de deur werkt. 'Volgens Parship ben ik', vertelt Rosalie van der Laan, 'heel evenwichtig in de balans tussen intuïtie, gevoel en verstand. Maar dan staat er wel bij dat de vraag is of ik daardoor voor partners niet 'te saai' ben, terwijl ik zeker weet dat mijn vrienden zullen zeggen dat ik juist verre van saai ben. Daarnaast: ik ben niet gemakkelijk, maar een score op 'inschikkelijkheid' van 1%? In diezelfde hoek - hoe ga je om met frustraties - scoren assertiviteit, compromisbereidheid, neiging je terug te trekken ongeveer even hoog, daaruit wordt dan weer de conclusie getrokken dat ik 'niet voorspelbaar' en 'onberekenbaar' zou kunnen overkomen.' Mijn eigen Parship rapport meldt nog out of the blue: 'Uw streven naar orde in uw dagindeling gaat voor vele vrouwen bijna te ver. Denkt u dat u deze behoefte enigszins kunt verminderen? Uw kansen om een partner te vinden zouden er zeker door stijgen.'

Parship-psychologe Linda Balk en country manager Olaf van Schagen zijn zich ervan bewust dat uit de testresultaten soms wat radicale conclusies worden getrokken. Ook erkennen zij dat de Nederlandse lezer een culture clash met de Duitse buren voelt als hij bijvoorbeeld leest dat bij de eerste ontmoeting 'alleen jongeren meteen kunnen tutoyeren. Voor wie ouder is dan 30 kan men het beste eerst het neutrale 'u' gebruiken'. Een typisch Duitse gewoonte. Van Schagen: 'Sinds eind 2003 zitten we ook in Nederland. We blijven kritisch naar de test kijken.' Grondlegger Schmale laat via de email weten geen culturele bias in zijn Parship-methode te zien.

Zwaarderwegend, in het licht van de wetenschappelijke pretenties die Holtzbrinck en Schmale hebben met de Parship-methode, is de kritiek die enkele geraadpleegde psychologen hebben op de vragenlijst en achterliggende theorie. Harrie Vorst is medewerker van de Programmagroep Psychologische Methodenleer aan de Universiteit van Amsterdam. Samen met testconstructeur Josien Uterwijk bekijkt hij de Parship-test. Erg serieus nemen ze de vragenlijst niet. 'Per eigenschap heb je minimaal zes vragen nodig, voor de meeste persoonlijkheidseigenschappen twaalf. Voor dertig eigenschappen zit je dan op honderdtachtig vragen.' Parship heeft er vierentachtig. Groot is de scepsis bij de vragen waar gereageerd moet worden op twee tekeningetjes, evenals bij sommige onduidelijke vragen. 'Zodra er meerdere antwoorden opkomen, is het een slechte vraag', zegt Josien Uterwijk.

Persoonlijkheidseigenschappen

Dat moge techniek zijn, hoe staat het dan met de inhoud? Pieternel Dijkstra promoveerde enkele jaren geleden aan de Rijksuniversiteit Groningen op een dissertatie over jaloezie in verhoudingen, publiceert boeken als 99% Liefde en schrijft voor tijdschriften als Psychologie Magazine over relaties, internetdating en wat dies meer zij. Naar aanleiding van mijn vragen heeft ze de literatuur er nog eens op nagezocht. 'Er is geen wetenschappelijk onderzoek dat hieraan ten grondslag ligt. Ze onderscheiden bij Parship dertig persoonlijkheidseigenschappen. In de psychologie is zo langzamerhand consensus over vijf - the Big Five genoemd [introvert / extravert, vriendelijk / onvriendelijk, doelgericht / chaotisch, emotioneel stabiel / instabiel, open / gesloten geest]. De psychoanalytische invalshoek wordt op dit vlak niet meer gebruikt, die is ook niet evidence based. En het werk van Carl Jung al helemaal niet. Het doet allemaal nogal ouderwets aan. De Duitse psychologische wetenschap loopt ook wat achter.'

