Elke dag je vingerafdruk zetten

Het lukt ze niet om een paspoort te krijgen, of andere reispapieren. Veel uitgeprocedeerde asielzoekers kunnen niet terug naar het land van herkomst, ondanks het Project Terugkeer van minister Verdonk.

Nouri Afsanh wordt gek van het wachten. Nouri woont met haar man en twee kinderen (11 en 5 jaar) in het Vertrekcentrum Ter Apel, Groningen. Nu alweer tien maanden. Zes jaar geleden kwam het gezin uit Irak naar Nederland en vroeg asiel aan. Vier maal werd hun asielverzoek afgewezen, drie maal startte het gezin een nieuwe procedure, steeds met een andere advocaat. Nu zijn ze uitgeprocedeerd. Ze moeten weg. „We wíllen ook terug”, zegt Nouri. Alles beter dan dit.

Het probleem is: Ze kúnnen niet terug. Het lukt niet om een paspoort te krijgen. Of een laissez-passer. Niet bij de Iranese ambassade. Niet via instanties in Iran. Maar dat schrijven ze niet op een briefje, zegt Nouri. „Dus kunnen we niet bewijzen dat we onze best doen. Ik weet niet wat ik nu moet doen.” Ze vraagt het aan de medewerkers van de IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst). „Die zeggen alleen: Jullie moeten wachten.”

Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken, VVD) vindt het asielbeleid in Nederland humaan. Op het Plein in Den Haag is vanmiddag een grote manifestatie van mensen die dat niet vinden. Zij willen een humaner beleid. Tientallen bekende Nederlanders en politici spreken, allerlei artiesten treden op. De manifestatie is georganiseerd door zeventien organisaties. Zij willen een generaal pardon voor asielzoekers als Nouri die vijf jaar of langer in Nederland zijn.

Nouri en haar gezin behoren tot de groep van 26.000 asielzoekers die nog onder de oude vreemdelingenwet (van vóór 2001) naar Nederland kwam. Sommigen zijn hier al meer dan tien jaar. Minister Verdonk kondigde in februari 2004 het Project Terugkeer aan: die 26.000 ‘oude’ zaken moesten binnen drie jaar afgehandeld zijn, zei Verdonk. Asielzoekers van deze groep die vrijwillig zouden vertrekken, kregen – behalve een ticket en onkostenvergoeding voor de verscheping van huisraad – 2.320 euro mee. Asielzoekers die niet tot deze groep behoren maar wel vrijwillig terugkeren, krijgen veel minder geld.

Inmiddels zijn volgens minster Verdonk de meeste van de 26.000 dossiers afgehandeld. Deze zomer hadden 4.500 van de 26.000 ‘oude’ asielzoekers Nederland verlaten, meestal met een premie. En 9.500 personen (44 procent) kregen alsnog een verblijfsvergunning en 7.650 mensen zijn „met onbekende bestemming vertrokken”, vermoedelijk verblijft een flink deel van hen illegaal in Nederland. De groep van 26.000 is inmiddels gegroeid tot ruim 31.000: er werden kinderen geboren en uitgeprocedeerde alleenstaande minderjarige asielzoekers die intussen achttien jaar zijn geworden, horen er ook bij.

„We pleiten al jaren voor een generaal pardon voor deze groep, zegt Edwin Huizing, directeur van Vluchtelingenwerk Nederland, een van de organisatoren van de manifestatie. Door grote achterstanden bij de IND moesten veel vluchtelingen jaren wachten op een beslissing, zegt Huizing. „Een beroep bij de rechter duurt ook weer eindeloos. Intussen burgerden ze in, kregen hier kinderen die nooit het land van hun ouders zagen. Op een gegeven moment is het onmenselijk om hen nog weg te sturen.” Tweederde van de Nederlanders is voor zo’n generaal pardon, bleek vorige week uit een onderzoek van TNS NIPO in opdracht van Vluchtelingenwerk.

Verdonk is tegen een generaal pardon, zegt ze, omdat het een aanzuigende werking zou hebben. Huizing vindt dat onzin. „Het gaat om een beperkte groep. Het is eenvoudig duidelijk te maken dat voor nieuwe gevallen, nieuwe regels gelden.” Daarnaast, zegt Huizing, is het aantal asielzoekers dat asiel aanvraagt drastisch gedaald.” Het zijn er nu jaarlijks rond de 12.000, vóór 2001 waren dat er ruim vier keer zoveel.

Huizing vindt de toon van minister Verdonk in het asieldebat te polariserend. „Neem het Project Terugkeer. Alleen al door de naam, leek het alsof die 26.000 mensen allemaal weg moesten. Bijna de helft heeft inmiddels een verblijfsvergunning gekregen. Dat betekent dat ze op terechte gronden bescherming vroegen.” Eenmaal een status, moeten asielzoekers keihard Nederlands gaan leren, zegt Huizing. „Maar tot die tijd mogen ze jarenlang niets doen. Gebruik hun potentieel. Laat ze een opleiding volgen. Als ze mogen blijven, hebben we daar wat aan. Als ze niet mogen blijven, hebben ze er zelf wat aan.”

Uitgeprocedeerde asielzoekers gaan naar een vertrekcentrum als in Ter Apel. Daar hebben ze twaalf weken de tijd om de papieren voor vertrek te regelen. Regelmatig lukt dat niet. Als het bewijsbaar niet lukt om terug te keren naar het land van herkomst, kan de minister een verblijfsvergunning toekennen op grond van het ‘buitenschuldcriterium’. Vijftig van de 26.000 asielzoekers mogen om die reden blijven. Vluchtelingenwerk denkt dat er veel meer mensen voor in aanmerking zouden komen, als ze kunnen bewijzen alle moeite te hebben gedaan. Huizing: „De oplossing is eenvoudig. Stuur een IND-medewerker mee met de bezoeken aan de ambassade.”

Mohammed Behjad (19) zit in de herfstzon voor het open raam, in zijn onderbroek. Hij spurt weg als zijn bezoek de trap opkomt. Even later komt hij met een brede grijns in een spijkerbroek binnen. Weer die lach. Mohammed woont met zijn ouders en zus (15) elf maanden in Ter Apel. Zijn zus zat op de havo, maar kan die opleiding in Ter Apel niet voortzetten. Zijn broer dook onderop het moment dat ze naar het vertrekcentrum moesten. Zeven jaar geleden vluchtte het gezin vanuit Syrië naar Nederland.

Zijn vader en moeder zitten aan tafel te zuchten. Ze leggen omstandig uit dat ze niet terugkunnen naar Syrië omdat ze Koerden zijn. Op een dag zal de IND begrijpen dat ze gevaar lopen, toch? Tot die tijd moeten ze elke dag een vingerafdruk zetten, vertelt Mohammed. Om te bewijzen dat ze nog wachten. Een dag niet ‘stempelen’ betekent een boete van 5 euro, als je drie dagen niet stempelt moet je het centrum verlaten. Dan sta je als illegaal op straat. Mohammed lacht weer. Zijn moeder snikt.