Als ‘gangsta’ in Nieuwspoort

The Dice Man gooit deze week patronen om van lezers.

Vandaag: de sleur van oud-studente Wietske Keetman.

Foto Michiel Waaijer Waaijer, Michiel

De studententijd van Wietske Keet stond in het teken van afwisseling. Van nieuwe ervaringen. Naast haar studie Waterbeheer en Internationaal Bestuur te Wageningen was ze actief lid van een studentenvereniging en trok ze tweemaal voor langere tijd naar Brussel en Wenen.

Het leven als student beviel haar. Ze leefde op impuls en genoot zoveel mogelijk van haar vrije momenten. Voor Wietske kwamen de dingen zoals ze kwamen.

Maar zoals bij zo velen van ons, kwam ook bij haar de sleur van het werk om de hoek kijken. Sinds maart van dit jaar werkt Wietske fulltime bij de Unie van Waterschappen in Den Haag. Weg vrijheid. Weg impulsief leven. Welkom sleur.

Daarom belde Wietske The Dice Man-hotline. „Steek jij nog eenmaal met mij the edge over?” vroeg zij in de mail waarin ze zich opgaf voor deze rubriek. The edge is een term die zij bedacht voor de overgangsfase tussen studie en werk: een periode waarin je nog even helemaal los kan gaan, voordat het 9-tot-5-bestaan voorgoed zijn intrede doet.

Toen Wietske en ik opties bedachten voor de lunch, werd me al snel duidelijk dat ik hier te maken had met een echte losbol. Een die ontgroenings- en andere dispuutsperikelen had meegemaakt. En nu? Nu zit ze gevangen in routines, waar de lunch er één van is. Elke dag eet ze drie boterhammen met kaas in de bedrijfskantine.

Ditmaal gingen zij en ik lunchen op het Binnenhof met Jan Marijnissen. Althans, dat dobbelden en hoopten we. We zagen het helemaal voor ons: met de SP-lijsttrekker een soepje drinken uit zo’n mooi SP-bekertje.

Maar Marijnissen was er niet. En andere SP-Kamerleden hadden geen tijd voor ons simpele zielen.

Dus creëerden we nieuwe opties en stuurde de dobbelsteen ons, op een nogal ongebruikelijke manier, naar Nieuwspoort, het bekende perscentrum vlakbij het Binnenhof. Er hing een sfeer van dure gerechten, dikke sigaren en achterkamertjespolitiek. Wietske en ik hadden, op aanraden van de dobbelsteen, van kleding gewisseld. Zij, gekleed in mijn „gangster outfit” (vond zij), en ik in haar rok en strakke shirtje. Het zorgde voor een absurd tafereel. Paul Rosenmöller en Hans Dijkstal, serieus discussiërend aan de tafel naast ons, en twee willekeurige mensen naast hen, op een willekeurige missie, willekeurige gerechten etend. We filosofeerden over haar toekomst als minister-president en ik als haar adviseur van kans. We hadden lol. Haar lunchpatroon was doorbroken.

Na de ‘after lunch-dip’ dompelden we haar werkpatroon onder in een willekeurige beker waterschap. We gingen ditmaal op een wat subtielere wijze om met haar routine. We speelden met de locatie waar ze haar e-mails bestudeerde en beantwoordde in combinatie met het onderwerp van die e-mails. Zo las Wietske een artikel over klimaatverandering in de tuin. Ook liet ze The Dice Man haar e-mail beantwoorden en liep ze achteruit door de gangen van haar kantoor koffie te drinken.

Of al deze activiteiten in de buurt komen van haar edge valt misschien te betwijfelen. Of een werknemer ooit geprezen kan worden om haar willekeur valt ook te betwijfelen. Willekeur staat nu eenmaal lager in aanzien dan daadkracht, ambitie en doelgerichtheid. Maar of het zin heeft al deze eigenschappen zó serieus te nemen dat de lol in werken zoekraakt, is net zo twijfelachtig.

Morgen gaat The Dice Man met een lezer zijn patroon als middelbare scholier doorbreken.Voor meer informatie over deze rubriek kijk op nrc.nl/diceman