Parship-psychologe Linda Balk: 'Het is achterhaald om vanuit één theorie te denken. In de Parship-test zijn elementen gebruikt uit allerlei theorieën, van Freud, van Jung, een eclectisch geheel. Dit is een goed onderzochte test. Dat sommige psychologen zeggen dat het zo niet kan, dat is hun woord tegen anderen, daar kan ik niet zo veel mee.' Dr. Schmale zelf laat weten dat de wetenschappelijke basis van de vragen over de tekeningetjes 'ligt in de bewezen 'theoretische waarde' (hier vooral op basis van de theorieën van S. Freud en C.G. Jung).'

Pieternel Dijkstra schudt het huidige inzicht binnen de psychologische wetenschap op dit terrein zo uit haar mouw. Daarbij kan ze ook nog putten uit het proefschrift van haar eigen echtgenoot, Dick Barelds, die begin 2003 promoveerde op Personality in Intimate Relationships. 'Met name emotionele instabiliteit is een bewezen, kritieke persoonlijkheidseigenschap in relaties. Bij de selectiepoort - wie vind ik leuk? - blijkt gelijkheid het meeste aan te trekken. In iq, in opleiding, milieu, politieke opvattingen, religieuze opvattingen, uiterlijk. Dat geldt ook voor vriendschappen. En wat bepaalt dan succes op termijn van een relatie? Ten eerste: een goede manier van conflict oplossen. Dat is geen karaktertrek maar interactief gedrag, dat je kunt leren. Ten tweede: onderling respect voor de verschillen. Niet proberen de ander te veranderen, de onveranderlijke verschillen accepteren, en de negatieve aspecten door de vingers zien. Ten derde: emotionele saamhorigheid, het 'wij gevoel'. De lijm die partners aan elkaar bindt. Ten vierde: een eigen positieve identiteit binnen de relatie. Geen jaloezie, geen verlatingsangst. Ten vijfde: de kwaliteit van de seksuele relatie. Of je beiden tevreden bent over wat er seksueel is.'

Margriet

Relatietherapeute Annette Heffels, naast psycholoog in een eigen praktijk in Limburg auteur van boeken als Praten met je partner en columnist van Margriet noemt min of meer dezelfde elementen: 'In langdurige relaties gaat het er vooral om overeenstemming te vinden over de oplossing van verschillen, binnen een overeenkomende cultuur, met kleine verschillen die het boeiend maken. Dan gaat het om succesfactoren als voeling houden met elkaars leven, om intimiteit en het uiten van warmte en affectie, om zo min mogelijk uit te zijn op het gebruik van macht, om een gedeelde levensvisie, om flexibel te kunnen omgaan met de fase-veranderingen in het leven, zoals kinderen naar school, kinderen het huis uit.'

Karakterverschillen spelen daar op een ingewikkelder manier een rol in dan door overeen te stemmen of complementair te zijn. 'Als je tegengestelde karakters aan elkaar koppelt, loop je het gevaar van heel rigide patronen. Als de een heel netjes is en de ander juist niet, bijvoorbeeld. Dat versterkt elkaar en mensen raken daarin gevangen.

Het is ingewikkeld want verschillende karakterologische factoren interacteren met elkaar. Uitersten op zo'n Big Five schaal, bijvoorbeeld introvert /extravert, dat kan heel lastig zijn. Maar verschillen zijn soms ook innemend.' Of in de woorden van Parship-deelnemer Karel Rodenhuis: 'Het helpt niet echt als je allebei hypochonder bent.'

Selectiepoort

Wat iedereen erkent is dat er een verschil is tussen 'de selectiepoort' (Dijkstra) en de lange termijn. Oftewel: er moet een zekere aantrekkingskracht zijn, minder perse van seksuele dan wel van fysieke aard, mensen moeten in elkaars nabijheid willen verkeren voordat er überhaupt sprake kan zijn van een relatie.

