Saksen profiteert wel van vergrijzing

De vergrijzing in Europa is onvermijdelijk, maar wie tijdig maatregelen neemt, kan er ook van profiteren. Althans, dat blijkt uit het voorbeeld van de Duitse deelstaat Saksen.

Wie wil zien wat Europa straks qua bevolkingssamenstelling te wachten staat, gaat naar de deelstaat Saksen in het vroegere Oost-Duitsland. In 1950 telde deze provincie nog 5,7 miljoen inwoners, nu 4,3 miljoen. De verwachting is dat dat aantal in 2020 zal zijn teruggelopen tot 3,8 miljoen inwoners. Het aantal geboortes is dramatisch afgenomen: van gemiddeld 1,5 kind per vrouw zo’n vijftien jaar geleden tot 0,79 kind per vrouw nu.

De gevolgen van deze demografische ontwikkeling dienen zich dagelijks aan: eerst gingen kleuterscholen bij gebrek aan kinderen dicht, daarna volgden lagere scholen en nu zijn de middelbare scholen aan de beurt. Woonwijken worden wegens leegstand gesloopt. Water- en rioleringssystemen werken ver onder hun capaciteit. En tegelijkertijd hebben bedrijven in Saksen de grootste moeite met het vinden van personeel dat de ouderen die voor hun pensioen staan moet vervangen.

Het was minister-president Georg Milbradt van Saksen die dit feitenmateriaal deze week in Brussel presenteerde op een door de Europese Unie georganiseerd congres over de demografische ontwikkelingen in Europa. Onrustbarende gegevens, zo op het eerste gezicht. Vooral omdat deze trend voor heel Europa wordt verwacht.

Maar, aldus de boodschap van Milbradt, tijdig aanpassen kan er toe leiden dat problemen uitblijven. Dat is althans de ervaring in Saksen dat met een economische groei van 3,8 procent in de eerste zes maanden van dit jaar tot één van de best presterende regio’s van Duitsland behoorde. In Saksen wordt bijvoorbeeld veel geïnvesteerd in beroeponderwijs, veel geïnvesteerd in het verbeteren van het ondernemersklimaat, wordt om het krijgen van kinderen te stimuleren gewerkt aan voorzieningen die ertoe leiden dat opvoeding en arbeid beter gecombineerd kunnen worden, en wordt een actief immigratie- en integratiebeleid gevoerd. „Ondanks nergens in Europa geëvenaarde demografische ontwikkeling zijn we in staat geweest economische groei te bevorderen. Dit omdat we tijdig maatregelen hebben getroffen”, aldus Milbradt.

Het is niet voor niets dat hij de belangrijkste spreker op het congres was. Want Milbradt verwoordt hiermee exact het beleid dat de Europese Commissie in heel Europa wil zien. In de woorden van de eveneens aanwezige Tsjechische Europees commissaris Vladimír Spidla (sociale zaken): „Vergrijzing is een enorme uitdaging. Natuurlijk moeten we onze samenleving voorbereiden op de veranderende bevolkingssamenstelling. Maar vervolgens moeten we proberen ervan te profiteren.”

Dat is dan ook de kerngedachte van een discussiestuk dat de Europese Commissie twee weken geleden presenteerde. Daarin wordt gesteld dat in Europa qua beleid nog altijd te weinig rekening wordt gehouden met de onafwendbare demografische ontwikkeling. Dat mensen steeds ouder worden, is een gegeven. Maar het probleem is dat mensen te vroeg met pensioen gaan, aldus de Commissie. Die ontwikkeling moet worden gekeerd. Dat is in de eerste plaats een zaak voor de lidstaten zelf, staat in de notitie. Het gaat om het bevorderen van banengroei,verhogen van de arbeidsproductiviteit en het aanpassen van de overheidsfinanciën aan de financiële gevolgen van de vergrijzing. Maar ook om het toelaten en integreren van migranten. Vooral ten aanzien van dat laatste punt staat Europa nog een beladen discussie te wachten, weet men ook bij de Commissie. Het was dan ook niet voor niets dat commissaris Spidla Voltaire parafraseerde met zijn opmerking dat hij erop „vertrouwde dat wat Europa aan jeugd verliest aan wijsheid zal winnen”.

Rectificatie / Gerectificeerd

Bij de tabel bij het artikel Saksen profiteert wel van vergrijzing (1 november, pagina 19) staat dat de gegevens in de tabel betrekking hebben op het percentage van de bevolking dat 65 jaar of ouder is. Dat moet zijn: het aantal 65-plussers gedeeld door het aantal personen tussen de 15 en 65 jaar.