2048: de vis is bijna op

Binnen vijftig jaar zijn alle populaties ingestort van alle economisch interessante zeedieren op het continentale plat van de oceanen. Dat berekenen een internationale groep van zeebiologen en een econoom vandaag in het wetenschappelijke tijdschrift Science.

In 2003 was 29 procent ingestort van de soorten vis, schelp- en schaaldieren die wereldwijd op het continentale plat gevangen worden. Dat betekent dat vergeleken met 1950 nog slechts een tiende van de soort over is.

Wanneer die tendens doorzet, zijn halverwege deze eeuw alle soorten ingestort – de berekeningen van de onderzoekers kwamen uit bij 2048. Zij gebruikten voor de analyse onder andere het visserijdatabestand van de FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties.

De Science-redactie noemt de studie „het eerste uitvoerige overzicht dat laat zien hoe het nut van de oceaan-ecosystemen voor de mensheid afhangt van de biodiversiteit”.

De biologen stellen, na analyse van ruim honderd studies, dat het verlies van biodiversiteit nadelig is. Soortenarme gebieden raken sneller overbevist en brengen minder op. Soortenrijke zeeën herstellen iets gemakkelijker na verstoringen. Het aantal soorten kan toenemen na instelling van een zeereservaat, zo bleek.