In de kernachtige woorden van het wetenschappelijk brein achter eHarmony.com, Galen Buckwalter: 'Long-term satisfaction is not the same as short-term attraction.' Relatietherapeute Annette Heffels: 'Als er nooit verliefdheid geweest is, loop je kans op een schrale relatie. Aan de andere kant is bij verliefdheid alles geweldig, zijn verschillen alleen maar boeiend en herkennen de partners van alles en nog wat in elkaar. 'Verliefdheid is een oogziekte,' zei de Belgische psycholoog Vansteenwegen ooit.' Psychologe Pieternel Dijkstra wijst op hetzelfde fenomeen: 'Die fysieke kennismaking laat zich niet vervangen, je kunt niet om die aantrekkingskracht heen.'

Daarmee stuiten we tegelijk op het belangrijkste nadeel van al die 'onconventionele wegen' van met elkaar kenismaken, zoals via de krant, telefoon of internet. De kennismaking vindt niet plaats aan de bar van het café, in het clubhuis van de sportvereniging of bij wederzijdse vrienden aan tafel waarbij je meteen wordt voorzien van beeld, geluid, geur en smaak van de ander. Dat hele 'baltsgedrag', in de woorden van Hugo Schmale, sla je gewoon over en bewaar je voor later. Helemaal zonder risico's is dat echter niet.

De Amerikaanse psycholoog Bernard

I. Murstein maakte een modelletje voor de kennismaking in verhoudingen. Fase 1 is de stimulus value stap: is er oppervlakkige aantrekkingskracht? zo nee stop, zo ja ga door naar fase 2. Fase 2 is de value comparison stap, hebben we genoeg gemeen? zo nee stop, zo ja ga door naar fase 3. Fase 3 is de role stap, bekijk of je een rol kan en wil spelen in elkaars bestaan. Bij internetdating - en verwante vormen - zijn fase 1 en 2 in volgorde verwisseld. Dat heeft tot gevolg dat mensen vaak in een uitgebreid emailcontact met een veelbelovende kandidaat terecht komen waarin in hoog tempo, als het elektronisch klikt, vertrouwelijke en intieme details aan de ander worden toevertrouwd. 'Nadeel daarvan is', zegt relatietherapeut Annette Heffels, 'dat je een heel gefiatteerde versie van jezelf kan neerzetten. Mensen raken ook gefascineerd door de ontstane intimiteit. De diepgang daarin lijkt echt. Zo'n virtuele liefde biedt veel mogelijkheden voor je eigen projecties. Het maakt de feitelijke ontmoeting als die dan komt, heel erg spannend. Je moet dan de brug slaan tussen het beeld uit de email en de werkelijkheid. Als je dan de ander ziet, kan dat het beeld onderuit halen. Dat leidt soms tot zo'n teleurstelling, zo'n afknapper dat het meteen allemaal stopt. Voor mensen is dat soms een enorme tegenvaller.'

Pieternel Dijkstra waarschuwt in haar boek ook voor hetzelfde verschijnsel: 'Bij emailcontact gaan mensen emotioneel heel snel de diepte in, wisselen allerlei intimiteiten uit, ze geven zich te snel bloot, dat kan allemaal heel benauwend worden, ze kunnen in een emotionele rollercoaster terechtkomen. Je creëert wel intimiteit, maar in hoeverre bestaat die echt?'

