Deelgemeente heeft wel vertrouwen

Artikelen tegen de deelgemeente halen gemakkelijk de krant. Want o, wat valt er te lachen om dat sublokaal bestuur. En o, wat is het duur, met al die ambtenaren.

Adviesbureau Berenschot zette cijfers over de ambtenarenkorpsen van de grote steden op een rijtje, waaruit bleek dat Rotterdam relatief veel ambtenaren heeft (NRC Handelsblad, 24 oktober). Alsof dat wat zegt. Berenschot presenteerde in 2002 het rapport ‘Groot zijn is ook niet alles’ met daarin vijf verklarende factoren voor het aantal ambtenaren van steden, waar ‘schaalnadelen’ er één van is. Hoe groter een stad, hoe inefficiënter. De ideale grootte van een stad is tussen 20.000 en 80.000 inwoners – toevallig de maat van de Rotterdamse deelgemeenten (op Hoek van Holland na).

De kosten vallen ook mee. Als we van mijn deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek de begrotingspost voor ‘bestuurskosten’ afzetten tegen het aantal inwoners, dan kost de deelgemeente 3,48 euro per maand per inwoner – een kop koffie met een appelpunt.

Mijn ervaring als ex-portefeuillehouder van een deelgemeente is dat de gemiddelde burger geen speciaal gevoel heeft bij de ‘deelgemeente’. Dat hij daar aanklopt als er wat te klagen valt en als er wat te halen valt, is geen prestatie. Het kan vast allemaal handiger en gestroomlijnder, maar dat is symptomatisch voor de hele overheid.

Als je wilt weten of deelgemeenten ter discussie staan moet je kijken wat Rotterdammers er zelf van vinden. Elke inwoner van Rotterdam krijgt een oproepingskaart voor deelraad en gemeenteraad. Hij kan daarmee stemmen, niet-stemmen en blanco stemmen. Wie dat laatste doet, geeft aan zich niet vertegenwoordigd te voelen.

Doen Rotterdammers dat nou echt? In mijn deelgemeente lieten in 1998 maar 8 opgeroepen kiezers weten geen vertrouwen in de deelgemeente te hebben. In 2002, het jaar dat Pim Fortuyn verkiesbaar was, liep dat op tot 296. En dit jaar waren het er 105.

Voor Rotterdam als geheel was het beeld rigoureuzer. In 2002 kwamen 7.085 kiezers wél naar het stemhokje voor de gemeenteraad, maar lieten ze de deelraden erbij zitten. Dat zijn meer stemmen dan de kiesdeler. Maar dit jaar waren het nog maar 2.082 kiezers, minder dan de helft van de kiesdeler.

In 2002 was dus sprake van een zekere vertrouwensbreuk tussen de kiezers en de deelgemeenten. Dat is nu veel minder. Voor de Rotterdamse burger voldoen deelgemeenten.

Natuurlijk valt er altijd wel te lachen om het presteren van de overheid, inclusief deelgemeenten. Maar de deelgemeente in Rotterdam staat onder de bevolking niet echt ter discussie.

Joost Smits is ex-portefeuillehouder van de Rotterdamse deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek voor de VVD.

De artikelen ‘Achter elke boom een raadslid’ en ‘Hef deelgemeentes op, zeker in R’dam’ zijn na te lezen op www.nrc.nl/opinie