Rome bouwen in een dag

In drie nieuwe games moet een Romeinse stad vanaf de grond worden opgebouwd.

Het zijn complexe spellen.

De Tweede Wereldoorlog is bij gameontwikkelaars nog altijd het populairste tijdvak, maar de Oudheid mag zich de afgelopen jaren verheugen in een groeiende belangstelling. Het strategiespel Rome: Total War is de beste game die binnen het genre te koop is, en het afgelopen kwartaal verschenen er maar liefst drie zogenoemde ‘citybuilders’ waarin het oude Rome de hoofdrol spelt. Civcity Rome, Glory of the Roman Empire en Caesar 4 bieden de gamer de kans om een klassieke metropool te besturen.

Aan het begin van elk van de drie spellen wacht een tabula rasa. Maagdelijke weiden, ontontgonnen ertsaders en verlaten handelsroutes moeten tot ontwikkeling worden gebracht. In Glory of the Roman Empire gebruik je daar slaven voor, in Civcity burgers en in Caesar 4 plebs. Maar met het bouwen van boerderijen, markten en havens ben je er niet. Deze activiteiten leveren slechts de denarii waarmee je je stad kan verfraaien met theaters, een circus, badhuizen en tempels.

Al deze gebouwen oefenen invloed uit op de woningen van de rijkere burgers die er in de buurt staan. Hoe hoger het voorzieningenniveau, hoe tevredener de patriciërs zijn. Een stad die vol zit met blije burgers trekt emigranten aan die zich er ook graag willen vestigen. Die nieuwe bewoners betalen op hun beurt weer belasting en brengen zo geld in het laatje waarmee nieuwe infrastructurele projecten kunnen worden gestart.

Dat klinkt wellicht eenvoudig, maar is het niet. Als er ook maar één aspect uit de stadseconomie uit het oog wordt verloren, kan alles misgaan. In Caesar 4, de beste van de drie games, hebben de bewoners van een wijk zonder markt in de buurt moeite om voldoende voedsel bij elkaar te scharrelen. Als ze honger krijgen, houden ze het voor gezien en verlaten ze de stad. Doordat deze groep plebs vertrekt, zijn er niet genoeg arbeiders meer om alle boerderijen te bemannen. Gevolg: minder voedsel voor de resterende burgers. Die pakken op hun beurt ook hun spullen. Zo kom je terecht in een neerwaartse spiraal waaruit het moeilijk ontsnappen is.

Kortom, wie in deze games Rome in een dag wenst op te bouwen, moet beschikken over een goed ruimtelijk inzicht en veel geduld. Zomaar wat gebouwen neerzetten zonder na te denken over stadsplanning, kan er na uren spelen toe leiden dat je niet meer voldoende ruimte hebt om dat ene theater neer te zetten waardoor je het vereiste cultuurniveau bereikt. Promotie naar een grotere provincie blijft dan uit.

Gelukkig hoef je als gouverneur niet altijd druk bezig te zijn. Het is leuk om soms gewoon even niets te doen en te kijken naar alle drukte in de stad die je bestuurt. Civcity Rome, Glory of the Roman Empire en Caesar 4 zien er namelijk allemaal prachtig uit, mits je beschikt over een pittige pc. Hoewel de officiële systeemeisen een stuk minder zijn, heb je een processor van 2 gigabyte, 1 gigabyte werkgeheugen en een snelle videokaart nodig om met volle teugen te kunnen genieten van het visuele spektakel. Het heeft iets ironisch: wie écht wil meekomen in de Oudheid moet beschikken over de modernste apparatuur.

Civcity Rome (39,99 euro), Glory of the Roman Empire (39,99 euro) en Caesar 4 (44,99 euro) zijn alleen verkrijgbaar voor de pc.

Bekijk meer screenshots op www.gamers.nl of 64776 naar 7585.