Parship-deelneemster Rosalie van der Laan, die ook bijvoorbeeld het lesbisch platform FemFusion bezoekt, herkent het fenomeen. 'Iedereen gaat wel heel ver, heel snel. Dat vergt wel een soort weten hoe het werkt. Niet zozeer hardheid maar duidelijkheid.' Zoals Der Spiegel het enkele maanden geleden omschreef: 'Op het web verliezen velen hun remmingen en vallen met de deur in bed.' Karel Rodenhuis: 'Je leert elkaar heel snel kennen. Soms meerdere malen per dag email, ik vond het verslavend, een soort enorme snelle opmars in het brein van de ander, Operatie Barbarossa, 100 km vijandelijk terrein per dag. Met Carolien [pseudoniem] kreeg ik in een paar dagen een enorme vertrouwelijkheid, ondermeer door een gemeenschappelijk achtergrond in onze jeugd. Daardoor was ik nog maar gericht op één ding: ik moet nu snel weten of het ergens op gebaseerd is. We bleken niets voor elkaar te zijn.'

Karel Rodenhuis noemt het 'de schijnintimiteit van de emails', niet omdat wat er in staat niet waar zou zijn maar omdat ze, als de basis in de fysieke werkelijkheid blijft ontbreken, spoorloos verdwijnen in het elektronisch universum. En hij beschrijft 'de dwang om een standpunt in te nemen', bij een ontmoeting hom of kuit te moeten geven over wat je van iemand vindt, terwijl je dat in het 'gewone leven' ook kan laten.

Marleen Barendregt (pseudoniem), even over de vijftig, zou als succesverhaal op de website kunnen staan van Relatieplanet waar ze enkele jaren geleden haar huidige vriend tegenkwam. Haar ervaring met de 'omkering van fases' was aanmerkelijk positiever: 'We waren allebei eigenlijk virtueel verliefd geraakt. Daardoor verliep het contact minder vrijblijvend. Als ik hem in het wild zou zijn tegengekomen, weet ik niet of ik op hem zou zijn gevallen. Nu moest ik in het begin van de ontmoeting wennen maar gebeurde er toch wat.'

De Groningse psycholoog Jeffrey Wijnberg schrijft een column in de Telegraaf en publiceerde over menselijke relaties en over provocatieve therapie. Daarnaast heeft hij enige decennia een psychologische praktijk. 'Uit recent onderzoek blijkt: het gaat bij het succes van een relatie om gelijkwaardige achtergronden en, opvallend, om acceptatie door de directe omgeving. Dat is niet gek. Die omgeving heeft toch ook vaak een veel beter zicht op de personen in kwestie? Verliefd zijn is helemaal niet goed voor je beoordelingsvermogen. Daarom zijn volgens mij ook gearrangeerde huwelijken helemaal niet zo slecht als we denken.' Relatietherapeut Annette Heffels is het daarmee eens. 'Ik heb een keer een Surinaams-Hindoestaanse gynaecologe geïnterviewd die haar huwelijk door haar moeder in Paramaribo had laten regelen. Ze had zelf geen tijd om een man te zoeken. Haar moeder had een Hindoestaanse plantage-eigenaar gevonden met een opleiding in Wageningen. Ze hebben elkaar één keer ontmoet, ze zijn nu heel gelukkig getrouwd.' Lachend voegt ze er aan toe: 'Als de familie tegen is, is dat een slecht teken. Ik heb mijn eigen dochters wel eens aangeboden een man voor ze te zoeken. Dat vonden ze niet zo'n goed idee. Gelukkig bleken ze het zelf ook heel goed te kunnen.'

'Een maatje hebben', zegt Pieternel Dijkstra, 'het zit er zo in dat je iemand aan je zijde wil hebben, daar kan het happy single bestaan niet tegenop.'

Hugo Arlman is journalist.

Joost Swarte is tekenaar / ontwerper.

De emotionele drempel om een partner te zoeken via internet lijkt lager dan ooit.

'We slaan op internet de small talk en al het overige baltsgedrag gewoon over.'

Ik slaagde er tot tweemaal toe in om met eerlijke antwoorden naar voren te komen als een ouderwetse macho.

'Het doet allemaal nogal ouderwets aan. De Duitse psychologie loopt ook wat achter.'

'De fysieke kennismaking laat zich niet vervangen, je kunt niet om die aantrekkingskracht heen.'