Weekboek 44

Van kleine Duitsers, de dingen die nooit voorbijgaan

Niemand ontkomt aan de vloek van het Duizendjarige Rijk. Na het debacle-Grass schudt nog een Duitse moraalridder in zijn zadel: de filosoof Jürgen Habermas. De onlangs overleden schrijver en voormalig chef van het Feuilleton van de Frankfurter Allgemeine Zeitung Joachim Fest verstopte een kleine angel in zijn postuum verschenen jeugdherinneringen: een roddel over ‘een van de leidende denkers van het land’ bij de Hitler-Jugend (HJ), de verplichte jeugdorganisatie van het Derde Rijk. Voor het novembernummer van het tijdschrift Cicero zocht literatuurcriticus Jürgen Busche de namen bij het verhaal. Kort samengevat: Jürgen Habermas zou als 14-jarige HJ-groepsleider de toen 12-jarige (inmiddels prominente historicus) Hans-Ulrich Wehler schriftelijk vermaand hebben zich meer in te zetten voor de eindzege van het Derde Rijk. Ruim veertig jaar later zou Habermas dit briefje in zijn mond gestopt en ingeslikt hebben.

Habermas schreef een woedende brief aan Cicero: ‘Fest heeft mij blijkbaar kwalijk genomen dat ik kritiek had op de wegbereiders van het NS-regime, die hij in zijn krant liet rehabiliteren.’ Over de auteur van het stuk schreef Habermas: ‘Busche gedraagt zich als een verklikker, met het doorzichtige doel samen met Grass een onaangename generatie intellectuelen op te ruimen.’ Günter Grass is het met die analyse helemaal eens, vertelde hij aan een verslaggever van persbureau DPA. Volgens hem is er al sinds 1990 een ‘veldtocht’ gaande tegen alle linkse schrijvers. ,,Het begon met Christa Wolf, toen volgden de campagnes tegen Walser en tegen mij, en nu is Habermas aan de beurt. Men wil kritische stemmen monddood maken, maar dat zal niet lukken.” Filosoof Rüdiger Safranski vertelde aan radiostation Deutschlandfunk dat hij in Fests steek onder water en Habermas’ hysterische reactie een voortzetting ziet van de Historikerstreit van 1986. Daarin vochten beide heren als vertegenwoordigers van politieke tegenpolen om het verleden van Duitsland. Inmiddels is het verhaal op alle punten bijgesteld. Wehler en Habermas waren 10 en 12 toen het gebeurde; het ging niet om de eindzege maar om de EHBO-lessen die Wehler gemist had; het was geen met de hand geschreven vermaning maar een voorgedrukt formulier. Habermas had nooit HJ-groepsleider kunnen zijn, vanwege zijn hazenlip. En dat van het inslikken, dat was figuurlijk bedoeld. Het briefje is gewoon in de prullenbak verdwenen.

Haasse, Möring en A.F.Th.: waar blijven ze?

Vol verwachting klopt ons hart: voor deze herfst waren boeken van Hella Haasse, Marcel Möring en A.F.Th. aangekondigd. Kunnen we die nog dit jaar in onze schoen vinden? Haasses verhalenbundel Het tuinhuis stond oorspronkelijk voor oktober op het programma, maar op de Frankfurter Buchmesse begin oktober meldde Haasse dat ze nog aan het laatste verhaal bezig was. Volgens Mirjam Evers van uitgeverij Querido verschijnt het boek nu op 24 november. Op A.F.Th.’s Het schervengericht zullen we volgens Evers wel moeten wachten: tot 28 februari. ,,We hebben besloten om het over het nieuwe jaar heen te tillen, in plaats van het gehaast af te maken.” De roman, onderdeel van de cyclus Homo duplex, zou oorspronkelijk in april dit jaar uitkomen. In januari werden al fragmenten vrijgegeven; die zijn nog steeds te beluisteren op www.afth.nl. Wél op het aangekondigde tijdstip, begin maart, verscheen als amuse gueule de ‘sleutelnovelle’ Drijfzand koloniseren. Het schervengericht bleef uit. April werd eind mei, werd half november, wordt nu eind februari. ,,Hij schrijft er inderdaad nog aan,” bevestigt Evers desgevraagd. ,,Maar dat is wel echt de allerlaatste afronding.”

Ook Marcel Mörings boek DIS zorgt al enige tijd voor spanning. Het epos over een Assense TT-nacht is al een decennium in de maak. Vrij Nederland-redacteuren Mischa Cohen en Thomas Vanheste mochten al in juli de eerste 300 pagina’s lezen. Op 12 september meldde Möring op zijn website dat hij het ingeleverd had. ‘Ik slijp ondertussen nog slinks aan een zinnetje hier en een zinnetje daar.’ Nu is het echt zover: op 16 november wordt het boek gepresenteerd en gaat de bijbehorende website www.dis.nu de lucht in. Die website ‘wordt een soort onderwaterfilm van de oceaan van het boek’ schrijft Möring op zijn site.