Donkere tijden herleven met Austria

Ajax bewaart traumatische herinneringen aan Austria Wien, vanavond net als in 1989 tegenstander in het UEFA-Cuptoernooi. In De Meer leidde het ‘staafincident’ tot een jaar schorsing.

Erik Oudshoorn

Het met veel tromgeroffel aangestelde bestuur-Van Praag was in 1989 net bekomen van de schrik over de moeilijke financiële situatie die het college van voorzitter Ton Harmsen had achtergelaten, toen in het najaar Austria Wien zich aandiende als UEFA-Cuptegenstander. Zo op het oog geen onoverkomelijke hindernis in de eerste ronde, maar het tegendeel bleek waar. Uiteindelijk zorgde vooral de eigen aanhang voor een nachtmerrie.

In Wenen had Ajax met 1-0 verloren. Op 27 september moest de ploeg van technisch directeur Leo Beenhakker dat rechtzetten. Plaats van handeling was noodgedwongen het eigen stadion De Meer, want het Olympisch Stadion was door de gemeente Amsterdam bouwvallig verklaard. Jan Wouters bracht Ajax in de eerste helft op voorsprong, maar mede doordat de bij het publiek weinig geliefde Hongaarse spits Pál Fischer een grote kans had gemist kwam er een verlenging. Daarin maakte het povere Austria gelijk. Doelman Stanley Menzo liet een bal van zijn borst springen en dat bleek fataal.

Dit tot woede van de aanhang op de F-Side aan de Diemenzijde. Er werden tralies uit het hekwerk getrokken of het lucifershoutjes waren en als speren op het veld geworpen. Een van die ‘staven’ trof Austria-doelman Franz Wohlfahrt. Dat was voor arbiter Bruno Galler het sein om de wedstrijd definitief te staken. Het Ajax-bestuur deed nog verwoede pogingen de Zwitser op andere gedachten te brengen. Zonder resultaat.

Een bijzondere rol was tot dan toe weggelegd voor cabaretier Freek de Jonge. Het bestuur had hem gevraagd als speaker op te treden voor wat meer vertier. De sfeer op de tribunes was die avond echter uiterst grimmig en de mensen waren niet in de stemming voor grappen en kwinkslagen. Liever zagen zij Ajax goed spelen. Toen het spel even stil lag klonk er plotseling uit de luidsprekers: „Wil de heer Waldheim even de heer Wiesenthal bellen.” Kurt Waldheim, president van Oostenrijk, was wegens zijn oorlogsverleden in opspraak en zal zich ongetwijfeld niet geroepen hebben gevoeld om de bekende Nazi-jager te spreken. Na die grap spoedde voorzitter Michael van Praag zich naar het speakershok. „Ik kreeg van hem te horen dat Austria Wien ook een jodenclub was”, herinnert De Jonge zich nog. „Leek mij nog meer een reden om dit te roepen. Van Praag was echter geschokt.”

In de uitspraak van de strafcommissie van de UEFA zou een speciale paragraaf aan het optreden van De Jonge worden gewijd. „Ik werd ervan beschuldigd het publiek met opruiende teksten te hebben aangezet tot wangedrag. „Ik heb nog overwogen dit in een kort geding te bestrijden. Maar op aandringen van het Ajax-bestuur zag ik daarvan af. Als die staaf niet zou zijn gegooid, was het telefoontje voor Waldheim als een goede grap de geschiedenis ingegaan.”

Ajax werd na een beroepszitting in Genève uiteindelijk voor één jaar uitgesloten van Europees voetbal. Bovendien moest de landskampioen van het seizoen 1989-1990 drie wedstrijden op minimaal honderd kilometer afstand spelen. Düsseldorf zou als locatie voor deze duels dienen. De Jonge: „Op dat moment was die straf een zegen voor Ajax. Er deed zich plotseling een kans voor een nieuw team op te bouwen. Met als gevolg dat in 1992 onder Louis van Gaal om te beginnen de UEFA Cup werd gewonnen.”

De cabaretier denkt dat het nu ook goed zou zijn als Ajax weer in de steigers ging. Ondanks de koppositie in de eredivisie. „PSV is beter dan Ajax. Achterin vind ik Ajax ondanks de komst van Jaap Stam nog heel kwetsbaar”, luidt zijn kritische oordeel over zijn favoriete voetbalploeg.

De Jonge verwerkte het staafincident nog in zijn show ‘De Volgende’, met als hoofdpersoon de heer Gordelroos. „De F-Side had toen het een en ander in de melk te brokkelen bij het bestuur. Ik heb dat nauwkeurig belicht.” De Jonge mocht enkele jaren geleden nog een geruchtmakende nieuwjaarsrede houden bij Ajax, maar voor de functie van stadionspeaker werd hij niet meer gevraagd. „Je grappen moeten heel goed zijn, anders wordt het kromme tenenwerk. Ondanks de problemen met de UEFA is Ajax niet hardvochtig tegen mij geweest. Zo’n huzarenstukje is ook nooit meer vertoond.”