Kramer veruit de snelste op 5 km

Verrassend was het misschien niet, maar de eerste nationale titel voor Sven Kramer beloofde gisteravond in Assen weinig goeds voor de concurrentie. De 20-jarige Kramer was bij de opening van het schaatsseizoen, de NK afstanden, veruit de snelste op de 5.000 meter (6.31,34). Alleen ploeggenoot Carl Verheijen (6.32,64) bleef in de buurt. De rest werd gedegradeerd tot figurant.

Zelfs olympisch kampioen Bob de Jong liep met ruim tien seconden achterstand forse schade op. „Ik denk dat Carl en ik nog verder zijn uitgestegen boven de rest”, zei Kramer, refererend aan de voorsprong die beide rijders vorig jaar al hadden. „We schaatsen op een heel hoog niveau. Niemand rijdt dat gat dicht met een zomer trainen. Doordat wij samen trainen stuwen wij elkaar omhoog.”

Ondanks Kramers prestatie trok Rintje Ritsma gisteren de meeste aandacht. Hij eindigde als twintigste en laatste in 7.05,04, virtueel op meer dan een ronde achter Kramer. Ritsma verbaasde daarmee zelfs zichzelf. „Als je zo rijdt in een marathon houd je het geen tien ronden vol”, zei hij. „Als Carl Verheijen rijdt zie je helemaal geen ijs opspatten. Ik laat vette sporen achter in het ijs.” Een verklaring voor zijn dramatische optreden had Ritsma niet, maar hij vond het te vroeg in het seizoen om te praten over het einde van zijn carrière.

Bij de sprinters klopt een aantal nieuwe schaatsers aan de deur. De 21-jarige Margot Boer, uit het Opleidingsteam van de KNSB, won beide omlopen van de 500 meter en onttroonde daarmee Marianne Timmer, die deze afstand de laatste vier jaar had gewonnen. Timmer erkende haar meerdere in de sprintster uit Woubrugge. „Margot was gewoon veel beter. Er komt een nieuwe groep rijdsters aan. Dat is alleen maar goed.” Boer scoorde op het werkijs van Assen relatief scherpe tijden met 39,86 en 39,71 in haar ritten.

Bij de mannen was de eindzege van Jan Bos op de 500 meter geen verrassing, de bizarre wijze waarop die tot stand kwam des te meer. Bos begon zwak, met een zesde plaats, maar herstelde zich op de tweede 500 meter.

Doordat zowel Simon Kuipers als Beorn Nijenhuis in hun tweede race ten val kwamen, op vrijwel identieke wijze, direct na de start, behaalde Bos uiteindelijk tot zijn eigen verbazing de nationale titel. Wél reed hij de snelste tijd van de avond: 36,22. Verrassend tweede werd de 19-jarige sprinter Jan Smeekens. In Overijssel wordt hij al getipt als potentiële opvolger van Erben Wennemars. Die had geen geweldige dag en genoegen moest nemen met brons.