De Zeeuwse appels en peren van het CDA

Zeeland is de bakermat van twee CDA-prominenten. De bus stopt in Kapelle-Biezelinge en in IJzendijke, waar een vrijgezel ‘de sleutel van de ossewei’ kan krijgen.

Jan Peter Balkenende werd in 1956 geboren in Kapelle-Biezelinge en Herman Wijffels in 1942 in IJzendijke. De eerste is minister-president en lijsttrekker van het CDA, de tweede had het kunnen zijn als hij niet meerdere malen voor de eer bedankt had, omdat de voormalig bestuursvoorzitter van de Rabobank en van de SER niet zo van de Haagse politiek houdt. Balkenende is gereformeerd en Wijffels rooms-katholiek, beiden representeren een hoofdstroming in de grootste Nederlandse politieke partij. Hun beider dorpen liggen in Zeeland aan weerszijden van de Westerschelde.

Kapelle vormt een twee-eenheid met Biezelinge, samen goed voor ongeveer 10.000 inwoners. Het is in Zuid-Beveland iets warmer dan in de rest van het land, dus hoeft perenbloesem hier niet te vrezen voor late nachtvorst. Zo werd het een centrum van de fruitteelt.

Het silhouet van de enorme hervormde kerk zie je vanuit de verte opdoemen van welke kant je ook nadert. Daar preekte de vader van een andere telg uit Kapelle, die nu al wel tot de canon is doorgedrongen: domineesdochter Annie M.G. Schmidt (1911-1995).

Kapelle is een welvarend dorp met goed verzorgde, sterk van elkaar verschillende huizen. Een wat grotere villa aan de Biezelingsestraat zou je met enig recht zelfs een folly kunnen noemen. Cultuur valt er op het eerste gezicht in geen velden of wegen te vinden. Het Fruitteeltmuseum is gesloten op de dag dat wij er zijn. Overal liggen fel rode appeltjes te smeken om opgeraapt te worden. Er staat een borstbeeld van D.J. van der Have (1859-1918), boomkweker, zaadhandelaar en grondlegger (1879) van het koninklijk kweekbedrijf D.J. van der Have b.v. Aan het eind van de straat woont, volgens een buurman, de vader van onze premier, ook een zaadhandelaar.

In IJzendijke gaat het veel van de ruim 2.000 bewoners zo te zien minder goed. Ondanks de stadsrechten uit de 13de eeuw is deze voormalige vesting van prins Maurits een beetje vergeten. Ooit luisterde het naar de bijnaam ‘petit Paris’, vanwege de kroegen met Franse namen, maar ook door de Franse en Waalse landadel die er nogal wat grond bezat. Nu vind je er fruitautomaten en leden van de getatoeëerde klasse, zoals de onderste klasse sinds kort treffend genoemd wordt. De grootste kerk is katholiek, de mooiste Nederlands-hervormd, volgens een bordje in 1612 het eerste protestantse kerkgebouw in Zeeland. Een zwerm kraaien erboven suggereert meer onheil dan feitelijk vermoed dient te worden. Alleen wie als man vrijgezel blijft, hoeft in IJzendijke te vrezen. Op zijn dertigste wordt hem volgens oud gebruik in optocht ‘de sleutel van de ossewei’ aangereikt, een groot houten gevaarte met een vrouwenpop eraan vastgebonden.

Wijffels’ vader was geen handelaar, maar een boer, die op jonge leeftijd stierf en bedrijf en gezin aan oudste zoon Herman naliet. In interviews vertelde hij over zijn zo verworven gevoel voor verantwoordelijkheid. Als je de twee dorpen beziet, dan begrijp je waarom je als kind van een notabele uit Kapelle snel kunt doordringen tot het hart van de Nederlandse elite, maar als boerenzoon uit IJzendijke je hard naar binnen moet vechten. Maar beide subculturen, van de VU-intellectueel en van de Jochem-de-Bruin-achtige buitenstaander horen bij de individualistische Nederlandse no-nonsense-cultuur. En in beide dorpen, zoals in heel Zeeland, hoor je in elk café alleen maar popmuziek uit de jaren zestig en zeventig.